Duitse eenheid gereduceerd tot de vraag: wat kost de DDR?; EEN KWESTIE VAN GELD

Bijna niets heeft in het elektrocardiogram van het Duitse volk zulke grote pieken en dalen veroorzaakt als het geld. Dat ervoer de Republiek met haar Reichsmarken, dat ervaart de DDR nu met haar 'Blechmarken' en het lijkt erop dat het herenigde Duitsland dat zal ervaren met de Deutsche Marken. Na het bezoek van bondskanselier Kohl aan Moskou en het bezoek van het kabinet-Modrow aan Bonn krijgt men, zeker uit Oost- Berlijn bezien, de indruk dat Bonn dank zij de macht van de D-Mark de kans op de Duitse eenheid heeft gereduceerd tot een kwestie van geld: wat kost de overname van de DDR? De zelfverzekerdheid waarmee Kohl deze 'geldpolitiek' bedrijft groeide de afgelopen week bijna tot het niveau van arrogantie. Dit is niet vrij van risico's. Want wat geld is voor de Duitsers, is Duitse arrogantie voor de buren, en daartoe behoren ook, al is het nog maar even, de Oostduitsers. De DDR heeft in Bonn Das Kapital van Marx definitief ingeleverd om er het kapitaal van Kohl voor terug te krijgen. Het is niet waarschijnlijk dat Kohl het boek nog eens zal inkijken. Hij lijkt de stelling van de negentiende eeuwse filosoof Schopenhauer - 'geld alleen is het absolute goede' - te prefereren boven wat Marx over dit onderwerp te berde bracht. Die schreef in 1844 dat geld meer is dan alleen maar een middel ter bevrediging van behoeftes. 'Het is', schreef hij, 'de talisman die de eigenschap bezit om zowel de capaciteiten van de mensen te veranderen die geld bezitten alsook hun betrekkingen met derden te veranderen.'

Marx mag dan nergens gelijk in hebben gehad, hiermee had hij het, wat Kohl betreft, misschien wel. Sterkste wapen Natuurlijk, de Bondsrepubliek wordt sinds de zomer van vorig jaar overvallen door de gebeurtenissen en heeft in feite helemaal geen keus wat de eenheid betreft. Die komt hoe dan ook: of door de samenvoeging van de twee staten of door de samenvoeging van de twee volken op Westduits grondgebied. Om de afwikkeling van het proces te bespoedigen, dat Kohl om praktische en nationalistische redenen - hij werd ooit wegens de eenheid van Duitsland lid van de CDU - noodzakelijk acht, werd echter wel opvallend snel besloten 'Duitslands sterkste wapen', de D-Mark, in te zetten. De Hongaren kregen een half miljard als dank voor het gat dat zij in het IJzeren Gordijn hadden geknipt, en onmiddellijk na de val van de Muur bracht minister Genscher nog eens dit bedrag naar Boedapest. De Polen kregen een half miljard om niet al te veel bezwaren te maken tegen de komende hereniging. En vorige week zaterdag kreeg Gorbatsjov 220 miljoen om wat sinaasappels in de winkels te kunnen leggen. Een niet erg fijngevoelig gebaar op de 'historische dag' waarop Gorbatsjov zijn 'verklaring van geen bezwaar' gaf voor de toetreding van de DDR tot de Bondsrepubliek.

De tegenstanders van de perestrojka in de Sovjet-Unie zal de samenhang niet zijn ontgaan, zoals hun ook niet zal zijn ontgaan hoe Kohl onmiddellijk daarna honderd flessen zoete Krimsekt liet aanrukken en, in het vliegtuig terug, te midden van de journalisten het glas hief en luidruchtig proostte 'Auf Deutschland!'.

