Hoe raadsheer Smit zelf dossier werd

HEEMSTEDE, 26 febr. - Morgenochtend krijgt de laatste jaren opgelopen spanning tussen rechterlijke macht en ministerie van justitie een curieus hoogtepunt als een van de vice-presidenten van een gerechtshof in ons land een geschil over een onkostenvergoeding bij de Raad van State uitvecht. Mr. H. Smit (52), voorzitter van een belastingkamer bij het hof in Amsterdam, vraagt het ministerie een bijdrage van jaarlijks 5.000 gulden. Hij vindt dat hij door ruimtenood in het paleis van justitie feitelijk gedwongen wordt om een van de slaapkamers in zijn nieuwbouwwoning te Heemstede als werkkamer te gebruiken.

Rechter Smit wil een tegemoetkoming in de kosten van verwarming, verlichting en interieur van de studeerkamer waar hij sinds 1976 gemiddeld drie van de vijf werkdagen in doorbrengt. Het ministerie weigert dit. Binnenkort wordt de huisvesting van het hof sterk verbeterd, zegt het departement. Smit zit slechts tijdelijk in zijn particuliere werkkamer. Er is trouwens ook geen wettelijke basis voor zo'n vergoeding. Bovendien: was thuiswerken niet decennia lang een gekoesterd privilege van de rechterlijke macht? Zo erg kan het dus niet zijn, zo valt het weerwoord van het hoofd van de departementale directie rechtspleging, mr. J. Demmink, samen te vatten. Wat brengt Smit ertoe om, na 14 jaar raadsheerschap zelf een geoefend conflictoplosser, toch de unieke gang naar de rechter te maken? In 1987 begon hij aan wat hij schertsend 'een demonstratie voor een goeie regeling' noemt. Het was een mengeling van oude irritaties, recente boosheid en de behoefte de net vernieuwde ambtelijke top van Justitie enig weerwoord te bieden. De nieuwe secretaris-generaal, mr. G. J. van Dinter (ex-landbouw), en directeur Demmink (ex-defensie) - ook wel bekend als de twee D's - lieten zich in die periode kritisch uit over de archaische toestanden in het justitie-apparaat. Thuis werkende rechters hoorden voor hen thuis in het rijtje cellentekort, achterhaalde administraties en gerechtsgebouwen die op instorten stonden. Thuis werken leek niet helemaal voor vol te worden aangezien en dat kwam bij Smit aan: 'Ik vond het haast beledigend worden en dacht: nu moet ik maar eens wat terug zeggen'.

Bovendien merkte hij dat de bouwplannen voor de Amsterdamse justitie in die periode almaar werden uitgesteld. De werkkamers werden per nieuwe bouwtekening kleiner: van 28 m krompen ze naar 19 m. Straks worden we er ook nog met z'n drieen tegelijk ingestopt, zo vreesde Smit. Als ze tenminste al gebouwd worden. Kleinere irritaties waren er ook. Het huren van een tijdelijke werkruimte in de nabijheid van het paleis van justitie aan de Prinsengracht bleek voor het hof niet mogelijk. Voor het parket van de procureur-generaal bleek het wel te kunnen. Elders in het land waren er gerechtsgebouwen waar wel werkkamers voor rechters waren. Het leek ongelijk en onredelijk. Smit schreef een eerste verzoek om een werkkamer. Voor de correspondentie is inmiddels een map nodig: raadsheer Smit is zelf een dossier geworden.

Pag.3: Vervolg

De paradox van de situatie is dat departement en rechter het eigenlijk roerend eens zijn. Rechters moeten meer op de rechtbank kunnen werken, vinden beiden. Een moeilijk dossier is zoveel sneller besproken als er geen weken heengaan met het transport per bode van de ene raadsheer naar de andere. Met een vice-president, twee raadsheren, een gerechtssecretaris en een auditeur is alleen al met het transport vier tot zes weken gemoeid, rekent Smit voor. En dan heeft nog niemand er een blik in geworpen.

