President en despoot

EEN SAMENLEVING in beweging heeft een voorhoede nodig. Twee weken geleden nam Michail Sergejevitsj Gorbatsjov het voorzitterschap op zich van de commissie die de wetgeving moest voorbereiden ter versterking van de presidentiele macht in de Unie van Socialistische Sovjet-republieken. De oude voorhoede, de partij, had zich kort geleden op zijn bevel naar de tros van de karavaan begeven - waarmee een voorschot werd genomen op de voorgenomen scheiding tussen partij en staat. Nergens doemde een nieuwe op zodat er niets anders op zat dan zich zelf aan het hoofd van de colonne op te stellen, casu quo te blijven. De functie van partijsecretaris leende zich daartoe niet langer, de positie van president (voorzitter van de Opperste Sovjet) was te zwak, er moest dus een wet komen waarbij het presidentschap de leidende rol in de staat zou worden toebedeeld. Gisteren aanvaardde het Sovjet-parlement die wet.

Op het eerste gezicht lijkt het alsof de Sovjets de werken van Amerika's 'founding fathers' hebben geraadpleegd. Hun nieuwe president immers is gelijk zijn Amerikaanse ambtgenoot opperbevelhebber van de strijdkrachten, heeft als zodanig de eerste verantwoordelijkheid voor de externe en interne veiligheid van de staat, is de eerste onderhandelaar bij het aangaan van internationale verdragen, presideert over zijn kabinet en kan regeren per 'besluit van de executieve'. Van sommige Westeuropese landen is afgekeken de presidentiele bevoegdheid het parlement te ontbinden en nieuwe verkiezingen uit te schrijven.

Maar waar de Amerikaanse president een krachtig wetgevend en controlerend Congres tegenover zich vindt met eigen bevoegdheden ook op het gebied van de internationale betrekkingen, daar ontbreekt het de Sovjet-parlementarier, zoals tijdens het debat van gisteren opnieuw bleek, nog aan vaste grond onder de voeten - op een uitgesproken minderheid na. Dat is te kwalijker omdat het parlement voor langere tijd niet meer over vergelijkbare kansen zal beschikken om een deel van de macht naar zich toe te trekken. Een zelfbewuste volksvertegenwoordiging had de verlichte despoot Gorbatsjov tegenspel geboden. Zij had haar goedkeuring geweigerd zolang haar eigen positie niet was versterkt samen met die van haar voorzitter.

GORBATSJOV NAM tijdens het debat de parlementariers in de tang met een verwijzing naar de zware omstandigheden waarin het land zich bevond en naar hun eigen verlangen naar een presidentieel systeem. Hij had daarin geen ongelijk. De Unie is bezig uiteen te vallen, de economische toestand verslechtert, de wetten van de traagheid beheersen het bestuur, die passiviteit verhevigt de crisis. De revolutie van bovenaf moest deze cirkel doorbreken, maar is daarin niet geslaagd. Gorbatsjov heeft zich als gevolg daarvan meer en meer gedistantieerd van de partij en heeft zich, nu de partij bewegingsloos bleef, voorgenomen met behulp van de instrumenten van de staat de 'perestrojka' alsnog te verwezenlijken. Die instrumenten moest hij wel eerst in handen zien te krijgen.

Betekent dit dat de Sovjet-Unie de verkeerde weg is ingeslagen? In ieder geval wel een riskante, maar de toestand is zo beroerd dat risico's niet uit de weg kunnen worden gegaan. De geschiedenis kent voorbeelden van vruchtbaar verlicht despotisme in tijden van grote nood. Maar de gevaren liggen op de loer. Dat Gorbatsjov, zich afschermend tegen kritiek, zijn reputatie van geinspireerd hervormer op het spel zal zetten is er slechts een van. Maar zoals gezegd, een samenleving in beweging vraagt om een voorhoede. Is die er niet dan dreigen hetzij verkalking hetzij anarchie of allebei.