Dit soort patriottistische uitingen, hoe gerechtvaardigd ook, kan een Duitse bondskanselier zich nog steeds niet goed permitteren. Het kan de conservatieven in de Sovjet-Unie in de kaart spelen die de nog altijd wijd verbreide angst voor Duitsland proberen aan te wenden tegen Gorbatsjov. Kohl belichaamt veel van wat er uit de Bondsrepubliek is geworden: groot, machtig, tevreden, nu eens met de hand in de knip, dan weer erop, en steeds eisen stellend. Bij het bezoek uit Oost-Berlijn kostte het Kohl deze week enige moeite het gevoel van triomf dat de val van de Muur hem heeft gegeven, niet al te duidelijk te tonen. Zoals hij daar breeduit zat naast premier Modrow, die elke dag smaller wordt en meer rimpels in het voorhoofd krijgt, leek Kohl al bijna de belichaming van de hereniging van Duitsland.

Dictaat Als gast van Modrow verkondigde Kohl op 19 december voor de Frauenkirche in Dresden: 'Beste vrienden, zelfbeschikking betekent voor ons dat wij uw mening respecteren. Wij willen en wij zullen over niemand de baas spelen. Wij respecteren datgene wat u beslist over de toekomst van het land'.

Bij Kohl als gastheer was deze hoffelijkheid afwezig.

Zijn stellingname tegenover Modrow leek meer op een dictaat: Bonn besluit, en daarmee basta. Hij stuurde hem vrijwel met lege handen naar huis, geen garantie voor de Poolse westgrens, geen woord over neutraliteit, en minder geld dan gehoopt. Een commissie was het enige echte resultaat. Modrow en zijn ministers vroegen zich teleurgesteld af waarom Bonn hen eigenlijk had uitgenodigd voor dit bezoek dat in Dresden met zoveel grote woorden was aangekondigd. De hoogte van de in Dresden beloofde en nu verlangde 'solidariteitsbijdrage' van 15 miljard D- Mark was niet zo maar een slag in de lucht. Het ging vergezeld van een lijstje bestedingsdoeleinden waarvan niemand het nut betwijfelt: het vullen van de gaten in de produktie veroorzaakt door de mensen die vertrokken, aanpak van het milieu, het draaiend houden van de ziekenhuizen en het bijvullen van de schappen in de winkels. Alles met het doel de DDR-burgers een reden te geven om te blijven.

De redenen waarom Bonn niet verder wilde gaan dan 6 miljard klinken niet slecht. In Oost-Berlijn zetelt een niet-gelegitimeerde overgangsregering en er worden al enorme sommen aangewend voor duizend-en-een projecten die het dagelijks bestaan in de DDR moeten verlichten. Niettemin, rond de Duitse kwestie speelt de atmosferische toestand als vanouds een grote rol. De psychologische en politieke afweerreacties na de hier als vernederend opgevatte behandeling van Modrow in Bonn zijn al te bespeuren. Het Oostduitse kabinet richtte zich gistermiddag na de wekelijkse vergadering via woordvoerder Meyer met de volgende, bijna provocatieve, vragen tot het volk: willen wij ons zelfbeschikkingsrecht opgeven? Willen wij nu een onvoorwaardelijke 'Anschluss'? Soort oerknal Het volk lijkt daartoe overigens inmiddels bereid. De bereidheid tot 'capitulatie' kan evenwel het moeizame en riskante proces dat volgt op de invoering van de D-Mark in de DDR, waarmee de eenwording praktisch een feit zal zijn, met een zware hypotheek belasten.

