'Aanbod Maij-Weggen voor oeververbinding is inconsequentestap'

Niet bekend

Volgens de milieufederatie is het inconsequent dat de minister aan de ene kant maatregelen neemt om het autoverkeer in Nederland af te remmen en anderzijds instemt met een verbinding die juist verkeer zal aantrekken. Kramer wijst erop dat de oeververbinding niet nodig is om Zeeuwsch-Vlaanderen uit zijn isolement te halen. 'Daar is men al heel lang sterk gericht op Belgie.'

Omrijden

Zowel landelijk als internationaal gezien is een vaste oeververbinding overbodig, vindt Kramer. 'Er liggen nu twee veerverbindingen en als er straks een centraal gelegen vaste verbinding komt, moeten mensen uit het oosten en westen van Zeeuwsch-Vlaanderen omrijden. Die zijn daar niet zo blij mee.'

De bouw van de Liefkenshoektunnel onder de Schelde bij Antwerpen is volgens de milieubeweging reden te meer om voorgoed van het project af te zien. Deze toltunnel, waar volgend jaar de eerste auto's doorheen rijden, is straks een belangrijke schakel in de verbinding tussen Nederland en Belgie.

Het Zeeuwse provinciebestuur presenteert vrijdag de tracenota/milieu-effectrapportage (MER) die bij de plannen voor de vaste oeververbinding hoort. Daarmee komt de keus voor een van de drie mogelijke traces een stap dichterbij. Een brug-tunnel of een tunnel op de plaats waar nu het veer Kruiningen-Perkpolder vaart, richt de minste schade aan het milieu aan. Nadelen van deze variant zijn dat het veer Vlissingen-Breskens in stand moet worden gehouden en de concurrentie van de Liefkenshoektunnel.

Economisch is een trace tussen Terneuzen en Ellewoutswijk, ten oosten of westen van deze plaatsen, het meest aantrekkelijk. In dat geval blijft er tussen Vlissingen en Breskens een door de provincie betaalde veerverbinding voor voetgangers en fietsers bestaan.

Tijdwinst

De Zeeuwse Milieufederatie heeft de provincie beloofd dat niet zal worden geprobeerd om met allerlei inspraakprocedures tijdwinst te boeken. De milieubeweging wil dat de plannen voor een vaste oeververbinding eenmalig door een onafhankelijk lichaam, de Raad voor de Waterstaat, worden getoetst. Onderhandelingen over de bouw van een vaste oeververbinding waren vorig jaar zomer in een vergevorderd stadium totdat Belgie bezwaar maakte tegen een brug over de Westerschelde. De Belgen vreesden dat het scheepvaartverkeer van en naar Antwerpen geen onbelemmerde doorgang kon worden gegarandeerd. Toenmalig minister van verkeer en waterstaat Smit-Kroes greep de bezwaren bij de zuiderburen aan om het project uit te stellen. Vooral in het belang van 'goed nabuurschap'.