'Nieuwe zonsopgang' in politiek Japan gaat niet door

TOKIO/NIIGATA, 16 febr. - 'Wat ontbreekt in de Japanse politiek is liefde', roept de Japanse socialistische partij (JSP). Door dozen chocolaatjes - in de flikken is de beeltenis van partijleider Takako Doi geperst - uit te delen hopen de socialisten kiezers te overtuigen van hun liefdevolle bedoelingen voor de verkiezingen van zondag.

'Hoedt u voor het spook van het socialisme' waarschuwt de regerende Liberaal-Democratische partij (LDP) echter met een strooibiljet. De LDP laat in de laatste dagen van de verkiezingscampagne niets na verband te leggen tussen de neergangen van het socialisme in Oost-Europa en de Japanse socialistische partij. 'Er is gezegd dat het in de verkiezingen gaat om een keus tussen liberalisme en socialisme. Dat is onjuist. Die keus is wereldwijd al gemaakt', zei LDP-premier Toshiki Kaifu deze week.

Takako Doi reageerde furieus. Haar partij heeft het idee van een socialistische revolutie 'in de ijskast gezet' en zal op het eerstvolgende partijcongres het idee helemaal schrappen, aldus Doi. Ze betichtte de LDP-politici er op haar beurt van geldwolven te zijn. Doi is voor veel Japanse kiezers een verademing in de door mannen gedomineerde politiek. Haar heldere taalgebruik en haar betrokkenheid bij de noden van de gewone mensen spreken aan. Maar het zal haar naar alle waarschijnlijkheid niet helpen. De socialisten zullen volgens de vandaag gepubliceerde prognose van het persbureau Kijodo overmorgen weliswaar flinke winst boeken ten opzichte van de verkiezingen in 1986 - Kijodo voorspelt bijna een verdubbeling van de aanhang van 13 naar 24 procent - maar de winst van de socialisten zal ten koste gaan van de andere kleinere oppositiepartijen, zo is de verwachting en niet van de oppermachtige LDP die het land sinds 1955 onafgebroken regeert.

Comfortabele meerderheid Het stemmenpercentage voor de LDP zou zelfs licht stijgen en op bijna 47 procent komen. Dank zij het Japanse districtenstelsel houdt de regeringspartij zo een comfortabele meerderheid in het 512 leden tellende Lagerhuis.

Het zag er vorige zomer nog zo goed uit voor de JSP van Takako Doi, die 3 jaar geleden de eerste vrouwelijke partijleider werd in Japan. In april 1989 voerde de regering - toen nog geleid door Noboru Takeshita - tegen haar belofte een belasting van 3 procent in op alle consumptiegoederen, hetgeen de LDP op bittere kritiek kwam te staan. Het toestaan van buitenlandse landbouwprodukten bracht vervolgens de Japanse boeren in verzet. Omkoop- en seksschandalen vraten verder aan het imago van de LDP, die daardoor bij verkiezingen in juli voor het Hogerhuis - dat ondergeschikt is aan het Lagerhuis - haar absolute meerderheid verloor. De JSP boekte grote winst. Doi sprak lyrisch van een 'nieuwe zonsopgang in de Japanse politiek'.

De JSP had handig gemanoeuvreerd, trok veel vrouwelijke kiezers die verontwaardigd waren over de slippertjes van de LDP en wist vooral stemmen te vergaren met haar verzet tegen de invoering van de consumptiebelasting. Doi had daarna grootse plannen. Ze wilde 180 socialisten kandidaat stellen in de 130 kiesdistricten voor de Lagerhuisverkiezingen (in het ingewikkelde Japanse systeem worden per district 2 tot 6 kandidaten verkozen). Een coalitie met drie oppositiepartijen in het centrum zou de regering van de LDP naar de kroon moeten steken.

De JSP-karavaan van mevrouw Doi reisde deze week naar Niigata, 350 kilometer ten noorden van Tokio, waar twee socialisten kandidaat staan. Zoals overal elders dwong de socialistische leider ook in Niigata respect af. 'Je kunt zien dat ze gelooft in wat ze zegt en dat kan je van heel weinig politici zeggen' zei een rijstboer die in een keurig pak en rubberlaarzen naar de bijeenkomst was gekomen.

Niet realistisch Takako Doi heeft echter ondanks alle retoriek tijdens haar campagne niet weten te verhullen dat het haar partij ontbreekt aan een realistisch programma. De consumptiebelasting wordt door alle Japanners verafschuwd, maar premier Toshiki Kaifu heeft de mensen er zo langzamerhand van kunnen overtuigen dat de overheid ergens haar inkomsten vandaan zal moeten halen om de snel vergrijzende Japanse samenleving te kunnen financieren. De JSP, die afschaffing van de 3-procentsheffing tot hoofdthema in de verkiezingen heeft gemaakt, biedt geen enkel alternatief.

Doi mompelde op vragen van verslaggevers dat ze de door de LDP afgeschafte heffing van 20 procent op luxe artikelen (kleurentv's en mooie auto's) wil herinvoeren. Maar luxe, dat is juist hetgeen door alle Japanners wordt begeerd en een belasting daarop is wel het laatste dat men wil.

De buitenlandse politiek van de JSP is gebaseerd op politieke verhoudingen van 30 jaar terug. Door toedoen van een sterke marxistisch-leninistische stroming in de partij heeft de JSP nog steeds nauwe banden met de Noordkoreaanse communistische partij van Kim Il Sung. Zuid-Korea wordt door de JSP nog niet erkend. Tot overmaat van ramp raakten de socialisten in de herfst verstrikt in een eigen schandaal. Japanse kranten suggereerden dat geld uit de pachinko-industrie (een populair gokspel met flipperkasten) via de JSP werd doorgesluisd naar Noord-Korea. Doi wist de berichten niet te ontzenuwen.

Om de macht van de LDP te breken zou de JSP aangewezen zijn op andere oppositiegroeperingen. De JSP, de Democratisch- Socialistische Partij en de Komeito-partij onderhandelden echter de afgelopen maanden zonder succes over een coalitie. De partijen konden op vrijwel geen enkel politiek terrein tot een gezamenlijk standpunt komen.

Ten slotte mislukte ook het laatste plannetje van mevrouw Doi. De JSP is er niet in geslaagd zoveel kandidaten te leveren dat de LDP kan worden verslagen. Geen 180 maar 148 socialisten zijn verkiesbaar.