'Schone vuilverbranding bestaat niet'

ALKMAAR, 28 febr. - Geen activist van het opgewonden soort, eerder bedeesd en bedachtzaam, maar niet van zijn stuk te brengen: Kees Blankendaal, voorzitter van het comite Stop Vuilverbranding Alkmaar. 'Eindelijk gerechtigheid', is zijn commentaar op de uitspraak van de Raad van State, die het comite voluit steun gaf in diens strijd tegen de vuilverbrandingsinstallatie (VVI) op het industrieterrein Oud Overdie. 'Tot voor kort werden we door wethouders en raadsleden nog uitgemaakt voor een hobbyclubje, dat zo nodig actie moest voeren. Nu zien ze dat we in het gelijk zijn gesteld'.

Een lichte triomf dus bij de 35-jarige tuinderszoon, die zijn ijveren voor schone lucht boven Alkmaar en omstreken combineert met een administratieve baan bij Staatsbosbeheer en een studie Russisch aan de Universiteit van Amsterdam. 'Maar we zijn er nog lang niet. Waar het nu op aankomt, is dat men goed gaat nadenken over wat er met ons afval moet gebeuren. Volgens de plannen zal de verbrandingscapaciteit in Nederland als geheel tot het jaar 2000 verdubbelen, maar dat beleid moet radicaal op de helling.

Schone vuilverbranding bestaat niet en daarom is dit systeem uit den boze in een dichtbevolkt en tegelijk agrarisch land als het onze'. Zijn hartekreet klinkt aan de vooravond van spoedoverleg in de Tweede Kamer over de installaties in Alkmaar en Zaanstad. Die voldoen geen van beide aan de normen voor de uitstoot van anorganische chloorverbindingen en stofdeeltjes, waaraan zich zo gemakkelijk de gevreesde dioxinen hechten. Er is een belangrijk verschil tussen beide lokaties: alleen in het geval-Alkmaar waren er omwonenden die bij de Raad van State protesteerden. Met succes. De Alkmaarse oven zou feitelijk dicht moeten, maar het provinciebestuur wil sluiting uitstellen tot er een oplossing is gevonden voor de 120.000 ton huisvuil die hier jaarlijks wordt verbrand.

In afwachting van de uitslag van het Haagse overleg beraadt het comite zich op nieuwe acties. Blankendaal: 'Als de regering tot sluiting beveelt, doen wij niets. Als de zaak openblijft, overwegen we een strafrechtelijke dan wel civiele procedure. In het eerste geval stappen we naar de politie en zeggen we: de VVI is in overtreding. In het tweede geval spannen we een kort geding aan om sluiting af te dwingen. Dat laatste heeft de voorkeur'. Het Alkmaarse comite ontstond in 1981 uit enkele wijkorganisaties (Blankendaal zelf is secretaris van het buurtcomite Omval) en milieugroepen.

Slakken en vliegas

Directe aanleiding was het plan om de capaciteit van de vuilverbranding te verdubbelen. Toen die uitbreiding om andere redenen niet doorging, stelde het comite zich een breder doel: de VVI moest dicht, omdat ze, in de woorden van de voorzitter, 'een enorme belasting voor het milieu betekent en een gevaar is voor de volksgezondheid'. Hij wijst erop dat na verbranding residuen overblijven die 30 procent van het oorspronkelijke gewicht uitmaken: slakken en sterk verontreinigd vliegas, waar ook die dioxinen - het zwaarste gif ooit door de mens gemaakt - in zitten.

Blankendaal: 'Afvalverbranding is eerder een omzettings- dan een vernietigingsproces. 'Verspreid storten', zoals Milieudefensie het noemt. Het is ook een uitermate duur systeem en het wordt nog steeds duurder als men aan de nieuwe richtlijnen van 1989 wil voldoen. Daarom zeggen wij: vuilverbranding is geen oplossing. Wat wij in grote lijnen willen, is dat de motie-Lansink uit 1979, die door de hele Kamer werd gesteund, eindelijk wordt uitgevoerd'. Blankendaal doelt op de drie-, eventueel viertrapsrakket, die Nederland van de nog altijd groeiende vuilberg moet verlossen. Voorop staat preventie, dus voorkomen dat afval onstaat, een verlangen dat vooral op de verpakkingsindustrie slaat. Dan volgt scheiding aan de bron in zoveel mogelijk componenten, onder meer groente-, fruit- en tuinafval ter compostering, waarna het restant naar een installatie gaat die het overgebleven, nog bruikbare materiaal uit de massa verwijdert. 'Dan houden we zo'n tien procent van het oorspronkelijke gewicht over, dat eventueel gestort kan worden', zegt Blankendaal, die echter de voorkeur aan verwerking tot RDF. De letters staan voor refuse derived fuel, een brandstof die zich volgens hem leent voor toepassing in het bedrijfsleven. 'In Duitsland stoken ze al met RDF. Waarom dan in Nederland niet?'

Nieuwe ovens

Maar dat alles kan in de huidige omstandigheden geen verlichting, laat staan een oplossing bieden, want de drietrapsrakket staat praktisch nog aan de grond genageld. Waar moet het Alkmaarse vuil naartoe als de VVI dicht zou gaan? Blankendaal: 'Dat moet u ons niet vragen. Wij kunnen het niet helpen dat de provincie Noord-Holland geen calamiteitenplan blijkt te hebben. En wij kunnen er ook niets aan doen dat de VVI niet aan de normen voldoet. Ze hebben alle tijd gehad om maatregelen te nemen, om een gaswassingsinstallatie en betere filters aan te brengen, maar het is niet gebeurd'. Intussen staat de Alkmaarse VVI, net als die van Zaanstad, toch al sluiting te wachten, maar dan op langere termijn. Even zuidelijk van Alkmaar moet volgens de provincie een nieuwe verbrandingsinstallatie komen, die beide bestaande ovens vervangt. De bedoeling is het complex in 1994 in gebruik te nemen. Tenzij het actiecomite ook deze opzet weet te verijdelen. Blankendaal: 'We hebben al bezwaren ingediend tegen het desbetreffende bestemmingsplan, want we zijn nu eenmaal radicaal tegen vuilverbranding'.