Schilderijenvernieler noemt zijn optreden een racistischeverzetsdaad

DORDRECHT, 9 febr. - Tegen een 62-jarige man uit Papendrecht die heeft bekend vorig jaar maart tien zeventiende eeuwse schilderijen te hebben vernield in het Dordrechts museum is gisteren voor de rechtbank in Dordrecht een gevangenisstraf geeist van een jaar waarvan zes maanden voorwaardelijk. Als bijzondere voorwaarde eiste officier van justitie mr. J. A. van Zon dat de verdachte zich onder psychiatrische behandeling laat stellen zolang de reclassering dat noodzakelijk acht. De verdachte zelf verscheen gisteren niet op de zitting. Zijn afwezigheid moest volgens zijn raadsman mr. L. Peeters worden gezien als een protest tegen discriminatie. 'Buitenlanders kunnen twee weken na strafbare feiten al voor de rechter terecht en ik heb bijna een jaar moeten wachten', zo deelde de advocaat namens zijn client mee.

De verdachte blijkt zijn doen en laten geheel te laten beinvloeden door zijn afkeer van buitenlanders. Het vernielen van de schilderijen van Bol, Cuyp, Levecq, Maes en De Witt moet volgens hem ook worden gezien als een racistische verzetsdaad. 'Wij zijn Nederland aan het verkwanselen aan de buitenlanders. Dan hebben we oude schilderijen en het Wilhelmus ook niet meer nodig', verklaarde hij eerder tegenover de rechter-commissaris.

Zijn haat tegen buitenlanders ontwikkelde de man nadat hij zijn baan van machinebankwerker in 1983 verloor. De schuld voor de economische malaise lag volgens hem bij de minderheden. Tot zijn grote ergernis kreeg hij bovendien geen hogere uitkering dan buitenlanders. Met zijn vrouw kreeg hij een maandelijks bedrag van 1475 gulden netto.

Proletarisch winkelen

Omdat de overheid hem 'te weinig geld' verstrekte, begon hij vanaf 1986 regelmatig 'proletarisch' te winkelen. Hij werd na enkele maanden betrapt op het stelen van goederen ter waarde van 28 gulden. Voor die diefstal werd hij bij verstek tot 150 gulden veroordeeld of drie dagen hechtenis. Aangezien hij weigerde de boete te betalen, werd hij in oktober 1987 drie dagen in een politiecel opgesloten.

Na deze door de man als uiterst vernederend ervaren opsluiting rees bij hem het plan de Staat der Nederlanden een hak te zetten. Een radioprogramma over het vernielen van kunst bracht hem op het idee. In augustus 1988 schreef hij een anonieme brief aan het parket in Dordrecht waarin hij aankondigde binnenkort in het Rotterdamse museum Boymans een schilderij zodanig te vernielen dat 'een Rembrandt niet langer van een Picasso is te onderscheiden'. Zeven maanden later besluit hij in Dordrecht zijn slag te slaan. Hij gebruikt voor het vernielen een blok met daarin drie mesjes om in zo kort mogelijke tijd zo veel mogelijk schade te kunnen aanrichten. Hij fietst naar het museum, vernielt tien schilderijen, rent langs een onthutste suppoost naar buiten, fietst naar huis en meldt zich een uur later bij de politie in Papendrecht.

Tot zijn grote verbazing laat de politie hem al na zes uur gaan. Het delict vernieling kent een maximale straf van twee jaar waardoor voorarrest - dat alleen kan worden opgelegd bij ernstige misdrijven waar vier jaar of meer voor staat - niet mogelijk is. De politie heeft nog geprobeerd de man vast te houden op grond van een artikel uit de Krankzinnigenwet, maar volgens een psychiater was er geen sprake van dat de man 'een acuut ernstig gevaar' opleverde.

Discussieprogramma

De vernieler heeft geen moment spijt gehad. De verdachte roerde zich 's avonds na zijn daad in een telefonisch discussieprogramma op Radio Rijnmond om zijn vernieling te rechtvaardigen. Het enige dat de man hindert, is dat zijn vrouw uit schaamte de echtelijke woning heeft verlaten. Onlangs kwam hij weer in aanraking met Justitie, omdat hij controleurs van de Dienst kijk- en luistergelden te lijf was gegaan. Volgens rechtbankpresident mr. H. M. Behrens waren er uiteindelijk 'troepenverschuivingen binnen Papendrecht' nodig om de zich hevig verzettende man naar het politiebureau te kunnen brengen.

Uit de psychiatrische rapportage blijkt dat de verdachte sterk verminderd toerekeningsvatbaar is en dat de kans op herhaling zeer groot is. De psycholoog concludeert dat gevangenisstraf mogelijk een heilzame werking kan hebben en recidive kan voorkomen. Op grond van die gevolgtrekking meende de officier van justitie dat celstraf voor dit 'absurde misdrijf' op zijn plaats is. TBS kan wegens vernieling niet worden opgelegd.

In zijn requisitoir ging Officier van justitie Van Zon in op de discussie die na de vernieling ontstond over de vraag of er geen strengere strafmaat moet komen voor het vernielen van cultuurbezit. Van Zon rechtvaardigde het huidige 'ingetogen systeem'.

Mensen zoals de huidige verdachte met ernstige psychiatrische stoornissen laten zich niet afschrikken door een hoge strafmaat. De rechtbank zal op 22 februari vonnis wijzen.

De totale schade die de man teweeg heeft gebracht wordt geschat op ongeveer een miljoen gulden. In april zal het eerste herstelde schilderij, het Portret van Jacob de Witt door Nicolaas Maes, weer te zien zijn. De restauratie van de overige vernielde schilderijen moet nog beginnen.