SEP plant groot bos in Zuid-Amerika

DEN HAAG, 23 febr. - De samenwerkende elektriciteitsproducenten in Nederland (SEP) gaan de komende jaren een bijdrage leveren aan verbetering van het milieu door een ontzwavelingsinstallatie in Polen te bekostigen en in Zuid-Amerika een bos ter grootte van de provincie Drenthe aan te planten.

Met het nieuwe bos wil de SEP de uitstoot van kooldioxide (CO2) door twee nieuwe Nederlandse kolencentrales voor de stroomvoorziening compenseren. Momenteel is compensatie van de CO2-uitstoot de enige reele manier om de hoeveelheid kooldioxyde (belangrijke veroorzaker van het broeikaseffect) te beperken. Bomen nemen deze stof op. In Nederland is geen ruimte voor grootschalige bosaanplant.

De kosten van het bosproject in Zuid-Amerika, dat in nauw overleg met het ministerie van landbouw en het Tropical Forestry Action Plan wordt gerealiseerd, belopen gedurende 25 jaar 40 miljoen gulden jaarlijks. SEP-directeur ir. N. G. Ketting zei gisteren goede hoop te koesteren dat minister Alders (milieuhygiene) zal instemmen met bekostiging voor de helft (20 miljoen per jaar) uit een korting op de CO2-heffing. Nu betalen de elektriciteitsbedrijven samen jaarlijks 70 miljoen gulden voor de CO2-uitstoot.

Naast het CO2-probleem is er de verzuring van het milieu, gedeeltelijk te wijten aan de uitstoot van zwaveldioxyde (SO2) die zich verspreidt over grote gebieden, aldus de SEP. Van de SO2 die in Nederland neerslaat is 28 procent afkomstig uit West-Duitsland, 7 procent uit Oost-Europa en 21 procent uit Nederland zelf. Een grensoverschrijdende aanpak is nodig, zegt de SEP. Omdat een investering in Polen negen maal zoveel effect heeft als in Nederland, waar de elektriciteitscentrales zijn voorzien van moderne ontzwavelingsinstallaties, geeft de SEP er de voorkeur aan zo'n installatie in de centrale in Polaniec, in het oosten van Polen, te bouwen. Daarover is met het nationale elektriciteitsbedrijf overeenstemming bereikt. Het project en de nodige kennisoverdracht (in totaal 60 miljoen gulden) wordt door de SEP betaald.

Met deze investering zou in Nederland een vermindering van 6 kiloton per jaar bereikt worden, maar in Polen vermindert de emissie met 45 kiloton per jaar. De Polen krijgen ook de licentie zodat ze zelf meer installaties kunnen bouwen. De rookgasontzwaveling in dat land is hard nodig omdat er veel zwavelhoudende kolen worden gestookt, terwijl men 'schone' kolen exporteert.

De samenwerkende elektriciteitsproducenten zijn ook bezig met de oprichting van een nationale databank voor energieverbruik en -besparing in Nederland en ze besloten onlangs tot de bouw van vijf eenheden voor warmte-krachtkoppeling van elk 250 Megawatt. De afvalwarmte die bij de elektriciteitsopwekking vrijkomt, wordt door deze koppeling veel meer nuttig gebruikt. Dat betekent een lager brandstoffenverbruik en minder uitstoot van schadelijke stoffen in het milieu.

Ir. Ketting zei gisteren dat de SEP in Nederland alle aanvullende technische voorzieningen ter bescherming van het milieu zal treffen die in redelijkheid verlangd kunnen worden. Een relatief dure voorziening aan een verouderde centrale die niet meer constant wordt gebruikt, valt daar zijns inzien niet onder. Binnenkort zal een convenant tussen het ministerie van VROM en de SEP worden afgesloten. Ketting hoopt dat daarin een landelijk maximum voor verzurende emissies door alle 40 elektriciteitscentrales samen wordt vastgelegd.

Leden van de vier grootste fracties in de Tweede Kamer betuigden gisteren instemming met de plannen van de SEP. Alleen de vertegenwoordiger van Groen Links plaatste kritische kanttekeningen. Sige, het samenwerkingsverband van een twintigtal energie-intensieve bedrijven, is niet te spreken over de plannen van de SEP. Sige-secretaris E. de Ferrante vindt het goed dat er wat aan het milieu wordt gedaan, maar vreest dat op deze manier de grote energie-intensieve bedrijven extra worden belast. De SEP zal een gedeelte van het geld dat nodig is voor de milieumaatregelen binnenhalen door verhoging van de stroomprijs. 'En alles wat je via de stroomprijs belast wordt onevenredig veel door energie-intensieve bedrijven gedragen. De verdeling van de lasten is volstrekt willekeurig en eenzijdig', aldus De Frerrante.