Op de wekelijkse zittingdag 'wordt zoveel mogelijk gepropt', zegt Smit. Van normaal werkoverleg kan geen sprake zijn. Op de bespreking van concept-uitspraken heeft ieder zich voorbereid, maar de een soms twee maanden eerder dan de ander. Voor het contact met de griffie en met de juridische ondersteuning geldt hetzelfde. De rechters doen soms werk dat net zo goed door het personeel gedaan kan worden, zegt Smit. De produktie van het rechterlijk-apparaat kan twintig procent omhoog als de ondersteuning wordt verbeterd, zegt hij. 'Het is geen werk voor de rechter om zelf elke dag concept-uitspraken te maken. Dat kunnen auditeurs en gerechtssecretarissen beter'.

Maar om soepel te delegeren moeten ze elkaar wel kunnen treffen.

Ook de griffie zou wel een duwtje kunnen gebruiken, zegt Smit. Van zijn dictafoon maakt hij vrijwel nooit gebruik. Het kan weken duren voordat het bandje is uitgewerkt. De administratie is overbelast en onderbezet, waardoor enorme achterstanden kunnen ontstaan. Ooit duurde het een half jaar voordat een vonnis van Smits belastingkamer was getypt.

Tikwerk

De vice-president overweegt niet om zelf een tekstverwerker aan te schaffen. 'Ik vind het absurd om dat voor eigen rekening te doen. Het is trouwens ook geen taak voor de rechter om zelf tikwerk te doen'.

Maar hij weet dat collega's het wel doen. In de dossiers die de bode hem brengt liggen tegenwoordig concept-uitspraken uit prive-printers. Justitie is notoir gierig met haar onkostenvergoedingen, zegt Smit. Naast zijn bureau staat een rijksschrijfmachine onder een plastic hoesje: een ouderwetse mechanische portable. Smit trekt zijn bureaulade open en houdt een rijksnietmachine omhoog, een rijksontnieter, een rijksperforator, een potje rijkscorrectielak en enige rijksschrijfmaterialen. Daarmee is het voor Justitie klaar. Thuiswerkende schoolinspecteurs krijgen van minister Ritzen een volledige bureaukostenvergoeding - onderhoud, telefoon, inventaris, verlichting, verwarming. In een ochtendblad las hij onlangs met waardering hoe minister Maij-Weggen een aantal ambtenaren bij wijze van anti-file experiment thuis laat werken. Zij werden toegerust met fax, computer, modem en telefoon. Smit vertelt zijn verhaal relativerend. Hij heeft veel plezier in zijn werk, zegt hij. Hij wordt er 'niet onredelijk' voor betaald. Maar van onkostenvergoedingen of ambtstoelagen heeft het departement weinig begrepen. Hij betwijfelt of Justitie zo nog wel de beste sollicitanten uit het bedrijfsleven voor de rechterlijke macht kan interesseren. Zijn collega's vinden dat Smit met zijn procedure enigszins overdrijft. 'Maar dat wordt misschien minder als ze merken dat onder het plan-Oort voor een studeerkamer niet meer dan 800 gulden mag worden afgetrokken', zegt de vice-president. Hij moet toegeven dat de nieuwe rechtbank aan de Parnassusweg in Amsterdam bijna is voltooid. Het gebouw aan de Prinsengracht zou dan voor het gerechtshof worden gerenoveerd, maar de Rijksgebouwendienst heeft al laten doorschemeren dat het weleens een hele beperkte opknapbeurt zou kunnen worden. Eerst werkkamers zien en dan geloven, zegt Smit. Maar hij ziet met waardering dat de nieuwe managers bij Justitie er de vaart in hebben. Er wordt flink gebouwd, de organisatiedeskundigen rukken op, weliswaar niet altijd met goede ideeen - maar er gebeurt tenminste wat. Nu nog een goeie onkostenregeling.