Verwarring ANC om koers en toekomstig leiderschap

KAAPSTAD, 9 febr. - Nervositeit, druk overleg en tegenstrijdige verklaringen hebben dezer dagen de top van het Afrikaanse Nationale Congres (ANC) in de greep. De grote zwarte verzetsorganisatie in Zuid-Afrika moet in het huidige tijdsbestek, tussen haar legalisering van vorige week en de aanstaande vrijlating van leider Nelson Mandela, alle zeilen bijzetten om een gemeenschappelijke koers uit te stippelen.

De verwarring is begrijpelijk. Mandela verblijft nog steeds in de Victor Verster Gevangenis bij Kaapstad en de voorzitter van het ANC, Olivier Tambo, wordt na een hersenbloeding verpleegd in een Zweeds ziekenhuis. In de tussentijd wordt de koers van het ANC verwoord door Walter Sisulu, de vroegere secretaris-generaal van het ANC die vorig jaar werd vrijgelaten na een gevangenisstraf van 25 jaar. Sisulu heeft echter formeel geen functie meer binnen de organisatie, maar wordt wegens de afwezigheid van Mandela en Tambo als de nestor van het ANC beschouwd.

Na de toespraak van de Zuidafrikaanse president De Klerk, een week geleden, ontstond er grote verwarring over de vraag hoe het ANC moest reageren op zijn legalisering en op de aangekondigde vrijlating van Mandela. Een warm pleitbezorger van het ANC, de anglicaanse aartsbisschop Desmond Tutu, kon zijn vreugde niet op en was erg ingenomen met de koerswijziging van De Klerk. Na overleg met Tambo in Stockholm reageerde Sisulu echter terughoudend en zei dat er 'nog veel tekortkomingen in de toespraak stonden'.

Ook over de houding van het ANC tegenover het vraagstuk van economische sancties ontstonden verschillen van interpretatie. Sommige kerkleiders die fungeren als spreekbuis van het ANC meenden dat de tijd was aangebroken de sancties te verzachten, maar Sisulu oordeelde dat de druk op Pretoria moest blijven gehandhaafd. En de omstandigheden waaronder Nelson Mandela moet worden vrijgelaten leidden eveneens tot misverstanden toen diens echtgenote Winnie na een bezoek aan Nelson de noodtoestand een obstakel voor zijn vrijlating noemde. Zij werd daarop gecorrigeerd door de internationaal secretaris van het ANC, Thabo Mbeki, die vanuit Zweden zei dat 'het ANC klaar is Mandela te ontvangen omdat de weg vrij is'.

Koers

Binnen het ANC wordt druk overleg gevoerd om een eensluidende koers uit te zetten. Gisteren ontving Mandela in de gevangenis een 22 man sterke delegatie van het Verenigde Democratische Front (UDF), dat vorige week van de drastische beperkingen werd ontdaan dat het begin 1988 kreeg opgelegd. En volgende week komt het Nationale Uitvoerende Comite (NEC) - het beleidsbepalende orgaan van het ANC - in de Zambiaanse hoofdstad Lusaka bijeen om de puntjes op de i te zetten.

De verwarring is mede ontstaan omdat bij afwezigheid van Olivier Tambo de man ontbreekt die met grote behendigheid tussen alle facties van het ANC weet te laveren. De formeel tweede man van de organisatie, de huidige secretaris-generaal Alfred Nzo, wordt eigenlijk volledig overschaduwd door Sisulu. En achter de 64-jarige Nzo staan twee invloedrijke ANC-leden van een jongere generatie: de 47-jarige Thabo Mbeki en de even oude Chris Hani. Mbeki, een vlotte prater en een zeer gewiekste onderhandelaar, heeft als internationaal secretaris het ANC in veel landen een 'diplomatieke status' bezorgd. Hij is bovendien de man achter de lange reeks ontmoetingen tussen groepen blanken - zakenlieden, academici, kunstenaars en sportbonden - en het ANC. Mbeki is een handig debater zoals deze week weer bleek toen hij voor de Amerikaanse televisie discussieerde met Zuid-Afrika's minister van buitenlandse zaken Botha.

Chris Hani leidt een minder soepele afdeling binnen het ANC, de militaire tak Umkhonto Wa Sizwe, de Speer van de Natie. Als hoofd van de guerrilla-eenheden van het ANC heeft Hani altijd de nadruk gelegd op de 'gewapende strijd' om 'Pretoria tot capitulatie te dwingen'.

