Johan van der Keuken en de onderkant van Parijs

Elke film van Johan van der Keuken lijkt wel een reactie te zijn op de vorige. Na de lyrische, moeilijk toegankelijke verkenning van aspecten van de Indiase samenleving, Het oog boven de put, wendde Van der Keuken de steven radicaal en filmde dichter bij huis in een veel eenvoudiger idioom, dat je bijna cinema verite zou kunnen noemen, Het masker. Van der Keuken kreeg als zeer bewonderde buitenstaander in Frankrijk van het ministerie van Jack Lang de opdracht om naar aanleiding van de Bicentenaire van de Revolutie en van de Verklaring van de Rechten van de Mens een film te maken over de actuele betekenis daarvan in Frankrijk. In de schaduw van de festiviteiten op 14 juli 1989 volgde Van der Keuken met een minimale cameraploeg enige tijd een jonge thuisloze, die hij aantrof op het gratis spreekuur van de 'Medecins du monde'.

Voor Philippe, die aan het zwerven is geslagen na de dood van zijn moeder, zijn uiterlijkheden misschien nog wel belangrijker dan voor de gemiddelde Parijzenaar. De altijd wat bizarre tegenstelling tussen de smerigheid en armoede in de krochten van de metro aan de ene kant en de weelde, nonchalance en oppervlakkige elegantie uitschreeuwende reclameborden aan de andere kant vormen de visuele rode draad in Van der Keukens portret.

Voor Philippe betekenen een nieuw kostuum en een verzorgd uiterlijk vooral ook een middel tot zelfrespect. Zijn uiterlijk onderscheidt hem van de echte clochards, waar hij zichzelf niet echt toe wil rekenen. Uit de woorden van de hoofdpersoon valt ook af te leiden, hoe belangrijk uiterlijkheden als huidskleur en taal voor de nieuwe onderkaste zijn en hoe juist daar een voedingsbodem ontstaat voor het racisme van Le Pen. Volgens Van der Keuken was de zware politieke lading van Le masque iets waar zijn opdrachtgevers heel blij mee waren, omdat de socialistische regering de tweedeling in de Franse samenleving graag dramatisch aangetoond zag worden. Voor niet-Franse kijkers zit er toch een paradoxaal element in de protserige viering van de Bicentenaire en in het even langs de camera lopen van Lang in feestkleding. Philippe aanvaardt de hierarchie even vanzelfsprekend als zijn meeste landgenoten. Hoewel hij net aan de camera verteld heeft dat Mitterrand niet zijn favoriete president is, applaudisseert hij toch met ontzag, wanneer de hoogste gezagsdrager in een gepantserde limousine voorbij komt rijden. Ook in dat opzicht is Le masque een film over de magie van het uiterlijk, over het gezegde 'kleren maken de man'. Door zich intensief op een persoon te richten grijpt Van der Keuken enigszins terug op zijn portretten van bijzondere mensen uit de jaren zestig en zeventig: Big Ben, Beppie, Blind kind, maar hij noemt ook de thematiek van Beauty als referentie.

Bewonderenswaardig in deze bezienswaardige en meeslepende documentaire, waarin de vervreemding eerder een onderwerp dan een stijlvorm is, vind ik dan ook het vermogen van Van der Keuken om zijn werk voortdurend te herdefinieren en zichzelf permanent te vernieuwen. Het masker/Le masque. Ned.3, 21.03 - 21.56 uur.

    • Hans Beerekamp