Duarte was man van het midden in een land zonder politiekcentrum

MEXICO-STAD - Jose Napoleon Duarte, de man die twintig jaar lang een sleutelrol speelde op het turbulente politieke toneel van El Salvador en afgelopen juni een vijfjarig presidentschap afsloot, is gisteren op 64-jarige leeftijd overleden in San Salvador. Toen zijn artsen anderhalf jaar geleden een ernstige vorm van maagkanker bij hem constateerden, gaven zij Duarte nog hoogstens een half jaar te leven. Maar door een ijzeren wilskracht en geregelde behandelingen in de Verenigde Staten wist hij dat doodvonnis ruim een jaar uit te stellen. De laatste maanden woonde de voormalige Salvadoraanse leider in Guatemala wegens de oplaaiende guerrilla-oorlog in El Salvador. Maar het afgelopen weekeinde keerde hij terug naar San Salvador waar hij wilde sterven.

De emotionele Duarte, wiens politieke leven en persoonlijkheid in veel opzichten een afspiegeling vormden van de recente geschiedenis van zijn land, wordt heel uiteenlopend beoordeeld. Zijn aanhangers in het christen-democratische kamp beschouwen hem als een historische figuur, die de semi-feodaliteit in El Salvador doorbrak en met succes een proces van democratisering en modernisering op gang bracht. Zijn talrijke tegenstanders van zowel links als rechts zien dat radicaal anders.

Opportunist

Het linkse Nationale Bevrijdingsfront Farabundo Marti, waarmee Duarte drie keer vergeefs vredesoverleg voerde, noemde hem eem opportunist en een lakei van de yankees. Rechts-El Salvador beschouwde hem als een crypto-communist die met zijn socialistische ingrepen - landhervormingen, banknationalisatie - de Salvadoraanse economie een moeilijk te herstellen schade berokkende. Jose Napoleon Duarte werd dan ook wel beschreven als een man van het midden in een land zonder substantieel politiek centrum.

In de jaren '60 behoorde de in Georgetown afgestudeerde ingenieur Duarte tot de oprichters van de christen-democratische partij en in 1968 wist hij al het burgemeestershap van de hoofdstad San Salvador te veroveren. In 1972 trok hij bij presidentsverkiezingen duidelijk aan het langste eind, tot ongenoegen van de militairen, die toen nog particuliere lijfwachten waren van de zogeheten 'veertien families' die het land beheersten. Dus arresteerden en martelden zij hem, waarna Duarte zeven jaar in ballingschap doorbracht in Venezuela.

In 1979 mocht hij terugkeren en een jaar later werd hij onder druk van Washington tot hoofd van een burgerlijk-militaire junta benoemd. In datzelfde jaar bereikte de terreur van rechts bizarre hoogten en kwam ook de linkse guerrillastrijd op gang. Maar zoals de tamelijk machteloze Duarte toen al in zijn steenkolen-Engels uitlegde: 'Be patient. I am in the process of control.'

In 1982 werd hij verslagen door de rechtse Arena tijdens provisorische verkiezingen voor een voorlopige president die democratische verkiezingen moest organiseren. Die verkiezingen hadden plaats in 1984 en werden overtuigend gewonnen door de christen-democratische kandidaat Duarte die daarbij alle politieke en financiele steun kreeg van Washington.

Democratisering

Onder Duarte werd zeker vooruitgang geboekt op het terrein van de democratisering en liepen de schendingen van de mensenrechten aanzienlijk terug. Maar de Salvadoraanse leider wist geen einde te maken aan de slepende burgeroorlog. Daardoor bleef het beloofde economische herstel uit en werd het politieke doodvonnis van de christen-democratie in feite beklonken. Daar kwam bij dat de getalenteerde politicus Duarte een zwakke bestuurder bleek, die geen adequate plannen wist te ontwikkelen en de opzichtige corruptie van zijn naaste medewerkers te gemakkelijk door de vingers zag.

In juni 1988 hoorde Duarte dat hij aan ongeneeslijke maagkanker leed. Hoewel hij direct werd geopereerd en daarna geregeld naar Washington reisde voor de pijnlijke chemotherapie, hield hij de leiding van het land formeel in handen. In maart jwerden de gespleten christen-democraten tijdens de presidentsverkiezingen geheel volgens verwachting van de kaart geveegd door Freddy Cristiani, de kandidaat van de rechtse Nationale Republikeinse Alliantie (Arena) die op 1 juni de macht overnam van de zieke Duarte. Diens laatste half jaar leverde nieuwe decepties op: een Arena-regering, die zijn programma van landhervorming terugdraait, een tienjarige burgeroorlog die tot ongekende hoogte oplaait en een zorgwekkende verslechtering van de mensenrechtensituatie.