Nederland tevreden met Duitse toezeggingen in Brussel; Kokoptimistisch over unie

BRUSSEL, 13 febr. - Minister Wim Kok van financien toonde zich gisteren minder bezorgd over de effecten van een Duitse economische en monetaire unie dan vorige week nog uit sommige uitspraken kon blijken. Kok zei gisteren, na een vergadering van de EG-ministers van financien, tevreden te zijn over de Westduitse toezegging dat Bonn zijn plannen met de Oostduitse economie in het vervolg beter zal coordineren met de Europese Gemeenschap en de lidstaten. 'Het is moeilijk aan te geven wat de effecten precies zullen zijn, maar een feit is wel dat de Duits-Duitse economische en monetaire samenwerking haar uitstraling zal hebben naar het Europa van de Twaalf. Het minste wat nu moet gebeuren is dat er weer een zekere samenhang tot stand wordt gebracht tussen wat er in de lijn Bonn-Berlijn-Frankfurt gebeurt en datgene wat we hier in Europa bespreken, op weg naar de volgende fase van de economische en monetaire integratie.

'De ontwikkelingen in Duitsland zijn de laatste weken zo snel gegaan dat je soms wel eens de indruk had dat we er achteraan hijgden. Vandaar ook mijn initiatief vorige week om met minister Waigel en de heer Delors hierover te spreken. Het is een verheugend teken dat er alom een opvatting bestond van begrip voor de Westduitse overwegingen om tot deze stroomversnelling te komen. Anderzijds bestaat natuurlijk ook de noodzaak om hier Europees de vinger aan de pols te houden en ook te zorgen dat er geen onnodige negatieve effecten voor het totaal van de Europese economie gaan ontstaan.' Wat die negatieve effecten zouden kunnen zijn is volgens de Nederlandse minister nog pure speculatie: 'Ik denk dat Kohl erop zal aandringen om snel tot een ingrijpend programma van economische hervormingen te komen waarbij dan ook de economische en monetaire integratie een onderdeel, een eventueel sluitstuk zou zijn. Dat moet op redelijk korte termijn. Dat kan in ieder geval betekenen dat de Bondsrepubliek meer geld op tafel moet leggen om de DDR financieel te steunen, er is geen scenario denkbaar dat dat niet het gevolg zou zijn.' Volgens Kok is vooral belangrijk wat voor monetaire politiek de Bondsrepubliek zal voeren in het proces van economische samenwerking met de DDR: 'Leidt dat tot geldverruiming ja of nee.

De heer Waigel heeft gezegd dat de anti-inflatiepolitiek volop zal worden voortgezet. Maar je weet sowieso niet wat er in de komende dagen en weken met de rente gaat gebeuren, we weten niet wat het 'erbij nemen' als het ware van zestien miljoen burgers in de EG voor effecten veroorzaakt, die zijn voor een deel tegenstrijdig. 'Op den duur betere dynamiek in de markt in Oost-Duitsland betekent een vergroting van de kracht van de Europese Gemeenschap. Op korte termijn zal er een aantal overgangsproblemen zijn. Ik vind niet dat we daar al te treurig over moeten doen. We waren zo blij dat die Muur viel, dat moeten we natuurlijk ook wel blijven. Nu de Muur gevallen is en de beide Duitslanden zich met elkaar verenigen, ook in economisch opzicht, gaat het ons allemaal in Europa aan. We moeten dus de vinger aan de pols houden, samen de problemen goed in kaart brengen, de Europese Commissie vragen om dat goed uit te werken en op korte termijn via het monetaire comite, de bankpresidenten en als dat nodig is ook de ministers van financien daar een vervolggesprek over hebben.' Volgens Kok zal een monetaire unie tussen Oost- en West-Duitsland ook zeker gevolgen hebben voor de Nederlandse schatkist: 'Alleen, vraag me niet welke. Want als we straks meer gaan exporteren omdat die Oostduitse markt meer van ons opneemt, dan heeft dat een positief effect. Als op korte termijn de rente de beweging zou laten zien die we de laatste tijd toch al zagen, ook zonder Oost-Europa, van een wat opwaartse ontwikkeling, dan betekent dat dat we wat meer rente moeten betalen op nieuwe staatsleningen. Zo zijn er tal van tegen elkaar inwerkende effecten waarvan je op dit moment nog volstrekt niet kunt zeggen hoe het saldo van plussen en minnen zal zijn. Het is misschien een gekke uitspraak van mij als minister van financien: ik vind die schatkist op dit moment ook niet het allerbelangrijkste. Het allerbelangrijkste vind ik dat we die schaalvergroting die we zich nu in de beide Duitslanden zien voltrekken niet ten koste laten gaan van de stabiliteit in Europa. De stabiliteit van Europa is meer dan alleen de schatkist, die heeft ook iets te maken met het onder controle houden van het proces van een evenwichtige economische samenwerking.

Volgens mij kan dat onder controle houden heel goed, mits Bonn niet alleen de blik op het Oosten richt, maar ook het contact met Brussel en de lidstaten van de EG hoog in het vaandel houdt.'

    • Frits Schaling