Transportbedrijven kunnen geld verdienen door beteremilieuzorg

AMSTERDAM, 15 febr. - Bedrijven hebben vaak economisch voordeel bij de beperking van hun eigen milieuvervuiling. Dat was de teneur tijdens het congres 'milieuzorg in transportbedrijven' georganiseerd door de NOB Wegtransport, de grootste organisatie van Nederlandse wegtransporteurs.

Met een brochure en het congres in de RAI begon de NOB Wegtransport een twee jaar durende campagne die ervoor moet zorgen dat wegtransporteurs het milieu minder belasten. Als succes wordt geboekt wordt de campagne na twee jaar voortgezet. Op grond van het Nationaal Milieubeleidsplan moeten ruim 250.000 Nederlandse bedrijven vanaf 1995 een zogeheten milieuzorgsysteem hebben als ze milieuvervuilend werken. Daaronder vallen ook de ruim 7.000 wegtransporteurs.

Zo'n milieuzorgsysteem bestaat onder meer uit controle- en meetapparatuur, registratie van afval, de aanstelling van een contactpersoon voor milieukwesties en schriftelijke vastlegging van plannen. NOB Wegtransport zal uitzoeken hoe dit het beste bij wegtransporteurs kan worden gerealiseerd. Belangrijke stimulans moet zijn dat milieumaatregelen zichzelf kunnen terugverdienen. Zo kan het rijden met schone vrachtwagens het imago verbeteren, extra gestimuleerd door een door NOB Wegtransport aan 'schone' vrachtwagens uit te reiken stikker 'Ik ga voor het milieu'. Dat kan klanten opleveren omdat opdrachtgevers in het kader van een eigen milieuzorgsysteem voorkeur kunnen hebben voor erkende 'schone' transporteurs, zo betoogde ir. W. Broer van het chemieconcern Duphar. 'We willen geen onnodige risco's lopen bij het transport, problemen bij het transport stralen immers ook op ons af.' Maar ook kredietverschaffers zoals de banken zullen milieuzorg belonen. Dat stelde F. A. M. Koehorst, hoofd sectormanagement bij de Rabobank. 'De milieuzorgbewuste ondernemer zal bij de Rabobank een gewillig oor vinden voor de financiering van milieu-investeringen.'

Bedrijven die weinig aan milieuzorg doen lopen ook het risico van schadeclaims of opdrachten tot bodemsanering. Dat zijn financiele risico's die de kans verkleinen dat de bank kredieten verstrekt.

En dan zijn er uiteraard de kostenbesparingen. Mevr. drs. W. Bos van de NOB Wegtransport meldde bijvoorbeeld dat het 100 gulden kost om 2.000 liter oude dieselolie kwijt te raken als de olie apart is opgeslagen. Is de dieselolie met bijvoorbeeld remolie vermengd, dan is opeens sprake van chemisch afval waarvan het verplichte verwerkingsproces twaalf keer zo duur is. Het scheiden van afval kan dus zeer rendabel zijn en is tevens beter voor het milieu.

Mevr. Bos rekende ook voor dat het eenmalig ongeveer twintigduizend gulden kost om een tankinstalatie van een ondergrond te voorzien die gemorste olie niet doorlaat, een zogeheten vochtdichte bestrating. Zonder die voorziening raakt de bodem geleidelijk met olie bevuild en kan op een gegeven moment door de overheid een bodemsanering worden verplicht, iets wat veel meer geld kost. Tijdens het congres kwamen nog vele andere voorbeelden naar voren: Vrachtwagens die weinig lawaai maken mogen 's nachts wel door Oostenrijk rijden, en een gemiddelde vrachtwagen die 80 kilometer per uur rijdt verbruikt 30 procent minder brandstof dan een vrachtwagen die met te hard rijden slechts 2,5 procent op de rijtijd bespaart. Vermindering van de vervuiling van het afvalwater heeft een lagere heffing op grond van de Wet verontreiniging oppervlaktewater tot gevolg. En milieuzorg verlaagt de premie voor de sinds 1985 bestaande milieuverzekering, een verzekering die overigens volgens milieuconsulent mr. G. W. Kobus lang niet alle milieuclaims dekt. Uit een enquete die NOB Wegtransport onlangs onder de ongeveer 4.500 leden hield blijkt dat 'het overgrote deel van de ondervraagden' bereid is milieu-investeringen te doen. De Rabobank, die door het NIPO een enquete onder alle Nederlandse bedrijven liet uitvoeren, constateerde dat 31 procent van de Nederlandse ondernemingen de komende jaren extra milieu-investeringen verwacht te doen. Koehorst van de Rabobank: 'Opvallend is dat met name de transportbedrijven in deze enquete fors boven het gemiddelde scoren. Niet minder dan 49 procent denkt extra milieu-investeringen te zullen doen.' Begin dit jaar werd de dieselaccijns met 2,3 procent verhoogd om uit de opbrengst voor de aanschaf van schonere vrachtwagens een subsidie van 1.400 tot 6.000 gulden per stuk te kunnen geven. Een transporteur in de zaal klaagde echter dat de pioniers die vorig jaar met de koop van zo'n vrachtwagen het goede voorbeeld gaven geen subsidie krijgen. Mevr. Bos van NOB Wegtransport haastte zich de betrokkenen alvast een stikker aan te bieden. 'Ik ga voor het milieu.'