Roemenie: financieel sterk, maar economisch zeer zwak

ROTTERDAM, 8 feb. - Roemenie heeft een sterk verouderde economie, maar staat in vergelijking met andere Oostbloklanden financieel gezien sterk. De vice-voorzitter van de Roemeense Bank voor Buitenlandse Handel, de begin vorige maand benoemde Dan Pascariu (39), liet deze week weten dat Roemenie eind vorig jaar het laatste restje van zijn buitenlandse schuld heeft afgelost en nog ongeveer drie miljard dollar op het buitenland heeft te vorderen. Vasile Voloseniuc, president van dezelfde bank, zei deze week dat hij bezig is met de inning van de drie miljard dollar die vooral uitstaat bij Arabische en Afrikaanse landen. Een deel daarvan is oninbaar. Volgens de Economist Intelligence Unit (EIU) heeft Roemenie vorig jaar voor 6,5 miljard dollar in harde valuta uitgevoerd, terwijl de invoer 4 miljard dollar bedroeg, een positief handelssaldo van 2,5 miljard dollar. Ook de voorafgaande twee jaar had Roemenie een overschot op de handelsbalans met het Westen van 2 tot 3 miljard dollar. Die stroom van harde valuta is de afgelopen jaren gebruikt voor de aflossing van de schulden. Nu deze zijn afgelost, zou een eventueel overschot op de handelsbalans dit jaar vrij komen voor investeringen. Het overschot werd bereikt door de bevolking uit te mergelen. Het is daarom onwaarschijnlijk dat Roemenie dit jaar nog steeds een groot overschot op de handelsbalans heeft. Zeker in de eerste helft van het jaar vallen de exporten een stuk lager uit. De export van voedsel is tot de zomer volledig stopgezet, evenals de export van zware stookolie.

De export van gasolie en benzine is met 30 procent teruggebracht. De importen worden tegelijkertijd drastisch opgevoerd. Alleen al aan voedsel is voor het eerste kwartaal voor ongeveer 150 miljoen dollar in het Westen besteld. Premier Petru Roman zei begin dit jaar dat de import uit het Oostblok voor het eerste kwartaal opgevoerd zal worden tot 155 miljoen roebel, drie-en-half keer zoveel als in dezelfde periode vorig jaar. De minister van economische zaken, generaal Victor Stanculescu, zei onlangs in de Financial Times dat sinds de revolutie een klein tekort op de handelsbalans is ontstaan. Wel kan in de loop van het jaar de export zich enigszins herstellen. De hoop is dan vooral gevestigd op de landbouw. Als daarin nu voldoende wordt geinvesteerd, kan de komende oogst zo groot zijn dat weer wat kan worden geexporteerd, maar waarschijnlijk onvoldoende om de huidige exportstop te compenseren. De versoepeling van de contacten met het Westen kan de Roemeense export stimuleren. Een voorbeeld is de in 1975 verkregen status van meest begunstigde handelspartner van de Verenigde Staten, een privilege dat het land juli vorig jaar verloor nadat de Amerikanen voorwaarden stelden op het gebied van de mensenrechten. In de praktijk betekende het dat Roemeense produkten voor Amerikanen duurder werden, omdat er voortaan invoerrechten over worden geheven. Het jaarlijkse verlies voor Roemenie wordt op 200 miljoen dollar geschat.

Roemenie exporteert naar de Verenigde Staten olieprodukten, meubelen, schoenen en machinegereedschappen. Herstel van de handelsbetrekkingen met de Europese Gemeenschap, die april vorig jaar vanwege de mensenrechten werden verbroken, zal wellicht ook een positieve invloed op de Roemeense export hebben. Verder heeft de Roemeense Nationale Bank de munteenheid deze week gedevalueerd tot 21 lei per dollar. Roemeense produkten worden daardoor voor het buitenland goedkoper. De Economist Intelligence Unit (EIU), die eerder in staat bleek de werkelijke graanoogsten zeer goed te schatten, verwacht in een recent rapport dat de Roemeense export en import in harde valuta dit jaar beide op 5,5 miljard dollar zullen uitkomen. Het overschot op de handelsbalans zou daarmee volledig verdwijnen. Dat betekent dat er een einde komt aan de opbouw van Roemeense financiele reserves. Bankman Pascariu sprak onlangs van 'aanzienlijke reserves' zonder bedragen te noemen. Westerse diplomaten in Boekarest schatten de Roemeense reserves op ongeveer een miljard dollar. Daarnaast meldde Ion Pacepa, een naar het Westen gevluchte leider van de Roemeense geheime dienst, bijna een jaar geleden dat Ceausescu een fortuin van 400 tot 500 miljoen dollar bij Westerse banken zou hebben gedeponeerd.

