Bouwvakkers klaar voor lange staking

AMSTERDAM/UTRECHT, 22 febr. - Bij de ingang van de congreszaal Marcanti in Amsterdam worden oranje foldertjes uitgedeeld. Het betreft een uitnoding om volgende week donderdag in Sporthal-Zuid in Amsterdam te komen stempelen. De bouwvakkers maken zich blijkbaar op voor een langdurige staking.

Aan het begin van de zaal wijst een bord de stakers in naar de juiste tafel: 'FNV links en CNV rechts'. De leden van de Vakvereniging 'Het Zwarte Corps' (draglinemachinsten en kraandrijvers) moeten zich aan de middelste tafel vervoegen.

Marcanti is eigenlijk nu al weer te klein voor het aantal stakers. Zo'n 750 man moesten vanochtend hier stempelen en nog eens 1.000 man kwamen van andere stempelposten naar deze zaal om FNV-voorman Stekelenburg te horen spreken. 'U, Nederlandse bouwvbakkers, staat nu vooraan in de strijd. Wij staan achter u. Laat uzelf en ons niet in de hoek zetten. Volhouden!', zegt Stekelenburg. Een donderend applaus is zijn deel. 'Voor 8 maart is ook al een zaal gehuurd', zegt een vakbondslid die achter een lange tafel de stakingskaarten van de stakende bouwvakkers stempelt. 'De sfeer zit er goed in en iedereen doet prima mee. Trots wordt gemeld dat het aantal stakers vandaag over het hele land de 13.000 is gepasseerd. De suggestie dat veel stakers wellicht van de gelegenheid gebruik maken om hier en daar een klusje te doen, valt bij hem in verkeerde aarde. 'Bij elke staking heb je dat. Mischien zijn het er in totaal honderd of tweehonderd. Maar hoe langer de staking duurt hoe beter we ook die fuik kunnen dichttrekken. Ook veel kleine bouwwerken doen mee met de akties. Vergis je niet!'. Vakbondsbestuurder D. van Haaster van de Bouw- en Houtbond FNV zegt eigenlijk beduusd te zijn van het grote succes van de staking. 'Dat ze zo hard zouden lopen had ik niet verwacht.'

Diegenen die menen dat de bouwvakker niet voor arbeidsduurverkorting de straat op zouden gaan en slechts voor meer loon zouden staken, zo zegt Haaster, worden door deze grote opkomst geloochenstraft.

P. van der Leeden van de Bouw- en Houtbond FNV komt daar later in zijn toespraak voor de zaal nog op terug. 'Het zou gaan om een schijngevecht, een achterhoedegevecht of een schimmenspel. Aan die twijfel is nu een einde gemaakt. Meer dan 13.000 mensen gaan niet in staking om een niemandalletje!' In zalencentrum De Malle Jan in Utrecht raakt de stempelmachinerie vanmorgen voor korte tijd overbelast. Ingeklemd tussen ruim duizend stakende bouwvakkers raken de vakbondsbestuurders even het spoor bijster. 'Jongens, kalm aan, er dreigen mensen doodgedrukt te worden', maant een actieleider, die staande op een tafel het overzicht probeert te houden.

De stemming in De Malle Jan duidt op een balorige strijdbaarheid. De onversneden peptalk van vakbondsleiders - 'we hebben altijd keihard gebuffeld, mag er dan alsjeblieft wat bij ?' - krijgt vrolijke afwisseling van stampende carnavalskrakers.

Metselaar G. Thissen uit Groesbeek slaat het massaliteit met gemengde gevoelens gade. 'Ik staak omdat ze allemaal staken. Voor mij hoeft het niet. Die 36 uur slaat nergens op. Je moet straks alleen maar harder werken. De uitvoerders laten zich toch niet van hun strakke schema's afbrengen. We kunnen beter staken voor een goede Vut. De bouw verslijt mensen bij de vleet.'

Geld er bij hoeft voor Thissen ook niet zo nodig. 'Mijn baas betaalt veel meer dan het CAO-loon.' De meningen over de arbeidstijdverkorting zijn verdeeld. Hoewel de bouwbonden van FNV en CNV onder druk van negatieve geluiden uit de achterban het strijdparool een algemene lading hebben gegeven - 'staak voor een goede CAO' - is de eis voor een 36-urige werkweek nog steeds het belangrijkste knelpunt in het CAO-duel.

Positief over de 36-ureneis is kraanmachinist T. de Wit uit Montfoort. 'Door de stijgende rente zal het bedrijfsleven minder investeren. Dat zullen we in de bouw gaan merken. Met arbeidstijdverkorting kunnen we meer mensen aan het werk houden'.

Veel bouwvakkers noemen de arbeidsomstandigheden in de bedrijfstak als het belangrijkste thema voor de komende jaren. Voor metselaar J. van Leur reden om de 36-urige werkweek te omhelzen als een welkome verbetering van de arbeidsvoorwaarden. 'De werkgevers schroeven de eisen steeds hoger op. Twee jaar geleden moest je achthonderd stenen per dag metselen, dat zijn er nu duizend. Geen wonder dat je zo nu en denkt: ik meld me ziek, bekijk het maar een paar weken'. Van de dertigduizend werknemers die de bouwnijverheid jaarlijks verlaten, verdwijnen er 6.500 in de WAO. 'De mensen lopen de hele dag door de modder te zeulen. De afgelopen winter waren we vrijwel iedere dag zeiknat. Wat de werkgevers met de ziektewet-uitkering willen is verschrikkelijk', aldus metselaar H. van den Akker.