Gewichtheffen sport van vooroordelen

EINDHOVEN, 19 febr. - Om het gewichtheffen hangt zeker na de Olympische Spelen in Seoul een bedenkelijke odeur. De talrijke doping-affaires die anderhalf jaar geleden in Zuid-Korea aan het licht kwamen krijgen nog bijna dagelijks een vervolg via persberichten waarin melding wordt gemaakt van nieuwe bekentenissen dan wel namen van sporters die bij een controle positief zijn bevonden. 'Ik ken mensen die er in het openbaar niet eens meer voor durven uit te komen dat ze aan gewichtheffen doen', zegt Yvonne van der Stoep, coordinator bij de Nederlandse Krachtsportbond (KNKB). Gewichtheffen is verworden tot een sport van vooroordelen. De bezigheid heeft een fors negatief imago op zich geladen, als zouden de wedstrijdente allen tijde worden afgewerkt in schemerige achterafzaaltjes en alle deelnemers periodiek de voorraad van de medicijnkast in de sportschool nuttigen dan wel inspuiten om bij een kampioenschap successen te behalen onder aanmoediging van fel geblondeerde dames. De entourage van de gisteren in Eindhoven gehouden Nederlandse titelstrijd bevestigt evenwel een groot deel van de vooroordelen, al wijzen de deelnemers het gebruik van doping in elk geval krachtig van de hand.

Zo ook Maurice Goosen, de gewichtheffer van KSV Apollon uit Den Haag die in in een ietwat opkruipend elastisch pakje de titel in de klasse tot 82,5 kilogram veroverde. 'Dit is een prachtige sport met een verschrikkelijk slecht imago. Alles wat nu in de openbaarheid komt, is voor ons oud nieuws. Wij weten al jaren wat er vooral in Oost-Europa aan de hand is. Maar in Nederland wordt eerlijk getraind. Dat weet ik zeker. Ik werk 22 uur per week aan deze sport, ik ben er zelfs part-timevoor gaan werken. Vandaag is er in mijn klasse een enorm spannende strijd geweest. Daar heeft iedereen van genoten, maar alleen de doping komt in de publiciteit. De rest wordt vergeten. Hetzelfde zie je in het voetbal gebeuren. Het vandalisme op de tribunes staat centraal en wat er op het veld gebeurt lijkt langzamerhand van ondergeschikt belang. Ik begrijp daar langzamerhand niets meer van.'

Powerliften

Het heeft er alle schijn van dat voor de gewichtheffer vandaag de dag deomgekeerde bewijslast geldt. Zolang niet is bewezen dat het gespierde lijf vrij is van anabole steroiden, blijft het zwaard van Damocles verradelijk boven zijn hoofd bungelen. Bovendien doet de opkomst van powerliften en bodybuilding, waar het buitensporig geproportioneerde lichaam zich met name leent voor Avro-vermaak, het grotendeels op techniek gebaseerde gewichtheffen weinig goed.

Een simpele remedie lijkt de dopingcontrole, iets waar het ministerie van WVC in het verleden nog subsidie beschikbaar voor stelde, hetgeen er in 1986 toe leidde dat bijna vijftien procent van de Nederlandse wedstrijdsporters werd betrapt op het gebruik van verboden middelen. Vandaag de dag dienen Nederlandse gewichtheffers alleen nog voor internationale wedstrijden een verklaring te ondertekenen dat ze dopingvrij zijn. Voor controles bij nationale kampioenschappen is pijnlijk genoeg geen geld meer. Volgens KNKB-voorzitter Bijster is de bond tegenwoordig zelf verantwoordelijk en dient derhalve ook de onderzoeken te bekostigen.

Bijster: 'Een uitgebreide test kost echter twaalfhonderd gulden en dan mag je hopen dat er geen contra-expertise wordt aangevraagd. Dat is dus niet haalbaar voor ons. Deze week praten we daarover met WVC en de NSF. Er zal iets moeten gebeuren, al doen we dat niet om van dat zogenoemde slechte imago af te komen. Dat valt toch wel mee? Het grootste dopingschandaal op de laatste Spelen was nog altijd het betrappen van Ben Johnson. Atletiek dus. Nederlandse gewichtheffers zeggen dat de sport in ons land clean is. Ik ben geneigd ze op hun woord te geloven. Maar laat ik het zo zeggen: gewichtheffers gebruiken niet meer dan andere sporters. En het is toch een merkwaardige zaak dat elke verrichting in deze amateursport met een argwanende blik wordt bekeken?'

Vreemde reacties

Niettemin blijkt dit vooralsnog de praktijk, zo geeft ook Yvonne van der Stoep, zelf recordhoudster in de klasse tot zestig kilogram, met treurige ondertoon aan. 'Ik krijg vaak vreemde reacties op mijn sport. 'Gut, jij bent helemaal niet breed, gebruik jij geen pillen?' Maar gewichtheffen doe je op techniek. Het is het gevecht tegen de halter en de zwaartekracht. Voordat je aan tillen toekomt moet je letten op de houding van je handen, voeten, rug en hoofd. En dan heb je nog niets gedaan. Maar dat valt niet uit te leggen. De buitenwereld spreekt alleen over doping. En dat raakt ons. Maar het is een feit dat de sportscholen vaak in arbeiderswijken liggen, waar randfiguren rondlopen die deze waren aanprijzen. Het is waar, ik kan er erg gemakkelijk aankomen als ik dat zou willen. En voor sommigen is dan de verleiding misschien toch te groot.'