Nederland slaagt er niet in vuist te maken bij VN

GENEVE, 7 febr. - Minister Van den Broek (buitenlandse zaken) heeft gisteren in Geneve geen steun gevonden voor zijn voorstel om Den Haag tot standplaats te maken van een internationale organisatie die toeziet op de naleving van een verdrag over chemische wapens. Nog voordat Van den Broek de laatste woorden van zijn redevoering voor de ontwapeningsconferentie van de Verenigde Naties (CD) uitsprak, had zijn Oostenrijkse ambtgenoot Alois Mock de internationale pers al overtuigd van de speciale voordelen van Wenen, 'na Geneve Europa's tweede VN-stad'.

In de Oostenrijkse hoofdstad, zo zei Mock, is een hele vleugel beschikbaar in de futuristische UN-city, een gemakkelijk met de metro bereikbaar agglomeraat van moderne vestigingen met gespecialiseerde VN-organisaties, waaronder de IAEA. Dit energie- agentschap staat model voor het inspectie-orgaan dat moet toezien op naleving van een verdrag over chemische wapens. Bovendien hing Mock een aantrekkelijk prijskaartje aan zijn voorstel. Net als Van den Broeks tweede voorstel voor een in Nederland te beleggen symposium over biologische wapens, is het idee van Den Haag als standplaats niet nader uitgewerkt. EG-landen zijn niet van tevoren gepolst en ook binnen de CD is niet gelobbied voor dit idee. Volgens de minister zijn nog geen details bekend en is ook niet nagedacht over een financiele prikkel. Illustratief hiervoor was de persconferentie van Van den Broeks persconferentie na afloop van zijn beide redevoeringen. Er was een zaal voor honderden journalisten gereserveerd, het aantal belangstellenden bestond uiteindelijk uit zeven binnenlandse en welgeteld drie buitenlandse journalisten, van wie er een halverwege wegliep. De minister voelde niets voor een promotiepraatje a la Mock. 'De VN krijgen geld toe als ze voor Wenen kiezen', schamperde een Nederlandse diplomaat. Voor het grondstoffenfonds tastte Den Haag diep in de beurs.

De VN werd met succes overgehaald dit orgaan in Amsterdam te vestigen.

Dit keer bleef de presentatie steken in het argument dat in Den Haag reeds het Internationaal Gerechtshof is gevestigd. Het Hof zou in geschillen een rol kunnen spelen. Een betere kans voor een internationale organisatie die toeziet op de naleving van een verdrag over chemische wapens maakt Parijs. In deze stad is januari vorig jaar met een speciale conferentie over chemische wapens nieuwe impulsen gegeven aan het slepende overleg in Geneve. De Franse ambassadeur Pierre Morel heeft bovendien een jaar lang het ad hoc-comite over chemische wapens geleid. Splitsing Een recente splitsing van de PV, de permanente vertegenwoordiging van Nederland bij de VN, is volgens ingewijden mede debet aan de presentatie van de Nederlandse voorstellen. In september vorig jaar, na het vertrek van ambassadeur drs. R. J. van Schaik, werd H. Wagenmakers benoemd tot speciaal gezant voor ontwapeningszaken. Deze maand is Wagenmakers voorzitter van de CD. Hij mag zich in Geneve ambassadeur noemen. Daarmee heeft Nederland twee ambassadeurs bij de VN in Geneve. Tot 'echte' opvolger van Van Schaik werd mr. J. F. Boddens Hosang benoemd. Alsof het twee verschillende Nederlandse lidstaten betrof zijn journalisten in het Europese VN- hoofdkwartier benaderd over de rede die Van den Broek dinsdag in de commissie mensenrechten zou uitspreken, los van zijn optreden dezelfde dag in de CD. De PV stuurde twee medewerkers: een met de tekst van de minister in de CD en tegelijk iemand anders voor zijn redevoering in de mensenechtencommissie.

Over de inhoud van het beleid bestaat geen controverse, verzekeren Nederlandse diplomaten. Wel is er sprake van een ongelijke bezetting van de afdelingen humanitaire-, economische- en ontwapeningszaken bij de PV in Geneve. Voor de beslissende fase in de handelsbesprekingen van de GATT, de algemene overeenkomst inzake handel en tarieven, die voor het eind van dit jaar halvering van de douanetarieven moet opleveren, is slechts een diplomatieke kracht volledig inzetbaar. Daarentegen zijn voor ontwapeningszaken vier diplomaten naar Geneve gestuurd; ongeveer evenveel als de Franse en Britse afvaardiging, beide nucleaire mogendheden en permanente leden van de VN-Veiligheidsraad. Twee diplomaten verdelen alle humanitaire aangelegenheden, voorheen was dit onderwerp een prioriteit in het buitenlandse beleid. Behalve de commissie mensenrechten volgen de twee het werk van de vluchtelingenorganisatie UNHCR, van de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO), het Internationale Rode Kruis en van de vele overige inter- en non- gouvernementele instellingen op humanitair gebied in Geneve. UNCTAD, de handel- en ontwikkelingsafdelingen van de VN en de ECE, de Economische Commissie voor Europa, worden elk eveneens door een diplomaat bediend. Ambassadeur Boddens Hoseng ontkent dat er sprake is van een competentiestrijd. 'Er is maar een ambassadeur in Geneve. En dat ben ik.'

    • Willem Offenberg