Kok is niet in Berlijn om rapportcijfers uit te delen

OOST-BERLIJN, 8 febr. - Kleine landen als Nederland, Belgie en Luxemburg hebben toch zo sterk geleden onder de Duitse bezetting. Wat vinden zij eigenlijk van een Duitse hereniging? Het was de eerste vraag uit de zaal, gisteren op een historische forumavond in Oost-Berlijn. PvdA-leider Kok mocht er als eerste iets over zeggen. Zijn antwoord beviel de aanwezige leden van de precies vier maanden oude sociaal-democratische partij SPD (Oost) wel. De bevolking van Oost- en West-Duitsland moet daarover zelf beslissen, zei Kok. 'Het is niet meer dan natuurlijk dat ze in beide landen aan vereniging denken', voegde hij er aan toe. 'Als we dat zien als een vereniging onder een democratisch Duits dak, in het kader van een Europese integratie, dan kunnen we daar als Europa de volle verantwoordelijkheid voor dragen.' Applaus. Het podium van de Oostberlijnse Volksbuhne werd bevolkt door een gezelschap prominente socialisten en sociaal-democraten uit geheel West-Europa, die met deze forumbijeenkomst de jonge partij in de DDR een duwtje in de rug kwamen geven voor de verkiezingen van 18 maart.

Bettino Craxi zat er, de Italiaanse partijleider en oud-premier, Andreas Papandreou uit Griekenland, Pierre Mauroy uit Frankrijk, Neill Kinnock uit Groot-Brittannie, Hans Jochen Vogel uit de Bondsrepubliek, de Belgische partijleiders, hun collega's uit nog een tiental andere landen en Wim Kok dus, samen met zijn Spaanse collega Alfonso Guerra Gonzalez, de enige ministers in het gezelschap. In de zaal zaten vele honderden mensen, leden van de nieuwe partij die nu al 80.000 officiele aanhangers heeft en leden van de sociaal-democratische delegaties uit West-Europa. De vraag over het standpunt van de kleine landen was al even opmerkelijk als de bijeenkomst. Zij zegt wellicht iets over het denken in de kleinere Duitse staat. In de Bondsrepubliek maken politici en partijen zich slechts druk over de opvattingen in grote landen. Bovendien zijn de verschrikkingen van het nationaal-socialisme en het leed dat Duitsland over zijn buren heeft gebracht er in het Oostduitse opvoedingssysteem bij iedere burger grondig ingehamerd. Koks collega-partijleiders uit Belgie en Luxemburg, Vandenbroucke en Fayot, gaven ongeveer dezelfde antwoorden als hij. De Deen Auken bracht bovendien onder woorden wat de andere forumleden naderhand allemaal bevestigden: de Westeuropese sociaal-democraten hebben de Duitse hereniging geaccepteerd. Sterker nog: 'Wij zullen haar ondersteunen', zei de Franse oud-premier Mauroy onder luide bijval.

De Brit Kinnock ging zelfs zo ver te constateren dat de hereniging in feit al, ook op deze bijeenkomst, plaatsvond. Tegen alle regels in werd de SPD-Ost onmiddellijk als waarnemer toegelaten tot de Federatie van Sociaal-Democratische Partijen, ook in de Europese Gemeenschap. Rapportcijfers Het tweejaarlijkse congres van die federatie, vandaag en morgen in het Rijksdaggebouw in West- Berlijn, was de aanleiding voor de komst van de partijleider.

Minister Kok maakte van de gelegenheid gebruik gistermiddag in Oost-Berlijn gesprekken te voeren met de waarnemend minister van financien, Walter Siegert, en de inmiddels tot internationale bekendheid uitgegroeide Christa Luft, vice minister-president en belast met economische zaken. Ze behoren tot de groep mensen die, weliswaar bekeerd, maar nog steeds lid van de communistische partij, dit land bestuurt, totdat anderen het na 18 maart van hen overnemen. Hij was niet naar de DDR gekomen om er rapportcijfers uit te delen, zei Kok na afloop. 'Maar ik heb wel respect voor de wijze waarop men in beide gesprekken de problemen analyseerde en de oplossingen aangaf.'

Hij had trouwens veel gehoor bij zijn gesprekspartners gevonden, zei hij, voor zijn analyse dat ook landen als Nederland de ontwikkelingen in de DDR moeten begeleiden en stimuleren. 'Psychologisch zijn we misschien snel geneigd te zeggen: dat doet de Bondsrepubliek wel, daar hebben we niks mee te maken. Dat vind ik een verkeerde benadering.

De Duits-Duitse toenadering heeft plaats onder een gemeenschappelijk Europees dak. Dat is geen proces waar wij als Nederland naast staan.'

De gesprekken hadden hem blijkbaar ook nog tot concrete activiteiten gestimuleerd. Kok wil meer scholingsmogelijkheden voor DDR-managers in Nederland en voerde daar gisteren overleg over met staatssecretaris Bukman van handelsbevordering, die begin maart met een delegatie naar de Leipziger Messe gaat.

Tijdens een tochtje naar de langzaam tot verval rakende Muur, met de Nederlandse ambassadeur Jacobs, kon Kok zien hoe hele legertjes mannen en jongens moeizaam brokken uit het harde beton bikten en die te koop aanboden. In de herfst van 1975 ging ook al eens een delegatie van de PvdA naar de Berlijnse Muur en voerde toen gesprekken met Oostduitse autoriteiten. Het delegatielid Jan Nagel noemde de Muur toen 'historisch gezien juist'.

En de toenmalige PvdA- voorzitter Ien van den Heuvel meldde naderhand in Nederland dat er een 'fundamenteel verschil' tussen rechtse en linkse dictaturen bestond. In linkse dictaturen was het beleid duidelijk gericht op verbetering van de levensomstandigheden van de bevolking. Vooral over Nagels uitspraak ontstond destijds ook in de partij veel beroering, de partijtop distantieerde zich er uitdrukkelijk van.

Vijftien jaar later kon de huidige leider Kok persoonlijk constateren dat na veertig jaar communistisch bewind 'er hier nog zeer veel sociale noden moeten worden opgelost'.

    • Rob Meines