'Onze weg is de weg van de burgeroorlog'

Terwijl in Nagorny Karabach Armeniers en Azeri elkaar met wapens te lijf gingen, vond eind vorig jaar op kleinere schaal iets vergelijkbaars plaats in Georgie, de meest internationale van de Transkaukasische republieken. De Osseten riepen de toorn op van de Georgiers omdat ze tegen onafhankelijkheid van Georgie waren. Demonstraties, schermutselingen en schietpartijen in de Kaukasus. De Georgier Zviad Gamsachoerdia is de motor achter het etnisch conflict.

Een ontmoeting met de man die door heel Zuid-Ossetie gehaat en gevreesd wordt. Mijn generaal heette Kim Makedonovitsj en ik trof hem op het vliegveld van Ordzjonikidze, het vroegere Vladikavkaz, de hoofdstad van Noord-Ossetie. Aande horizon lonkte de Kaukasische bergketen, diein de negentiende eeuw zoromantisch is bezongen door Michail Lermontov. Mijn generaal droeg een grote pet, een martiale snor, een Kaukasische neus en veel rode strepen op zijn legerbroek. De reis zou per jeep door de bergen gaan, over de beroemde militaire Georgische hoofdweg, de weg die de enige verbinding was van het tsaristische Rusland met het altijd roerige en opstandige Zuid-Kaukasische wingewest. Dan door de nieuwe tunnel die Noord-Ossetie sinds kort met Zuid-Ossetie verbindt, en verder naar Tschinvali, de hoofdstad van Zuid-Ossetie, waar de bevolking sinds enkele maanden in angstige onzekerheid leeft en waar enkele tientallen mensen met schotwonden in het ziekenhuis zijn opgenomen. Op de weg van Ordzjonikidze naar Tschinvali voeren Georgische jongeren controles uit. Zij controleren, zo vertellen de Osseten, Osseetse passanten op wapenbezit, intimideren en vernederen mensen en gedragen zich agressief. M ijn generaal heette Kim Makedonovitsj en ik trof hem op het vliegveld van Ordzjonikidze, het vroegere Vladikavkaz, de hoofdstad van Noord-Ossetie. Aan de horizon lonkte de Kaukasische bergketen, die in de negentiende eeuw zo romantisch is bezongen door Michail Lermontov.

Mijn generaal droeg een grote pet, een martiale snor, een Kaukasische neus en veel rode strepen op zijn legerbroek. De reis zou per jeep door de bergen gaan, over de beroemde militaire Georgische hoofdweg, de weg die de enige verbinding was van het tsaristische Rusland met het altijd roerige en opstandige Zuid-Kaukasische wingewest. Dan door de nieuwe tunnel die Noord-Ossetie sinds kort met Zuid-Ossetie verbindt, en verder naar Tschinvali, de hoofdstad van Zuid-Ossetie, waar de bevolking sinds enkele maanden in angstige onzekerheid leeft en waar enkele tientallen mensen met schotwonden in het ziekenhuis zijn opgenomen. Op de weg van Ordzjonikidze naar Tschinvali voeren Georgische jongeren controles uit. Zij controleren, zo vertellen de Osseten, Osseetse passanten op wapenbezit, intimideren en vernederen mensen en gedragen zich agressief. Georgische en Osseetse dorpen in Zuid-Ossetie, dat deel uitmaakt van Georgie, staan sinds enige tijd op voet van oorlog met elkaar, hoewel aan het schieten op dit moment weer een einde is gekomen. De verhouding tussen Georgiers en Osseten is het laatste jaar dramatisch verslechterd sinds Georgie steeds harder roept om onafhankelijkheid. De Zuid-Osseten willen geen onafhankelijkheid van de Sovjet- Unie, zij danken hun geringe mate van autonomie juist aan het Sovjet-regime, dat Zuid-Ossetie in 1922 de status van zogenaamde 'autonome provincie' gaf. Onafhankelijkheid van Georgie zou betekenen dat de Zuid-Osseten worden gescheiden van hun landgenoten, de Noord-Osseten, die staatkundig bij de Russische republiek horen.

