Wat is Navo zonder Warschaupact?

Het Sovjet-leger staat nog steeds aan de grenzen, 380.000 man sterk alleen al in de DDR. Maar zelfs volgens een voormalige superhavik als Richard Perle, ooit werkzaam in Weinbergers Pentagon, vormt het geen militaire dreiging meer. De militaire structuur van het Warschaupact is immers ingestort. In de werkelijkheid van vandaag solliciteren leden van de Oostduitse Volksarmee bij de Bundeswehr. Polen, Tsjechoslowaken en Hongaren zien de Sovjet-eenheden binnen hun grenzen liever vandaag dan morgen afmarcheren. Het Kremlin zegt niets liever te willen dan een totaal vertrek uit Oost-Europa mits aan Westelijke zijde ook alle troepen (Amerikaanse, Britse, Canadese, Belgische, Nederlandse en Franse) zich op eigen grondgebied terugtrekken en de Bondsrepubliek zelf tot ingrijpende reducties van haar strijdkrachten besluit. Met een voor Amerikanen kenmerkend optimisme suggereerde minister van defensie Cheney de commissie voor de strijdkrachten van de Senaat onlangs dat de Sovjet-Unie midden jaar negentig haar troepen uit Oost-Europa zal hebben teruggetrokken - ook al moest hij erkennen dat de NAVO nog de grootste moeite heeft met de formulering van een voor zichzelf en voor het Kremlin bevredigend antwoord. President Bush heeft vorige week, met zijn aanbod om de Amerikaanse en Sovjet-contingenten in Midden-Europa te verminderen tot 195.000 man elk, vermoedelijk wel enige ruimte geschapen voor een soepele Sovjet- benadering van de wensen van de Oosteuropese leden van het Warschaupact. Maar een cynische waarnemer wees er op dat het plan-Bush evengoed kan leiden tot handhaving van Sovjet-eenheden in Polen, Tsjechoslowakije en Hongarije tot een totaal van 30.000 man als tegenwicht tegen de troepenmacht van dezelfde omvang die de Amerikanen in Europa buiten de Bondsrepubliek en boven het plafond van 195.000 willen behouden.

De averechtse invloed die de teloorgang van het Warschaupact heeft op de Atlantische Verdragsorganisatie schept een nieuw vraagstuk.

Het pact is een mislukking, de NAVO is geslaagd. Maar omdat het pact verdwijnt, ontstaan ernstige twijfels aan het bestaansrecht van het Atlantische bondgenootschap. Zonder vijand is verdediging niet langer noodzakelijk en als het, omdat de Sovjet-Unie nu eenmaal militair gesproken de sterkste mogendheid op het Europese continent blijft, te voorbarig zou zijn om die conclusie op dit moment te trekken, dan is bezinning op deze stelling toch zeker noodzakelijk. Hoe redden we ons uit dit dilemma? Proefballons worden opgelaten, de termiek wordt mede veroorzaakt door de actualiteit van de Duitse kwestie. Premier Modrow van de DDR belastte de Oost-West-dialoog met een voorstel een nieuwe Duitse eenheid in neutraliteit te beleven. Maar de bazen in Bonn verwerpen deze idee onder de gegeven omstandigheden betrekkelijk eensgezind. De Westduitse regering is voor een voortgezette Amerikaanse aanwezigheid in Duitsland. Minister Genscher, inmiddels gesteund door zijn Amerikaanse collega Baker, wenst die aanwezigheid te beperken tot het grondgebied van de tegenwoordige Bondsrepubliek. Dat zou betekenen dat de NAVO reikt tot wat nu de grens tussen de Bondsrepubliek en de DDR is.

