Gezeur en genegenheid tussen kunst en politiek

AMSTERDAM, 21 febr. - 'Nergens is de verhouding tussen de kunstwereld en de politiek zo verstoord als in Amsterdam. Er is een permanent vertoon van wederzijds wantrouwen, onbegrip, roddel en achterklap.'

In duidelijk taal sprak gisteren directeur Joost Nuissl van het Amsterdamse theater De Kleine Komedie tot zijn gasten. Dat waren enkele in cultuur geinteresseerde gemeenteraadsleden van de Amsterdamse PvdA, onder wie de wethouders Walter Etty en Louis Genet. Die verhouding, waarin gezeur en genegenheid beurtelings om voorrang strijden, heeft veel weg van een lang sudderende echtelijke twist. De raadsleden haastten zich Nuissl te verzekeren, dat er helemaal geen ressentiment was na de met veel publiciteit omgeven reddingsacties voor de Kleine Komedie, hoe kon hij dat denken. Maar wethouder Etty (financien) kon niet nalaten op te merken, dat de kunstinstellingen die op de hoofdstdelijke PvdA schelden, tevens hun financiele heil ervan verwachten. Dit theater, dat onlangs voor een miljoen gulden is gerenoveerd, krijgt overigens weer structurele subsidie.

Dat deze bijeenkomst werd gehouden aan de vooravond van de beslissing vandaag over bezuinigingen bij het Amsterdams Uitburo, was toeval. Dat belette Nuissl niet deze nieuwe kunstkwestie in zijn betoog te betrekken. 'De voornemens van de politiek ten aanzien van de kunst, ook het Uitburo, worden slecht onderbouwd. Als de politiek de kunstwereld niet anders benadert dreigt er een neerwaartse spiraal te ontstaan. Er ontbreekt een gezamenlijk gevoel van tevredenheid over wat er in de Amsterdamse kunstwereld dagelijks tot stand komt en de noodzaak daarvan.' Wethouder Etty was het op een punt met Nuissl eens: over de kunsten worden te vaak ad hoc beslissingen genomen, er moet een meerjarenbeleid komen. Maar: 'Het kunstbedrijf in Amsterdam slaagt er al decennia niet in, grote groepen Amsterdammers te trekken. De Amsterdamse PvdA staat dan ook voor een moeilijke zaak: enerzijds moet ze de kunst de mogelijkheden bieden zich te ontwikkelen, anderzijds merken vele Amsterdammers daar niets van.'

    • Tracy Metz