Nog steeds bekijken Hani en zijn eenheden het proces van onderhandelingen met wantrouwen. De commandanten van de Speer van de Natie verklaarden onlangs dat de gewapende strijd moet worden opgevoerd, terwijl Nzo na een lang debat binnen het ANC over de strategie zei dat de organisatie 'niet de militaire middelen heeft om de gewapende strijd te winnen'.

Veranderde omgeving

Een bijkomend probleem voor het ANC is dat de organisatie moet onderhandelen met andere partijen in Zuid-Afrika terwijl de ideologische omgeving danig is veranderd. Het oude vertrouwde wereldbeeld van het ANC is in enkele maanden volledig verkleurd door de val van het socialisme in Oost-Europa. Het ANC is formeel nooit een communistische groepering geweest, maar het onderhoudt zeer nauwe banden met de Zuidafrikaanse Communistische Partij (SACP). De leiding van het ANC en de SACP zijn onderling met elkaar vervlochten. Zo zijn Nzo, Mbeki en Hani - formeel de huidige ANC-top - leden van de SACP. Mbeki heeft zelfs twee jaar gestudeerd aan de Hoge Partijschool in Moskou. Hij is een expert in de marxistische filosofie en van alle SACP-voormannen het meest beinvloed door het idee van perestrojka. Het ANC raakte helemaal van slag toen eind vorig jaar het socialisme in Oost-Europa als een kaartenhuis in elkaar zakte. De organisatie was zelfs geschokt toen minister Botha, die zijn kans schoon zag om het ANC een hak te zetten, naar Hongarije reisde. Nzo riep Westerse aanhangers van het ANC direct op om voor de gebouwen van de Hongaarse ambassades in West-Europa te demonstreren tegen de hartelijke ontvangst die Botha genoot in Boedapest, een oproep die overigens niets uithaalde. Onder druk van de ommezwaai in Oost-Europa besloot Joe Slovo, de leider van de SACP - ooit Afrika's meest stalinistische partij genoemd, het idee van de eenpartijstaat af te zweren. In een lange analyse schrijft hij dat het falen van het communisme het gevolg is van een 'verkeerde uitvoering'.

Voor de val van het socialisme was de band van de SACP erg nuttig voor het ANC omdat via de communisten de steun van de Sovjet-Unie en haar bondgenoten voor de gewapende strijd verzekerd was. Maar Moskou heeft die steun ingetrokken en de SACP verkeert nu net als de rest van de communistische wereld in een staat van ideologische ontreddering.

Gemengde economie

Het veranderende wereldbeeld heeft wellicht nog ingrijpende gevolgen voor de economische koers die het ANC voorstaat. In het Handvest van het ANC van 1955, de Freedom Charter, pleit de organisatie voor een gemengde economie waarbij een groot aantal belangrijke bedrijfstakken, zoals de banken en de mijnen, worden genationaliseerd. Zuid-Afrika's zakenwereld ging er inmiddels van uit dat het ANC die weg verlaten had, maar in een recent document heeft Mandela het idee van nationalisaties nog eens onderschreven. Waarnemers wijzen er echter op dat hij dit heeft gedaan om de machtige vakbondsvleugel binnen Zuid-Afrika's oppositiegroepen binnen boord te houden. Met name in de vakbonden, die te maken hebben met harde en ouderwetse industriele verhoudingen, is nog veel van het socialistische erfgoed bewaard gebleven.

De standpuntbepaling van het ANC wordt nog gecompliceerder omdat het ook rekening moet houden met binnenlandse oppositiegroepen die de fakkel van het verzet hebben gedragen toen het ANC verboden was. Die organisaties hebben hun eigen leiders en hun eigen achterban waarmee het ANC steeds moet overleggen. Hoewel anti-apartheidsactivisten vaak praten over de movement als verzamelnaam van de hele zwarte oppositie gaat het om een grote varieteit aan groepen en voormannen. Een van de machtigste binnenlandse zwarte leiders in Zuid-Afrika is Cyril Ramaphosa (37), de leider van de grote vakbond van mijnwerkers (NUM). Onder aanvoering van Ramaphosa, die in 1987 furore maakte tijdens een langdurige mijnstaking, werd enige jaren geleden de zogenoemde Brede Democratische Beweging (MDM) opgericht. De MDM nam min of meer de taken over van het UDF omdat deze alliantie van oppositiegroepen door Pretoria aan banden werd gelegd. Het UDF is echter vorige week weer in ere hersteld en zijn leiders, Murphy Morobe en Archie Gumede, kunnen zich weer vrij bewegen. En ook Frank Chikane, de secretaris-generaal van Zuid-Afrika's Kerken (SACC) speelt een prominente rol binnen de zwarte verzetsbeweging.

    • Derk-Jan Eppink