Lafontaine valt in DDR uit naar 'leugenaar' Kohl

LEIPZIG, 24 febr. - De verkiezingsstrijd in de DDR lijkt een venijnige wending te nemen door de vlammende anti-CDU-rede die de Saarlandse minister-president Oskar Lafontaine gistermiddag hield op het partijcongres van de Oostduitse SPD in Leipzig. Hij noemde bondskanselier Helmut Kohl, tegen wie hij het moet opnemen bij de Bondsdagsverkiezingen in december, een 'getapte leugenaar'.

De verkiezingsstrijd in de Bondsrepubliek laat negatieve effecten voelen in de DDR, zo erkende Lafontaine. Maar dat is de schuld van de 'mensen die zich christen noemen maar het eigenlijk niet zijn'.

De kern van de aantijgingen van de CDU-politici, met voorzitter Kohl voorop, is de gelijkstelling van SPD met SED. 'En dat zegt de CDU, die ten dele bestaat uit voormalige nationaal-socialisten die het via de CDU konden brengen tot staatssecretaris, tot minister-president of zelfs tot Bondskanselier'.

En dit soort lieden heeft altijd getracht sociaal-democraten als Brandt, Schumacher en Wehner te deformeren als 'Vaterlandlose Gesellen'.

'Als men de vraag stelt hoe men zich in een systeem van onderdrukking heeft gedragen, dan heeft de sociaal-democratie de betere traditie.' Natuurlijk is de SPD voor de Duitse eenheid, aldus Lafontaine. De SPD is sinds het Heidelberger Program van 1925 voor de Verenigde Staten van Europa. En Europese eenwording betekent natuurlijk de Duitse eenheid. 'Helaas is deze zin niet omkeerbaar. Wij willen de Duitse eenheid in samenwerking met de buurlanden. De huidige eierdans om de Poolse westgrens is daarom volstrekt overbodig'.

Want wat 'de conservatieven' niet begrijpen, aldus Lafontaine, is dat de grenzen een heel andere betekenis hebben gekregen door internationale vervlechting. 'Onze existentiele problemen zijn grenzenloos geworden.'

Het jaar 1989 was niet het jaar van de Duitsers, zoals Kohl roept, maar van alle mensen in Oost-Europa die de dictatuur afwierpen. Het was een grensoverschrijdende beweging, niet het werk van een man of een partij, maar van een maatschappelijk proces. En daarin valt het wereldomvattend reisverkeer. 'En wij wilden de ontmoeting bevorderen. Dat was onze Ostpolitiek. Die begon met de ontmoeting van mensen, niet met de verschuiving van grenzen.'

Halverwege zijn rede kwam Lafontaine over de huidige DDR-problemen te spreken. De monetaire unie moet samen met de economische hervormingen zo snel mogelijk worden doorgevoerd, maar begeleid door sociale maatregelen (pensioenen, huren, WW, etcetera) en door een Europese monetaire unie, want de D-mark moet sterk blijven.

Als de conservatieven in hun politiek slagen, zullen de arm-rijk-verschillen snel toenemen: 'De hulp van de Bondsrepubliek komt niet uit de zak van Kohl zelf, maar uit die van de arbeiders. En als Kohl zegt dat verhoging van de belastingen of verlaging van de defensie-uitgaven niet nodig is, bij God, dan is hij een getapte leugenaar. Niemand zal er ongeschoren van afkomen. Maar als Kohl zijn zin krijgt, zullen het de sociaal-zwakkeren zijn die de wezenlijke bijdrage moeten leveren aan de Duitse eenheid.' Over de defensie zei Lafontaine dat een NAVO-lidmaatschap van een herenigd Duitsland een anachronisme is in een Europa waarin de blokken worden afgeschaft. 'Als Kohl bij zijn volgende spreekbeurt zegt dat de raketten in de Bondsrepubliek niet langer op de DDR gericht zullen zijn, pas dan mag hij terecht zeggen: God zegene ons Duitse vaderland'.

Lafontaine stelde voor onmiddellijk de bouw van de nieuwe gevechtsvliegtuigen 'Jager '90' te schrappen, en het leger in beide Duitslanden in te zetten in de economie, in de voedseltransporten en in de gezondheidszorg.

Hij riep de kiezers op om op 18 maart op de SPD te stemmen zodat de Oostduitse regering 'niet weer zo'n vernedering heeft te ondergaan als premier Modrow in Bonn'.

De vereniging moet zo worden georganiseerd dat de DDR haar zelfrespect en haar eigenwaarde kan behouden. 'Want markteconomie alleen is niet alles. Mensenrechten, democratie en zelfachting, dat zijn de waarden van de sociaal-democratie.' Na afloop dankte de congresvoorzitter Lafontaine voor 'het vuurwerk'.

'Als dit zo doorgaat, zijn we niet bang voor de 18de maart'.

Zowel onder het grote gezelschap Westduitse SPD-prominenten, onder wie Egon Bahr, Karsten, Voigt en Gunter Grass, als onder de congresgangers waren evenwel ook kritische geluiden te horen. 'Te populistisch, te zeer op eigen verkiezingscampagne gericht.'

Het gros van de gedelegeerden leek te oordelen als die ene man die in vervoering zei: 'Ik heb eindelijk een spreker gehoord'.