Topoverleg met Suriname over cocainehandel

DEN HAAG, 7 febr. - De Surinaamse minister van justitie J. Adjodhia, het hoofd van de nationale recherche Ch. Santokhi en officier van justitie A. van der San hebben in Nederland gesprekken gevoerd over de bestrijding van de cocainehandel van Suriname naar Nederland. De contacten worden met grote geheimzinnigheid omgeven, omdat er formeel geen sprake kan zijn van justitiele samenwerking aangezien Nederland in 1983 na de decembermoorden (in '82) het rechtshulp- en uitleveringsverdrag met Suriname heeft opgeschort. Het gesprek dat Adjodhia vorige maand onder vier ogen voerde met minister Hirsch Ballin (justitie) wordt door een woordvoerder van het departement als een 'vakantiebezoek' omschreven. De gesprekken die Santokhi en Van der San dezer dagen voeren met het openbaar ministerie en de politie in Rotterdam naar aanleiding van de vondst van 330 kilo cocaine in de haven van Rotterdam in december vorig jaar, noemt officier van justitie mr. R. van der Hoeven 'een beleefdheidsbezoek'.

Zelfs de Surinaamse ambassade is niet op de hoogte van het verblijf van Van der San en Santokhi in Nederland. Officier van justitie Van der Hoeven zegt dat het 'heel lastig' is dat de contacten met de Surinaamse justitie zo informeel moeten verlopen. 'Als we werkelijk zwaar tillen aan de aanpak van coke-delicten, dan zouden we beter moeten kunnen samenwerken. De opschorting van het rechtshulpverdrag zou voor een aantal delicten ongedaan moeten worden gemaakt', aldus Van der Hoeven. Met de opschorting wil Nederland verhinderen dat belastende dossiers in handen komen van de militairen die opsporingsbevoegdheid hebben. Om te voorkomen dat een rechter uiteindelijk bepaalde onderdelen van het opsporingsonderzoek ontoelaatbaar verklaart, zegt Van der Hoeven met zijn Surinaamse collega's geen namen te kunnen uitwisselen van mensen die verdacht worden van cocainehandel. 'We overhandigen elkaar alleen technisch bewijs en bekijken verder hoe we elkaar binnen een beleefde sfeer van dienst kunnen zijn.'

Van der Hoeven zegt dat de Surinaamse en Nederlandse politie onderling wel informatie uitwisselen via internationale organisaties. 'Maar formeel heb ik daar niet om gevraagd', zegt Van der Hoeven. De Rotterdamse politie zegt te betreuren dat er alleen sprake mag zijn van 'informatieve contacten'.

Een woordvoerder zegt dat de huidige gang van zaken 'niet de meest effectieve manier is om dergelijke misdaad aan te pakken'.

De Rotterdamse politie heeft in december uit Paramaribo wel een foto gekregen van een chemisch ingenieur uit Suriname die volgens Santokhi het brein is achter recente cocainetransporten. Hirsch Ballin zegt vandaag in antwoord op schriftelijke vragen van het Tweede-Kamerlid Dijkstal (VVD) bezorgd te zijn over de toenemende cocainehandel van Suriname naar Nederland. Dijkstal stelde zijn vragen naar aanleiding van uitlatingen van de Surinaamse narcoticabrigade dat vorig jaar uit Suriname minimaal 10.000 kilo cocaine voor het grootste deel naar Nederland is gesmokkeld. De minister zegt tevens dat hem niets bekend is van betrokkenheid van Surinaamse militairen bij cocainehandel. Hirsch Ballin wijst de suggestie van Dijkstal om een 'boven-regionale opsporingsdienst' in het leven te roepen voor de bestrijding van drugshandel van de hand.