KLM onderuit in door rente gedrukte markt

AMSTERDAM, 10 febr. - De stroomversnelling van een Duitse monetaire unie deed de obligatiemarkten wankelen. De aandelen kregen er eveneens een klap van mee. Temidden van het rentegeweld kreeg KLM een gevoelige knauw te verwerken na de presentatie van de tegenvallende kwartaalresultaten.

Beursanalisten zullen de komende dagen benutten om hun prognoses voor KLM in negatieve zin bij te stellen in het licht van de slechte resultaten over het derde kwartaal die donderdag werden gemeld. De koers van het luchtvaartfonds is de afgelopen week bijna 18 procent gedaald tot f. 34,80. Het negatieve bedrijfsresultaat (ruim 20 miljoen in de min) en de sombere vooruitzichten waren hier dan ook debet aan.

De schade bleef nog beperkt door de winst die werd behaald op de verkoop van twee Jumbo's (58 miljoen gulden). Met deze buitengewone baten zou KLM overigens wel eens de trendsetter in het stagnerende klimaat van 1990 kunnen worden. De tegenslag, die wordt veroorzaakt door hogere kosten in de vorm van brandstofprijzen en door een fellere concurrentie op de Noord-Atlantische vliegroutes, komt voor KLM bijzonder ongelegen. Vorig jaar werd immers een vijf-jarig investeringsprogramma voor nieuwe vliegtuigen met toebehoren aangekondigd waarmee een bedrag van ruim 12 miljard gulden gemoeid is. Met de plannen is een externe financiering gemoeid van gemiddeld zeker een miljard gulden per jaar. Dat kan onder de huidige omstandigheden een moeilijke opdracht worden voor de financiele experts van KLM. De uitgifte van aandelen is er na de teleurstelling van de afgelopen week niet eenvoudiger op geworden. En bij de huidige rente-ontwikkeling is een al of niet tijdelijke financiering met geleend geld ook geen aantrekkelijk alternatief.

Als de eenwording van de beide Duitslanden zijn prijs kent dan bleek dat wel deze week. Voorzichtig, terughoudend, aarzelend: de beleggers in aandelen keken vooralsnog de kat uit de boom. De hogere rente - prijs voor de nieuwe, zwakkere Duitse eenheidsmunt - en de dreigende inflatie, drukten de aandelenkoersen.

Treurige hoogtepunten waren DSM en Pirelli. Het Pirelli-drama (vorig jaar geintroduceerd voor f. 54) bereikte deze week een dieptepunt met een koers van f. 28,60. Bij DSM waren het tot dusver alleen de inschrijvers op de tweede tranche aandelen die al geruime tijd tegen een koers onder de introductieprijs aanhikten, nu moest ook de belegger in de eerste tranche er aan geloven. Woensdag dook de koers onder de eersteintroductieprijs van f. 108. De week werd afgesloten op f. 110. De beurs gaat inmiddels onverdroten verder met het aanpassen en bijstellen van regels. De nieuwe drempel voor het betreden van de parallelmarkt door bedrijven is vastgesteld op 5 miljoen gulden, met de bestaande toevoeging dat minstens 10 procent van het aandelenkapitaal verhandelbaar moet zijn.

Zoals recente voorbeelden als DSM en Pirelli aantonen kan het in het huidige klimaat voorkomen dat de prijs na verloop van tijd onder de introductiekoers komt te liggen. Dat kan problemen opleveren indien een parallelmarktfonds op het gestelde minimum van 5 miljoen gaat zitten. Het gaat immers om de beurswaarde van de aandelen (niet de nominale waarde die op de aandelen staan vermeld) en dus zou een dergelijk fonds het risico lopen onder de toegangsdrempel te komen.

    • Steven Adolf