Sparta verzuimt wankelend Ajax genadeklap toe te dienen

ROTTERDAM, 26 febr. - De overwinning vorige week van Ajax tegen PSV echode gistermiddag nog na op Spangen, waar trainer Rob Baan van Sparta ten onrechte van de veronderstelling uitging dat Ajax 'in een bloedvorm' verkeerde. Met die gedachte in het achterhoofd had Baan publiekslieveling Prince Polley, met zeven doelpunten bij Sparta topscorer achter Peter Houtman (elf goals), buiten het elftal gelaten.

Pas na een half uur spelen werd die fout hersteld. Met de Ghanees als onvervalste derde aanvaller - Prince Polley forceerde zelf de gelijkmaker - zette Sparta Ajax bij vlagen zwaar onder druk. Maar die pressie kwam te laat. Uitgerekend de wegens een maandenlange vormcrisis ter discussie staande Zweed Peter Larsson hielp Ajax uit een vrije trap van Witschge met een kopbal aan een 2-1 overwinning.

Trainer Leo Beenhakker temperde onmiddellijk ieder optimisme met betrekking tot een eventuele landstitel van Ajax, dat er met nog twaalf wedstrijden te spelen relatief het beste voor staat in de eredivisie. Gezien het vertoonde spel van de Amsterdammers gistermiddag, gevoegd bij het feit dat Ajax onder meer nog uitwedstrijden moet spelen tegen Feyenoord en Groningen, een realistische visie van Beenhakker, die echter wel constateerde: 'Voor ons is deze overwinning natuurlijk erg belangrijk omdat we in een fase zitten dat er na vorige week meer druk op de ketel komt. Maar we willen zo vreselijk graag dat het ook wel eens averechts werkt. Mede daardoor is het niet zo'n beste wedstrijd geworden vanmiddag.' Zonder geblesseerde spelers als Roy en Willems vormde Stefan Pettersson een geisoleerde aanvaller bij Ajax, dat al na vier minuten door Jonk de leiding nam en ruim een half uur geen enkel probleem ondervond van Sparta, dat 16.000 toeschouwers had gehuisvest op tribunes waarop door de stormschade van de afgelopen weken geen dak meer zat. Na de wissel van De Nooijer voor Prince Polley begon Sparta echter aan een opportunistisch tegenoffensief waar Ajax aanvankelijk geen enkel verweer tegen had. Het begon met een kopbal van Houtman die ternauwernood door doelman Storm van Ajax met het been onschadelijk werd gemaakt, waarna Blind op de doellijn een sierlijk boogballetje van Sandel tegenhield. Nadat Houtman nogmaals een inzet zag geblokkeerd werd een schot van Luyten echter van richting veranderd door Prince Polley, die Sparta daarmee op 1-1 bracht.

Genadeslag

Ajax leek rijp voor de genadeslag maar daarvoor ontbrak toch de kwaliteit bij Sparta, dat op het middenveld momenteel ervaren krachten als Ron van den Berg en Michel Valke ontbeert en in de aanval te veel moet vertrouwen op verbleekte routiniers als Houtman en Rene van der Gijp. Houtman werd begin van dit seizoen afgedankt door Feyenoord, terwijl Van der Gijp aanvankelijk voor de centen koos in het buitenland. Daarmee heeft de vrolijke flierefluiter Van der Gijp echter wel zijn voetbalvorm verkwanseld, die in het verleden zelfs goed genoeg was voor enkele bevliegingen in het Nederlands elftal.

De tekortkomingen ten spijt meende trainer Baan van Sparta toch: 'Het was weliswaar een bar slechte wedstrijd maar ik vind dat geen van beide ploegen verdiende te winnen.'

Ajax reageerde echter het meest koelbloedig in de vlakke voetbalvertoning. Het negeerde het inconsequente fluiten van Van Swieten (vier gele kaarten), die de Amsterdammers ten onrechte een penalty onthield toen Sandel Pettersson onderuit haalde. Maar Ajax trok het initiatief langzaam naar zich toe.

Ontsnapping

Larsson waagde zich een keer over de middenlijn, lanceerde een bekeken kopbal en werd daarna juichend besprongen door zijn medespelers, die zelf al lang niet meer op deze ontsnapping hadden gerekend. Sparta-stopper Piet Wijnberg sprak wat dat betreft gedenkwaardige woorden toen hij opmerkte: 'Dit Ajax was natuurlijk niet te vergelijken met het elftal zoals dat vorige week tegen PSV speelde. Maar je moet dan toch uitgaan van een zekere onderschatting ten opzichte van ons. Die jongens denken: 'Ach het is Sparta maar'. Daarvan hadden wij beter moeten profiteren.'

    • Marc Serné