Volgens de interim-regering zou zelfs 1,1 miljard dollar op Zwitserse rekeningen staan. Hermann Bodenmann, voorzitter van de Zwitserse Federale bankcommissie, zei onlangs in de Neue Zurcher Zeitung 'niet de geringste aanwijzing' over dergelijke rekeningen te hebben. Het zal daarom moeilijk zijn eventuele gelden te confisceren. Afgezien van eventuele Ceausescu-gelden beperken de financiele bezittingen van Roemenie zich dus naar schatting tot 3 tot 4 miljard dollar, waarvan een miljard in kas en de rest in de vorm van vorderingen. Indien importen en exporten overeenkomstig de verwachting in evenwicht komen, zal daar weinig verandering in komen. Omdat Roemenie geen noemenswaardige buitenlandse schulden kent, is de financiele positie in vergelijking met andere Oostbloklanden relatief gunstig. In afwachting van buitenlandse leningen heeft het land de ruimte om nu al investeringen te plegen. Daarnaast kan de regering gelden vrijmaken door onrendabele projecten van Ceausesacu te staken. Premier Petru Roman schatte deze week dat de afgelopen vijf jaar 100 miljard lei aan dergelijke projecten verloren ging, ongeveer een miljard dollar per jaar. Eerder schatte een Roemeens econoom in het dagblad Adverarul (Waarheid) dat met dergelijk projecten in totaal zeker 25 miljard gulden verloren is gegaan. Wat betreft de capaciteit om geld te lenen stelt drs C. R. Bakhoven, medewerker van de afdeling economisch onderzoek van de ABN, als vuistregel dat een land maximaal veertig procent van de exportopbrengsten mag besteden aan aflossing en rente op schulden.

Roemenie zou bij een export van 5,5 miljard dollar voor rente en aflossing dus jaarlijks 2,2 miljard dollar ter beschikking hebben. Indien de helft (1,1 miljard dollar) voor rentebetalingen wordt gereserveerd, zou bij een rente van tien procent het door Roemenie te lenen bedrag 11 miljard dollar bedragen. Dat is de bovengrens. De leningen zouden in tien jaar afgelost kunnen worden. De bereidheid tot lenen aan Roemenie is in beperkte mate aanwezig bij het Internationale Monetaire Fonds (IMF) en de Wereldbank, instellingen waarvan delegaties afgelopen week Boekarest bezochten en waarvan het land sinds 1972 lid is. Eugenio Lari, directeur Oosteuropese zaken van de Wereldbank, zei eerder dat zijn instelling onder strikte voorwaarden aan Roemenie ongeveer 2 miljard voor drie jaar wil lenen. Het IMF heeft ook gezegd 'klaar te staan om te helpen'.

Beide instellingen stellen daarbij wel voorwaarden, zoals de deze week uitgevoerde opheffing van het verschil tussen een zakelijke en toeristische koers van de lei. De Europese Gemeenschap zal in de toekomst wellicht ook geld lenen. Daarnaast zijn er leningen van individuele landen. Hermes, de exportorganisatie van West- Duitsland, heeft deze week bekendgemaakt 300 miljoen D-mark aan Roemenie te zullen lenen voor de invoer van West-Duitse technologie. Terwijl Roemenie in principe miljarden dollars kan lenen, is het de vraag of het land een dergelijke geldstroom zou kunnen verwerken. De zogeheten absorptiecapaciteit is beperkt. Zo zijn Roemeense economen en managers van de Westerse wereld afgesloten geweest, zodat zij door gebrek aan kennis slechts in beperkte mate investeringsprojecten kunnen begeleiden. Investeringen in de energiesector en zware industrie kosten veel tijd. Snellere resultaten zijn te behalen in de landbouw en de lichte industrie, waaronder de produktie van schoenen en textiel, waar met de plaatsing van nieuwe machines al veel verbeterd kan worden. Het toerisme wordt gestimuleerd doordat de devaluatie van de lei het land goedkoper maakt. Regeringsadviseur Bogdan Teodoriua (37) zei deze week voorstander te zijn van een vrije markteconomie die in een tot twee jaar wordt ingevoerd. Premier Roman zei onlangs dat de hoeveelheid landbouwgrond in particulier bezit dit jaar zal verdubbelen van 15 procent tot 30 procent. Onder meer de Boerenpartij wil nog meer grond privatiseren zodat de naar schatting 3 miljoen boeren baat hebben bij de economische hervormingen. Voor de naar schatting 4 miljoen werknemers in de industrie ligt de situatie anders, een bron voor een toekomstig conflict tussen boeren en arbeiders. De onlangs als regeringslid afgetreden Silviu Brucan stelde deze week in The Independent dat nu al 3.000 arbeiders werkloos zijn geworden door het stopzetten van de prestige-projecten van Ceausescu.

Sluiting van onrendabele fabrieken zou volgens Brucan dit jaar aan honderdduizenden mensen hun baan kosten. Uitbreiding in de lichte industrie en dienstensector zou vervangende arbeidsplaatsen moeten scheppen. De regering die na de verkiezingen van 20 mei aantreedt, staat nieuwe economische problemen te wachten, zoals uitputting van de energievoorraden, economische gevolgen van de milieuvervuiling en mogelijk stakingen en inflatie. Alleen financieel gezien staat het land ten opzichte van de meeste omringende landen er relatief gunstig voor. Dit is de laatste aflevering in een serie over de economie van Roemenie.

De vorige afleveringen verschenen op 6, 13, 19 en 30 januari.

    • Tom Buijtendorp