Een vlechtwerk van emoties en verzinsels in Bakoe

BAKOE, 9 febr. - Zijn hele leven heeft Aron in Bakoe gewoond, maar nu gaat hij naar Amerika. Ik dacht dat ik de Azeri kende, maar na veertig jaar ben ik er achter gekomen dat ik niets van ze begrijp, zegt hij in het vliegtuig op weg naar Moskou. Het inzetten van het leger was een juiste beslissing, want de spanning was tot het uiterste gestegen in de stad en er was met de bevolking geen land meer te bezeilen. Alleen is het zo jammer dat het leger niet op 13 januari is gekomen, toen de anti-Armeense pogroms begonnen, maar pas op 19 januari, toen de staatsmacht in gevaar dreigde te komen, vindt Aron. Want eens temeer heeft Moskou daarmee aangegeven dat het hun niet om mensenlevens is te doen, maar om de bescherming van de eigen instituties.

Aron gaat weg omdat het leven voor niet-Azeri steeds moeilijker wordt in de stad. Zijn Azerbajdzjaanse directeur riep hem laatst bij zich en waarschuwde hem dat hij helaas niet voor zijn veiligheid in kon staan als Aron zou doorgaan met het uitdragen van zijn mening. Volgens Aron heeft de inval van de troepen de gemoederen bedaard, de mensen weer met beide benen op de grond gezet. Het Volksfront is net zo min democratisch en net zo corrupt als de officiele machtsorganen en beide strijden nu om de macht. De enige uitweg uit de situatie ziet hij in het doorvoeren van democratische verkiezingen onder controle van het leger.

Er gingen in Bakoe al lang geruchten over pogroms. Voor 13 januari was een demonstratie op het Plein van de Overwinning aangekondigd door het Volksfront om te protesteren tegen een Armeense helikopteraanval in de provincie Chanlar, die grenst aan Karabach. In de krant Bakinski Rabotsji verscheen die ochtend een waarschuwing tegen eventuele ongeregeldheden. Het Volksfront, dat ook geruchten had gehoord over plannen om het gebouw van het Centraal Comite te belegeren, wilde de bijeenkomst afblazen en vroeg toestemming om dat via de televisie te doen. Die toestemming werd geweigerd, aldus het Volksfront. Tijdens de bijeenkomst, die om twee uur begon, zonderden zich kleine groepjes af die de stad introkken op zoek naar Armeniers. Het Volksfront organiseerde onmiddellijk brigades om de pogromsjtsjiki tegen te houden en de Armeniers te redden, met maar zeer gedeeltelijk succes.

Criminelen

Volgens Jusif Samedoglu, het enige bestuurslid van het Volksfront dat niet is ondergedoken, keek de politie werkeloos toe. Hij zegt over informatie te beschikken dat 360 criminelen aan de vooravond van de pogroms uit het kamp zouden zijn vrijgelaten om de Armeniers aan te vallen. De hele actie is volgens hem opgezet door partijsecretaris Vezirov, het Centraal Comite en de KGB. Vezirov zou zo het inzetten van het leger hebben willen uitlokken. De binnenlandse veiligheidstroepen, waarvan de eerste divisies in de nacht van 12 op 13 januari waren aangevoerd, staken geen hand uit. Volgens generaal-majoor Anatoli Kiriljoek, tweede legercommandant van Bakoe sinds het uitroepen van de noodtoestand, deden de soldaten niets omdat ze daartoe geen bevel hadden. Zolang de noodtoestand niet was uitgeroepen, mocht het leger geen wapens gebruiken. Waarom de noodtoestand pas zo laat is afgekondigd weet Kiriljoek niet. Het was voor Gorbatsjov kennelijk geen makkelijke beslissing, zegt hij schouderophalend.

Het is drie weken na de inval van het leger niet eenvoudig in Bakoe de waarheid te onderscheiden van het steeds dichter wordende vlechtwerk van geruchten, emoties en verzinsels. Kiriljoek waarschuwt tegen de talloze ongeloofwaardige verhalen die de ronde doen in de stad. De Azeri zijn vooral erg gebeten op de reservisten, die op de 19de zouden zijn ingezet tegen de bevolking. Zij zouden zich als beesten hebben gedragen. Kiriljoek bestrijdt dit, want de reservisten hebben nauwelijks aan de gevechten deelgenomen. Toch heeft iedereen het over mannen met lang haar en baarden, die in leeftijd en uiterlijk duidelijk afweken van de gewone recruten. De reservisten werden na protesten van het thuisfront - in Krasnodar en Rostov protesteerden moeders en vrouwen tegen het oproepen van hun zonen en mannen - schielijk teruggeroepen. Koriljoek geeft toe dat het oproepen van de reservisten 'onverstandig' was en dat 'geen rekening was gehouden met de omstandigheden'.

'Ongetwijfeld was een deel van het Sovjet-leger niet voorbereid op deze taak', zegt Kiriljoek in antwoord op het veel gehoorde verwijt dat de soldaten schoten op alles wat bewoog. Maar, zegt hij, je moet begrip hebben voor de situatie waarin de jongens van 17, 18 jaar zich bevonden toen er op hen geschoten werd. 'Er zouden toevallige slachtoffers kunnen zijn gevallen', zegt Kiriljoek. 'De troepen zijn heel voorzichtig geweest, Tbilisi is voor ons allen een les geweest. ' Hij zegt zich niet erg te verheugen op een verhoor door een eventuele toekomstige parlementaire commissie.

De generaal-majoor bestrijdt nog een hardnekkig verhaal dat het leger kogels heeft gebruikt die in het lichaam van baan veranderen en dus ernstige verwondingen aanrichten. De dokter in het Semasjkoziekenhuis toonde ons rontgenfoto's waarop een kogel zichtbaar was die omgeven is door enkele tientallen kogelfragmenten. Ook liet hij een foto zien van een kogel die bij de buik naar binnen was gedrongen en vervolgens naar boven, richting schouder, was afgebogen. Volgens Kiriljoek valt dat eenvoudig te verklaren: de soldaten gebruikten een lichte kogelsoort, die zich bij weerstand makkelijk uit zijn baan laat brengen. In het ziekenhuis zijn in de nacht van 19 op 20 januari 205 gewonden binnengebracht. Van hen zijn 45 inmiddels overleden. Wonderlijk genoeg liggen veel van de patienten nog steeds op hun operatie te wachten, met de kogels nog in het lijf. Een van de gewonden is Mansoer Alijev, de secretaris van de tweehonderd leden tellende partij Nieuw Moesavat, die door Samedoglu fascistisch wordt genoemd en streeft naar een hereniging met de Azeri in Iran. Hij kreeg een kogel in zijn buik op 12 januari in Gjandzja, het vroegere Kirovabad. 'Het systeem stort ineen', zegt Alijev met zwakke stem. 'Het Volksfront doet louter concessies aan de autoriteiten en brengt daarmee de democratische beweging in gevaar. Onze partij doet nooit concessies, wij zijn tegen onderhandelingen, al zullen we wel aan de verkiezingen deelnemen. We zullen met wapens en met parlementaire middelen strijden. Wij zijn de soldaten van de vrijheid. Een partij moet vechten voor de vrijheid en niet voor registratie! Als ik niet ziek was zou ik zelf banken gaan beroven en het Centraal Comite bestormen.'

    • Laura Starink