Om de zwarte stem

NELSON MANDELA is vrij. Als veertiger verdween hij, veroordeeld wegens hoogverraad, naar Robbeneiland - waar hij een legende werd. Als 71-jarige wacht hem het leiderschap van de zwarte bevolking van Zuid-Afrika. Zoals hijzelf na zijn vrijlating zei, ik ben geen profeet, ik ben een dienaar van mijn volk. Het symbool heeft weer een menselijke gedaante aangenomen, letterlijk want de buitenwereld kende alleen de afbeeldingen van voorheen. Een leider die al tot de geschiedenis behoorde, verschijnt in het heden. Zelfs voor een klaarblijkelijk ongebroken man als Mandela een bijzonder zware opgave.

Hoe zwaar viel enigszins te beoordelen aan de hand van de rede die Mandela kort na zijn vrijlating uitsprak. Het was een zorgvuldig opgestelde en voorgelezen verklaring waarin de 'kameraden' het volle pond kregen, maar waarop het adjectief 'begeesterend' nauwelijks van toepassing kon worden genoemd. De jonge aanhang kreeg aan het slot zelfs de waarschuwing mee dat verandering niet zonder discipline en zelfbeheersing kon worden bereikt. Hier was bepaald geen demagoog aan het woord, maar wel een man die besefte hoe delicaat zijn eigen door de geschiedenis voorgeschreven charisma zich verhoudt tot het wankele evenwicht in leiding en aanhang van het zwarte verzet. Een losgeschopt steentje kan al een lawine veroorzaken waarbij zwart niet alleen blank maar ook zwart overspoelt.

MANDELA TOONDE zich trouw aan het traditionele uitgangspunt van het Afrikaanse Nationale Congres dat het nieuwe Zuid-Afrika multiraciaal zal zijn. Blanke noch zwarte overheersing is aanvaardbaar. Maar met behulp van dit pure standpunt alleen zal het probleem van de zwarte emancipatie niet kunnen worden opgelost. De blanke minderheid zal niet uitsluitend haar politieke maar vervolgens ook haar sociaal-economische privileges moeten opgeven. In de praktijk zal er een flinke scheut positieve discriminatie ten behoeve van de zwarte meerderheid aan de landspolitiek moeten worden toegevoegd, wil er op aanvaardbare termijn van een werkelijk gelijk opgaan sprake zijn.

De Zuidafrikaanse zwarten doen overigens hun voordeel met de nieuwe algemene waardering voor het marktmechanisme. Hun marktwaarde is immers sinds Mandela's veroordeling aanzienlijk toegenomen. De Zuidafrikaanse economie is volstrekt afhankelijk geworden van de zwarte arbeidskracht en dat allang niet meer uitsluitend op het laagste niveau. Zwarte arbeiders, zwarte vakbonden en zwarte intellectuelen hebben hun plaats in de samenleving veroverd. Dat de blanke maatschappij in Zuid-Afrika tot de omslag van De Klerk bereid en in staat was, heeft hiermee rechtstreeks te maken. Evenzeer als het feit dat de weg terug, die de blanke reactie wil bewandelen, inmiddels is afgesloten. Maar gunt het ANC zichzelf voldoende ideologische ruimte om deze werkelijkheid te onderkennen? Mandela sprak zich hierover niet wezenlijk uit. De oplossingen van de jaren zestig hebben in de jaren negentig overigens hun geldigheid verloren.

DE DYNAMIEK van De Klerks beleid mag thans niet verloren gaan. Legalisering van verboden zwarte organisaties en vrijlating van veroordeelde leiders zijn op zichzelf onvoldoende. Intrekking van de noodtoestand en van de Apartheidswetten zijn een noodzakelijk eerste vervolg wil de gewekte verwachting niet tot explosies leiden. Mandela loofde De Klerks integriteit, maar wenste tegelijkertijd de gewapende actie achter de hand te houden. De door premier Thatcher aangezwengelde discussie over de wenselijkheid onder zich wijzigende omstandigheden van het sanctiebeleid pareerde hij met een accentuering van de betekenis van voortgezette internationale druk teneinde met Apartheid de kortst mogelijke metten te maken.

DE BUITENWERELD moet beseffen dat zij in de verdere ontwikkelingen in Zuid-Afrika slechts een secundaire rol heeft te vervullen. De zwarte bevolking kan meer en meer haar stem laten horen. (En als er van die kant verschillende en uiteenlopende standpunten worden vertolkt, mag dat als een normale zaak worden beschouwd.) Thans is er echter, onvoltooid als De Klerks ommekeer nog is, voldoende reden om Mandela's oproep voor verdere steun aan het zwarte streven naar vrijheid gehoor te geven. Pas als de gelijkheid van zwart en blank voor de wet een feit is, kunnen sancties worden ingetrokken. Zo blijft een duidelijk baken behouden.