De Zuid-Osseten willen hereniging met de Noord- Ossetische republiek. De Georgiers zien in deze aanspraken een aanval op hun territoriale onschendbaarheid en roepen dat de provincie Ossetie moet worden opgeheven omdat het hier historische Georgische grond betreft. Om hun woorden kracht bij te zetten kwamen de Georgiers in november in groten getale naar Tschinvali, waar de geschrokken Osseten hen uit de stad weerden. Partijsecretaris Givi Goembaridze moest eraan te pas komen om de verhitte gemoederen te sussen. Daarna ontstonden er schermutselingen in de bergen, waarbij Georgiers en Osseten schotwonden opliepen. Georgische en Osseetse dorpen begonnen elkaar het leven zuur te maken en even leek het erop dat een klein-Karabach aan het ontstaan was. Gruwelverhalen Zo was de situatie toen ik landde in Ordzjonikidze, maar de generaal, die met zijn Afghanistan-ervaring een bemiddelaarsrol tussen de strijdende partijen speelde, keek zorgelijk. Die nacht was er in de bergen veel sneeuw gevallen en het lawinegevaar was groot. Daar durfde hij mij niet aan bloot te stellen, zei hij, en hij raadde me aan door te vliegen naar Tbilisi. In werkelijkheid, bleek later, had hij voor de zekerheid toestemming gevraagd aan Tbilisi, waar men hem categorisch had verboden de tocht met mij te ondernemen. Hij wist niet hoe snel hij van me af moest komen en een paar uur later vloog ik geirriteerd over de inderdaad zeer besneeuwde berghellingen van de Kaukasische bergrug. In de verte torende de Elbroes (5642 m), iets dichterbij schitterde de Kazbek (5033 m). Over de bergen, in Tbilisi, scheen als altijd de zon.

De hongerstakers voor het Regeringshuis op de Roestaveliboulevard hadden hun actie in verband met de gebeurtenissen in Bakoe opgeschort en braken juist hun tenten af. In het gebouw van het Centraal Comite bivakkeerde een groep Georgische vrouwen uit Zuid-Ossetie, die met gruwelverhalen kwamen over de anti-Georgische wandaden van de Osseten. Hier trof ik ook het echtpaar wiens negen maanden oude baby door onbekenden in zijn wiegje was doodgeschoten, de moeder Osseetse, de vader Georgier. Hoewel de dader niet gepakt was, staat voor alle Georgiers als een paal boven water dat de dader een Osseet is. De vrouw was sprakeloos van verdriet, de man terneergeslagen, terwijl de opgewonden vrouwen om hen heen voor de zoveelste maal het verhaal vertelden. Zviad Gamsachoerdia? De taxichauffeur begon te stralen, natuurlijk wist hij waar Zviad woont, Zviad is een nationale held, Zviad komt op voor de Georgiers. Gamsachoerdia (51) woont in het huis van zijn vader, de bekende Georgische schrijver Konstantin Gamsachoerdia. Konstantin schreef historische romans en was dol op de middeleeuwen. Hij liet zijn bakstenen huis omgeven door een hoge muur met kantelen en een ijzeren toegangspoort. Dat komt Zviad nu goed van pas, want er vinden regelmatig aanslagen op zijn leven plaats.

Vorige week nog probeerden onbekenden over de muur te klimmen. Maar Zviad heeft zijn eigen body-guards en een grote Kaukasische herdershond aan een ketting. Gamsachoerdia is met Merab Kostava Georgies' bekendste dissident.

Als lid van de Georgische Helsinkigroep werd hij in 1977 gearresteerd en tot drie jaar kamp en twee jaar verbanning veroordeeld, een straf die verzacht werd tot twee jaar verbanning. Die milde straf dankte hij aan het feit dat hij door de knieen ging, schuld bekende en berouw toonde en de KGB informatie verschafte over zijn contacten. In Georgie is men dat niet vergeten, maar ach, het is alweer zo lang geleden. Sinds Merab Kostava een half jaar geleden bij een auto-ongeluk om het leven kwam en tot nationale held werd uitgeroepen, staat Gamsachoerdia eenzaam aan de top. Als bestrijder van het regime in de tijd toen je daarvoor nog moest boeten, is hij een lichtend voorbeeld voor heethoofdige Georgische jongeren. Partijsecretaris Goembaridze, aan de macht gekomen na het gewelddadige uiteenslaan van de demonstraties in Tbilisi op 9 april vorig jaar, voert onderhandelingen met hem. Georgische intellectuelen noemen hem onder vier ogen weleens bezorgd een 'nationaal-bolsjewiek' met gevaarlijke trekken, maar niemand wil zich in het openbaar van hem distantieren. Wild volk Het was Gamsachoerdia die in november tienduizend jongeren naar Tschinvali dirigeerde voor een 'vreedzame meeting' over de toekomst van Ossetie. ' Ja, die tocht heb ik georganiseerd. We wilden de Osseten tot verzoening bewegen, maar het leger liet ons er niet in. We hebben geen geweld gebruikt, al hadden we ze makkelijk opzij kunnen schuiven. Het waren maar honderd soldaten. De Osseten zijn geschrokken ja, dat is logisch, want het zijn misdadigers. Er is daar een organisatie die zich het volksfront noemt, maar in werkelijkheid is dat een Kremlin-bende, een KGB-bende. Zij hebben de Osseten ingeprent dat wij kwamen om hen te doden. Osseten zijn een onderontwikkeld, wild volk, handige provocateurs kunnen hen makkelijk sturen.'

