'Gedwongen opname komt enkele malen per jaar voor'

RIJSWIJK, 22 febr. - Het komt in Nederland enkele malen per jaar voor dat een psychiatrische patient gedwongen wordt opgenomen zonder dat hij of zij door de rechter is gehoord. Dit zegt de hoofdinspecteur voor de geestelijke volksgezondheid, J. B. van Borssum Waalkes naar aanleiding van de uitspraak van het Europese Hof gisteren over een 68-jarige vrouw. Deze kreeg 15.000 gulden schadevergoeding toegewezen omdat ze zonder door de rechter te zijn gehoord in 1983 gedwongen in een psychiatrische inrichting moest verblijven.

Van Borssum Waalkes: 'In die gevallen die ons bekend zijn kan de rechter een patient niet horen omdat deze bijvoorbeeld aan een stoornis lijdt waardoor contact onmogelijk, of zelfs schadelijk is. Zo was er vorig jaar een patient met een vervolgingswaan die dreigde met ernstige gewelddaden als hij met de rechter zou moeten spreken. In dat soort gevallen ziet een rechter van het horen van de patient af.' Het horen van psychiatrische patienten door de rechter bij een gedwongen opname moet in Nederland sinds begin 1980. Toen vaardigde het ministerie van Justitie, als gevolg van een uitspraak van het Europese Hof over een Nederlandse patient daartoe richtlijnen uit. Deze kwestie zal pas wettelijk geregeld zijn als het wetsvoorstel Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen (BOPZ) wordt aangenomen. Het eerste ontwerp van dit wetsvoorstel, dat de nu ruim honderjarige Krankzinnigenwet moet gaan vervangen, dateert van 1971. Het voorstel werd al in 1983 door de Tweede Kamer aangenomen, maar dreigde daarna in de Eerste Kamer te stranden. Een ontwerp tot wijziging van het oorspronkelijke voorstel moet de bezwaren van de Senaat wegnemen. Dit ontwerp wordt binnenkort in het parlement behandeld. Volgens de hoofdinspecteur maakt het wetsvoorstel een goede kans. Bij het Europese Hof zijn nog vier andere zaken in verband met de Krankzinnigenwet in behandeling.