Nieuwe president van Brazilie belooft markt open te gooien

RIO DE JANEIRO, 10 febr. - Brazilies nieuwe president Fernando Collor de Mello zal de Braziliaanse economie openstellen voor importen en buitenlandse investeringen. Dat beloofde hij tenminste tijdens de rondreis die hij maakt langs negen landen.

Vooral de Verenigde Staten, maar ook Japan, dringen er al jaren op aan dat Brazilie zijn economie opengooit. Collor brengt zijn ideeen in het buitenland met veel verve aan de man, maar het openstellen van de Braziliaanse markt heeft veel haken en ogen en Collor kan in eigen land rekenen op grote weerstanden tegen zijn plannen.

Indirect verwees hij daarnaar in Frankrijk toen hij tegen president Francois Mitterrand zei dat de huidige elite in Brazilie moet worden gepensioneerd om ruimte te maken voor een nieuwe generatie. Tijdens de verkiezingscampagne noemde Collor de ondernemers van de federatie vanindustrielen van de deelstaat Sao Paulo (FIESP) zelfs 'het meest achtergebleven deel van de Braziliaanse samenleving'. Elke Braziliaanse ondernemer bewijst lippendienst aan het principe van vrije concurrentie, maar een groot aantal Braziliaanse bedrijven spint garen bij de grote mate van protectie die Brazilie kent. In verschillende sectoren van de Braziliaanse economie bestaat een hoge mate van concentratie en kartelvorming. De groepen die in deze sectoren de dienst uitmaken willen graag hun (semi-)monopolies handhaven en beschikken over sterke lobbies bij de regering.

In veel gevallen wisten deze lobbies hun wil op te leggen aan de CIP, het overheidsorgaan dat de prijzen in Brazilie controleert. Boze tongen reppen met regelmaat van corruptie door de CIP, maar bewijzen daarvoor zijn nooit geleverd. Veel medewerkers van het prijsbureau worden door bedrijven weggekocht om hen te adviseren bij hun onderhandelingen met het prijscontrolebureau.

Collor, die op 15 maart zijn nieuwe ambt aanvaardt, houdt zijn buitenlandse gehoor voor dat hij in de drie maanden na zijn ambtsaanvaarding de inflatie zal terugbrengen tot 10 procent per maand. Voor deze maand wordt een inflatie van 67 procent verwacht. Na anderhalf jaar zal de inflatie in Brazilie volgens Collor nog maar drie procent per maand bedragen.

Met de opening van de Braziliaanse economie moet Collar voorzichtig zijn. Een te snelle opening zal veel Braziliaanse bedrijven zal veel bedrijven tot faillissement brengen. Veel produkten in Brazilie zijn de laatste jaren steeds slechter van kwaliteit geworden omdat de fabrikanten gingen bezuinigen op allerlei onderdelen bij gebrek aan concurrentie. De gevolgen laten zich raden.

Het blijft onzeker of het buitenland lang gecharmeerd blijft van Collors nu gedane beloftes. In Washington werd gezegd dat Collor een goede indruk had achtergelaten maar dat eerst zijn concrete maatregelen moesten worden afgewacht. Een soortgelijke scepsis was in Tokio te bespeuren.

Om de inflatie te bestrijden wil Collor het begrotingstekort van de overheid (nu 6 procent van het bruto nationaal produkt van Brazilie) aanzienlijk terugbrengen. Daartoe wil hij de inning van de belastingen verbeteren, staatsbedrijven privatiseren en het overheidsapparaat aanzienlijk inkrimpen. Geleidelijk aan wil Collor ook de indexering afschaffen. Op dit moment wordt de inflatie in Brazilie (gedeeltelijk) doorberekend in lonen, produktieprijzen en overheidstarieven.

Collor denkt zijn hervormingen te kunnen doorvoeren zonder de lonen en prijzen te bevriezen al sluit hij een dergelijke maatregel voor korte tijd niet helemaal uit. Veel Braziliaanse bedrijven nemen het zekere voor het onzekere en registreren kunstmatig hoge prijzen om zich in te dekken tegen een eventuele prijsstop. In een aantal gevallen is het verschil tussen wat de consument werkelijk betaalt en de officieel aan de fiscus opgegeven prijs zelfs 200 procent. Vooral in de sector huishoudelijke apparaten wordt dit systeem veel toegepast. Ook voor het privatiseren van de staatsbedrijven zal Collor grote weerstanden moeten overwinnen met name in het Congres. In het najaar zijn er in Brazilie verkiezingen voor het Congres en voor deelstaatgouverneurs. De verkoop van staatsbedrijven zal gepaard gaan met ontslagen wat politiek niet erg aantrekkelijk is in verkiezingstijd.

De economische medewerkers van Collor gaan ervan uit dat hun maatregelen geen langdurige recessie teweeg zullen brengen. Hoogstens rekenen zij op een recessie van luttele maanden. Om de ergste sociale gevolgen van een eventuele recessie tegen te gaan worden een aantalnoodmaatregelen voorbereid zoals voedselverstrekking aan de armsten.

Collar heeft vanaf zijn beediging ongeveer drie maanden de tijd om zich waar te maken, zo wordt hier aangenomen. Lukt hem dat niet dan treedt het 'Menem-effect' op, naar het voorbeeld van de Argentijnse president Carlos Menem die bij zijn ambtsaanvaarding een halfjaar geleden alle vertrouwen genoot maar dat vertrouwen nu waarschijnlijk voorgoed kwijt is.

Collor heeft in vergelijking met Menem het voordeel dat hij veel onafhankelijker is. Menem heeft in Argentinie te maken met een meerderheid in het Congres van zijn eigen partij die rigoreuze maatregelen in de economie tegenhoudt om de vele priviliges niet te verliezen. Collor vertegenwoordigt een onbetekenende politieke partij die als enige functie had zijn kandidatuur voor het presidentschap mogelijk te maken. Collor zit daardoor veel minder verstrikt in oude politieke allianties dan zijn Argentijnse collega. Het ontbreken van een brede politieke basis maakt echter ook dat Brazilies nieuwe president zich nog de steun van de afgevaardigden in het Congres en van sectoren van de samenleving moet verwerven. Steun in het buitenland zou daarvoor een welkom duwtje in de rug zijn. Brazilianen kijken met argusogen naar wat er in het buitenland over Brazilie gedacht wordt, al laten zij dat meestal niet zo merken.

    • Bert Ernste