Hierdoor worden echter weer nieuwe problemen opgeworpen. Moet Oost-Duitsland worden gedemilitariseerd? Wat zou het betekenen voor de Duitse soevereiniteit en veiligheid wanneer de minister van defensie in functie niet vrijelijk door het eigen land zou kunnen reizen? Of zou de Grenzschutz moeten worden toegelaten die niet in de NAVO- structuur is opgenomen? Of zou de Sovjet-Unie als prijs voor Duitse eenheid handhaving van een Russisch contingent eisen - met het risico dat zoiets gewelddadig verzet van de bevolking zou uitlokken? Zij die voor deze complicaties terugschrikken denken aan een 'Franse' variant. Een eventueel verenigd Duitsland blijft (wordt) lid van de NAVO, maar laat geen 'vreemde' bases en troepen toe. Zou hiervoor worden gekozen, dan wordt het vraagstuk van de Duitse soevereiniteit weliswaar omzeild, maar kan gevoeglijk iedere militaire betekenis aan het Atlantische bondgenootschap worden ontzegd. Want zonder een permanente opslag van bewapening en materieel en zonder voortdurende beschikbaarheid van tegen luchtaanvallen beveiligde vliegvelden vervalt de optie van de transatlantische aanvoer van Amerikaanse versterkingen in geval van toegenomen spanning. De Amerikaanse factor zou worden beperkt tot een zetel aan een handvol onderhandelingstafels. Er mag niet van worden uitgegaan dat de Verenigde Staten zich langdurig afhankelijk zullen willen maken van ontwikkelingen waarop zij slechts een verbale invloed zullen kunnen uitoefenen. Vandaar dat verder wordt gevarieerd. Overplaatsing is al gesuggereerd van overigens sterk gereduceerde Amerikaanse eenheden uit de Bondsrepubliek naar NAVO-landen als het Verenigd Koninkrijk en die van de Benelux. Maar de militaire geloofwaardigheid zou op die manier evenmin kunnen worden bewaard - nog ervan afgezien dat het politieke klimaat in die landen voor een dergelijke manoeuvre niet bijzonder gunstig is. Enig soelaas zou Frankrijk kunnen bieden, maar hier is de Amerikanen al lang geleden de deur gewezen.

Als vanzelf komt de Europese optie weer boven drijven. De Franse minister van defensie, Chevenement, bepleitte tijdens de Wehrkunde-Tagung in Munchen dit weekeinde dat Europa zelf voor zijn verdediging zorgt. Bij 'enkele elementen van de Amerikaanse aanwezigheid kunnen vraagtekens worden gezet', meende de bewindsman, gezien de vermindering van de betekenis van de militaire feiten.

Overigens moest Frankrijk zich volgens Chevenement ook in de toekomst op zijn eigen militaire vermogen kunnen verlaten - inbegrepen moderne atoomwapens. Bij een andere gelegenheid had deze minister al eens gewezen op de rol van Frankrijks pre-strategische kernbewapening (raketten met een korte dracht) ten behoeve van het Europa der in verval geraakte militaire bondgenootschappen. Maar ook deze proefballon lijkt geen lange vaart beschoren. Om te beginnen, over welk Europa wordt hier gesproken? En waartegen verdedigt een eventueel militair te omlijnen Europa zich? Wanneer de Europese federatie van Jacques Delors zou worden bedoeld, zouden we dan Franse raketten aan de Oder-Neissegrens zien verschijnen? Of zouden zij uiteindelijk, na een uitbreiding van de federatie met Oost-Europa, aan de grenzen van de Sovjet-Unie opduiken? Het antwoord kan slechts ontkennend zijn. Veeleer mag worden verwacht dat wanneer de Amerikanen zich inschepen, het Elysee wordt herinnerd aan Moskou's uitnodiging voor een gesprek over nucleaire ontwapening in Europa.

Bij gebrek aan geloofwaardige, pasklare oplossingen is het realistisch rekening te houden met een langdurige en geleidelijke overgang van de bekende, maar achterhaalde status quo naar een toestand waarvan de contouren helaas voorlopig nog onzichtbaar moeten blijven. Gedurende die overgang dienen vertrouwenwekkende maatregelen te worden bevorderd zoals voortgaande troepenreducties over en weer, vermindering van de strategische bewapening (ook voor zover die in handen is van Westeuropese mogendheden) en een fasegewijze vervlechting van de economieen in Oost en West. In welk tempo en hoe ver die ontwikkeling zal gaan, is niet te voorspellen. Begrippen als 'Europees huis' en 'nieuw veiligheidsconcept' kunnen de richting wijzen naar verbeterde betrekkingen, zij zijn echter te vaag om te dienen als een nauwkeurige en afdoende omschrijving van een nieuwe stabiliteit op een hoger niveau.

    • Commentator Nrc Handelsblad
    • J.H. Sampiemon