De snelle en algehele economische aansluiting zal namelijk neerkomen op een soort economische oerknal, waaruit uiteindelijk misschien iets moois en levendigs zal voortkomen - ha, weer een Wirtschaftswunder - maar waarvan de komende jaren eerst de brokstukken ons om de oren zullen vliegen. Omdat de arbeidsproduktiviteit van de DDR per inwoner de helft is van die van de BRD, zullen er zo veel fabrieken moeten sluiten dat, zo schat men, drie van de 9,6 miljoen werknemers werkloos zullen worden. De kosten daarvan zullen de koopprijs van de DDR zo ver opvoeren, dat sommige financiele experts vrezen dat volgend jaar de inflatie in het nieuwe Duitsland al negen procent zal bedragen. Het optimisme waarmee 'Eenheidskanselier' Kohl en zijn ministers de komende structurele crisis in de DDR denken de baas te kunnen worden, is een beetje beangstigend. Want massawerkloosheid en inflatie vormen een dodelijk duo in Duitsland. Bonn hoopt op een herhaling van het wonder van 1948 toen de magische kracht die in het geld schijnt te huizen een ommekeer in de psychologische stemming bewerkstelligde en daardoor ook daadwerkelijk de situatie verbeterde. Op 21 juni van dat jaar wisselden de Duitsers in de westelijke bezettingszones hun Rijksmarken om in Deutsche marken (tien tegen een). En dezelfde dag nog werden de waren en goederen van de kelders naar de toonbanken versleept en werden de zwarte en grijze mark teruggedrongen. Het Wirtschaftswunder kon beginnen.

De bejaarde Oostduitsers herinnerden zich echter voornamelijk het andere jaar, 1923. Toen werd een reep chocola in een briefje van 10.000 Rijksmark gewikkeld, toen kregen arbeiders twee keer per dag hun loon uitbetaald en holden dan met sigarenkisten vol waardepapieren naar de winkels om snel wat te kopen voor de volgende dollarkoers bekend werd en hun loon opnieuw de helft waard zou zijn. Massale werkloosheid was het gevolg. Het geloof dat de staat functioneeert volgens rationele principes verdween en maakte plaats voor het geloof in utopieen en een messias. En iedereen weet hoe die messias heette.

'De economie bepaalt ons lot', zei Walther Rathenau, de minister van buitenlandse zaken na de revolutie van 1918, over het bewaren van de democratie en de internationale veiligheid. Hij werd vermoord in 1922, zoals de president van de Deutsche Bank, Alfred Herrhausen, eind vorig jaar werd vermoord. Geld heeft blijkbaar een radicale uitwerking op de Duitse psyche.

'Wahnsinnig!' Als het over de komende geldhervorming gaat hoor je in de DDR op dit moment, zoals trouwens over de meeste onderwerpen, twee reacties: 'Wahnsinnig!' of 'Alles klar!'.

De bezonnenheid waar iedere politicus om smeekt, is in de hoofden van de mensen ver te zoeken. Daarom is het scheppen van een rustgevende en vertrouwenwekkende sfeer zo belangrijk. Het is een van de weinige dingen die de politici zijn overgebleven om een bijdrage te leveren aan het behoud van de stabiliteit.

Christian Graf von Krockow schrijft in zijn nieuwe boek Die Deutschen in Ihrem Jahrhundert 1890-1990 dat met de val van de Muur een eeuw eindigde die in 1890 begon. En wel op 18 maart van dat jaar. Op die dag schreef Bismarck, de stichter van de nationale staat, zijn ontslagbrief aan Wilhelm II. En de jonge keizer, vol ongeduld om zelf te gaan regeren in plaats van zich nog langer door de oude grote heren te laten ringeloren, gaf het parool: 'Volle kracht vooruit!' Niet om het zorgvuldige bewaren van het bereikte, maar om de op eigen kracht vormgegeven toekomst moest het voortaan gaan. Helmut Kohl deed de afgelopen week denken aan keizer Wilhelm II. Hij wil wachten tot het weer 18 maart is, de verkiezingsdag in de DDR, waarop steeds minder gekozen lijkt te kunnen worden, om dan het 'volle kracht vooruit' doen uitgaan, richting Duitsland. Weinigen twijfelen meer aan de onontkoombaarheid van deze vaarroute, maar het is, in en zeker rondom Duitsland, nog steeds de toon die de muziek maakt. En de toon van Kohl begint in de DDR wat schel te klinken.

    • Henri Beunders