Nieuwe topman van Philips is wars van slappe praatjes

EINDHOVEN, 28 febr. - Mensen uit zijn omgeving noemen hem 'in alle opzichten een man van formaat'.

En dan doelen ze niet alleen op de monumentale gestalte, de gestaalde nekpartij en de handdruk van een kolensjouwer. Ze hebben het vooral over zijn kwaliteiten als 'een natuurlijke leider', als 'een man die met zijn optreden als vanzelf respect afdwingt'. Jan D. Timmer, de volgende president-directeur van Philips, is meer een doener dan een denker. Hij houdt niet van slappe praatjes, stuurt recht op zijn doel af, maar zal daarbij nooit onbeheerst of onbesuisd te werk gaan. Hij zal eerst observeren, heel geduldig registreren. Pas als hij weet wat voor vlees hij in de kuip heeft, als hij een probleem volledig doorgrond heeft, zal hij in actie komen, maar dan ook snel en doelgericht.

Het grootste talent van Timmer is misschien wel dat hij zich met de goede mensen weet te omringen. Hij is een uitstekend teamleider, kan goed delegeren, heeft een subtiele manier om mensen te motiveren. Timmer heeft een groot vertrouwen in eigen kunnen, maar schenkt zijn medewerkers een zelfde geloof.

De toekomstige president-directeur van Philips is geen diepgravend analyticus. Hij vindt het belangrijker om de situatie van het moment te doorgronden dan om te achterhalen hoe ze is ontstaan. En hij zweert, volgens zijn eigen woorden, bij 'eenvoudige maatregelen die duidelijkheid brengen'.

'Managen is eigenlijk ontzettend simpel', heeft hij eerder in een interview verklaard.

Van details wenst hij zich bij voorkeur verre te houden, ook al gaat dat soms onvermijdelijk ten koste van de nuances. Maar dat is een beperking die Timmer met grote blijmoedigheid aanvaardt.

De toekomstige eerste man van Philips denkt niet in rangen en standen. Hij behandelt zijn ondergeschikten even respectvol, voorkomend en afstandelijk als zijn mede-directeuren. Hij beoordeelt ze op hun prestaties, niet op hun verhalen of op hun uiterlijk.

Timmer hecht ook niet aan vormen en decorum. Zijn medewerkers moeten er hem op wijzen dat zijn stropdas scheef zit en dat zijn hemd weer eens uit zijn broek hangt. Bij warm weer gooit hij al snel zijn jasje uit.

Jan D. Timmer, vorige week 57 jaar geworden, heeft zijn hele leven lang gewerkt bij Philips. Achtendertig jaar geleden trad hij als 19-jarige jongen in dienst bij de onderneming en sindsdien heeft hij een tiental functies doorlopen. Vanaf 1963 was hij achtereenvolgens algemeen directeur van Philips Ethiopie, regionaal directeur Afrika en directeur managementontwikkeling in Eindhoven. In 1974 werd hij benoemd tot president-directeur van Philips Zuid-Afrika.

Tijdens zijn zevenjarig verblijf in Zuid-Afrika heeft Timmer zich herhaaldelijk uitgesproken tegen de uitwassen van het apartheidsheidsbewind. Tegelijkertijd onderhield hij betrekkingen met leidende Zuidfrikaanse politici, zoals Pik Botha en Pieter Botha. Timmer was van oordeel dat de scherpe buitenlandse kritiek op Pieter Botha diens oprechte pogingen om het apartheidsregime te versoepelen alleen maar bemoeilijkte.

Ook verzette Timmer zich heftig toen de Europese Gemeenschap in 1977 dwingend voorschreef hoe Zuidafrikaanse vestigingen van Europese bedrijven zich dienden te gedragen. In een interview met de Zuidafrikaanse Financial Mail verklaarde de Philips-topman: 'Multinationals kunnen het zich niet permitteren zich te bemoeien met de politieke structuur van de landen waar ze investeren. Ons personeelsbeleid wordt ingegeven door wat wij denken dat goed is voor ons bedrijf. (..) Wij zijn van mening dat we een verlicht personeelsbeleid voeren, maar dat komt omdat het in ons eigen belang is verlicht te zijn.' Timmers ster rees pas echt in 1981 met zijn benoeming tot president-directeur van Polygram, de muziekmaatschappij van Philips. Het bedrijf was juist door een diep dal gegaan, net als de hele muziekindustrie, omdat de platenverkopen dramatisch waren teruggelopen. De verliezen had zich in vier jaar tijd opgestapeld tot een totaal van 600 miljoen gulden. Timmer zorgde voor de ommekeer.

Hij verzamelde eerst een krachtig team om zich heen, waarop hij volledig kon bouwen. En samen namen ze allemaal 'voor de hand liggende maatregelen', zoals Timmer later simpel verklaarde. Ze stootten verliesgevende activiteiten af, gingen kostenbeparende samenwerkingen aan met andere platenmaatschappijen. Ook gokten ze op de opkomst van de compact disc, wat destijds helemaal niet zo voor de hand lag. Het resultaat was dat Polygram als geen andere muziekmaatschappij van het CD-succes profiteerde. Toen Timmer in 1987 afscheid nam van het Londense hoofdkantoor aan Berkeley Square en van zijn Italiaanse lunchrestaurant in Mayfair, bleek Polygram te zijn uitgegroeid tot een van de meest winstgevende bedrijfsonderdelen van Philips.

Daarna wachtte hem de meesterproef. Tegelijkertijd met zijn opname in de Groepsraad, het hoogste bestuurscollege van Philips, werd hij baas van de Consumentenelektronica-divisie. Dat was niet alleen de grootste eenheid binnen de onderneming, maar ook de meest geplaagde, de divisie die het meest gebukt ging onder Aziatische concurrentie en een te laag rendement.

Opnieuw nam hij alle tijd om een keurcorps te formeren, om tot een gezamenlijke aanpak te komen, om ervoor te zorgen 'dat alle neuzen dezelfde kant op staan', zoals Timmer vorig jaar vertelde. En weer zochten ze samen hun toevlucht tot 'simpele ingrepen': decentralisatie van verantwoordelijkheden, vereenvoudiging van de managementstructuur 'zodat niemand zich meer kan verschuilen', versnelling van de produktontwikkeling. Pas daarna liet Timmer de kantoorverdieping van hem en zijn managementteam aan een ingrijpente verbouwing onderwerpen. De schrootjes, de bruine wanden moesten plaats maken voor een interieur dat meer overeenkwam met het nieuwe imago van de divisie: snel en eigentijds.

En opnieuw lijkt de aanpak van Timmer succesvol. Het bedrijfsresultaat van de divisie is vorig jaar verdriedubbeld. Maar een volledige 'turn-around' - Timmer pleegt zijn 'statements' veelvuldig met Engelse termen te doorspekken - vergt nog een tot twee jaar.

Tegen de tijd dat die klus geklaard is, volgt Timmer dus Van der Klugt op als president-directeur van Philips. Timmer, de teamleider, de eenheidzoeker. Timmer, de bedachtzame bruggenbouwer, de bemiddelaar. Dat lijkt een logische keuze na Dekker, de staatsman, de wegbereider. En na Van der Klugt, de gedrevene, de structureerder, de eenzame vechtersbaas.

Jan. D. Timmer, de nieuwe president-directeur van Philips, slaagde erin het bedrijfsresultaat van zijn divisie Consumentenelektronica vorig jaar te verdrievoudigen. (Fopto NRC Handelsblad/Freddy Rikken)