Meerderheid Nederlanders blijkt voor eenwording van Duitslanden

DEN HAAG, 24 febr. - Een kleine meerderheid van de Nederlanders is voor eenwording van de beide Duitslanden. Amper een kwart (23,2 procent) van de Nederlandse bevolking is tegen eenwording en een vergelijkbaar percentage (24,4) laat het koud. Dat blijkt uit een enquete die NRC Handelsblad door het bureau Inter/View heeft laten houden onder een representatieve groep van ruim zeshonderd landgenoten.

Van de 52,4 procent die zich in deze peiling voor vereniging heeft uitgesproken beschouwt 10,2 procent zichzelf als een 'sterk voorstander'.

Dat is twee procent meer dan het percentage dat zich als geharnaste tegenstanders typeert.

Onder de CDA-kiezers is het optimisme over de Duitse vereniging het grootst: 62,2 procent is 'sterk' of 'gematigd' voorstander. Onder de aanhang van de PvdA en Groen Links zijn de tegenstanders het sterkst vertegenwoordigd: in die kring sprak zich respectievelijk 26,6 en 26,1 procent uit tegen eenwording.

De tegenstanders zijn oververtegenwoordigd onder de ouderen. Vooral zij die tijdens de bezetting jong waren verklaarden zich tegen (27,1 procent gematigd en 15,3 sterk tegen). Dat is meer dan onder hen die adolescent waren in de oorlog. Onder de mensen die 65 jaar en ouder zijn, betoonden zich 12,6 gematigd tegen en 16,8 procent sterk tegen. Opvallend is dat ook onder de jongeren relatief veel tegenstanders zijn te vinden. In de groep 18 tot 24 jaar is nog geen 47 procent voor, zegt 30 procent geen opvatting te hebben en is 23,2 procent tegen eenwording. Dat is ruim tien procent meer dan onder de 25- tot 44-jarigen.

Het belangrijkste motief van de voorstanders is dat vereniging een einde maakt aan een historisch onlogische tweedeling. Ruim 25 procent van hen noemt dit argument. Ruim eenderde van de voorstanders rechtvaardigt de eenwording door te verwijzen naar de slechte situatie in de DDR of naar de onvermijdelijkheid van de gebeurtenissen. Tien procent is van mening dat ook Duitsers recht hebben op een vaderland. Slechts 1,6 procent zegt dat er nu een nieuwe generatie in Duitsland leeft en we de Tweede Wereldoorlog moeten vergeten. De tegenstanders motiveren hun antwoord door juist te wijzen op de slechte ervaringen uit 1940-45 (35,7 procent) of het gevaar van een te sterk machtsblok in Europa (32,9 procent). Ruim vier procent zegt 'gevoelsmatig' tegen te zijn.

Meer dan de helft van de ondervraagden gelooft niet dat de eenwording het machtsevenwicht in Europa zal verstoren. Eenderde gelooft dat wel, een visie die vooral wordt onderschreven door de tegenstanders. Vergelijkbare percentages zeggen dat Nederland weinig zal merken van de vereniging: 48,5 procent denkt dat de rol van ons land dezelfde zal blijven en 21,9 procent denkt zelfs dat die toe zal nemen. Slechts eenvijfde van de ondervraagden gelooft dat het nu nuttig is om van het Duits weer een verplicht eindexamenvak te maken. Dat is acht procent meer dan het Frans in de enquete verwierp, maar zestig procent minder dan het Engels.

Zaterdags Bijvoegsel: Ronde-Tafelgesprek over de Duitse eenwording