Gamsachoerdia ziet achter de problemen in Ossetie de machtige arm van het Kremlin. ' Het is de nationaliteitenpolitiek van Gorbatsjov, die 'grote humanist en democraat', die in feite een grotere fascist is dan Hitler en Stalin. En jullie maar applaudisseren. Nu doden ze duizenden mensen in Bakoe, dat is allemaal zijn werk. Ze organiseren een slachtpartij tegen de nationale bewegingen van de Transkaukasus om die volkeren in een etnische oorlog te betrekken en dan alle nationale bewegingen in een klap te kunnen vernietigen. Dat is Moskou's plan: in de Kaukasus een tweede Libanon en een tweede Afghanistan creeren. Het Kremlin wil een Georgie zonder Georgiers. Ze hebben nu duizend ton vlees uit Tsjernobyl aangevoerd en dat willen ze hier begraven om het hele Georgische grondgebied met straling te vergiftigen en hier een tweede Tsjernobyl te veroorzaken. Het is je reinste biologische oorlogsvoering!' Gamsachoerdia is er heilig van overtuigd dat de Osseten ten opzichte van de Georgiers een apartheidsbeleid voeren. ' De Zuidafrikaanse apartheid is een paradijs vergeleken bij Ossetie. Hier vindt een vreselijke discriminatie en vervolging plaats van Georgiers op Georgisch grondgebied. De Georgiers worden van hun werk verjaagd, hun wordt geen brood verkocht, ze kunnen geen restaurant binnen. In Zuid- Afrika heb je tenminste nog speciale restaurants voor negers en speciale bussen. Maar voor de Georgiers bestaat dat niet. Georgische dorpen in Zuid-Ossetie hebben geen bussen, krijgen geen gas. De bolsjewieken hebben de Osseten hierheen gebracht om te helpen de Kaukasus te overmeesteren. Nu zijn de Osseten voor het Sovjet-regime en wij zijn tegen. Moskou heeft hier een eiland van apartheid geschapen'.

In Georgie wonen een half miljoen Osseten en vier miljoen Georgiers. Dat een klein volk een aanzienlijk talrijker volk kan bedreigen is voor Gamsachoerdia een uitgemaakte zaak. ' Hoe kan een muis een kat bedreigen? Als de beer het muisje helpt, zal het overwinnen. De beer, dat is Moskou en de KGB en de communistische partij, die achter de Osseten staan en hen modern wapentuig geven. Op alle leidende posten zitten Osseten. De tweede partijsecretaris in Tschinvali was een Georgier, maar de Osseten hebben hem gepakt en in zijn eigen werkkamer gecastreerd! Hij ligt nu in het ziekenhuis.'

Dat de Osseten zich op hun beurt bedreigd voelen door de Georgiers, daarvan wil Gamsachoerdia niets weten. De Georgiers verdedigen hun eigen land, meer niet. ' De Osseten zitten ons op de nek. De Georgiers zijn het meest hulpeloze volk dat er bestaat. Allemaal proberen ze ons te verdrijven, de Armeniers, de Osseten, en de Russen al helemaal. Wij hebben nooit een vlieg kwaad gedaan en daarom zijn ze nu zo brutaal geworden dat ze ons van ons eigen grondgebied proberen te verdrijven. Alleen met geweld kunnen we hen op hun plaats zetten, zoals we dat met de Abchazen gedaan hebben. Die zijn nu tenminste bang voor ons.'

Dronkelappen De Georgische volksleider ziet maar een middel om de Osseten af te straffen: ' We moeten de regering bij de keel grijpen en dwingen maatregelen nemen om de veiligheid van de Georgiers te garanderen. De autonomie van Zuid-Ossetie moet worden opgeheven en de tunnel door de bergen moet dicht, want daar komen de wapens vandaan.'

Hoewel Gamsachoerdia eerst beweert dat de Georgiers ongewapend zijn, legt hij vervolgens omstandig uit dat er een stafkwartier is - hij noemt het een ' landstorm' - die een paar duizend mensen omvat. ' Er is een zendinstallatie en we ontvangen informatie uit de hele buurt, en als bekend wordt dat de Osseten weer hebben aangevallen dan gaan ze erop af met jachtgeweren. De jongens worden ook getraind. We moeten ons verdedigen, want men is een genocide aan het voorbereiden van het Georgische volk.'

Het stafkwartier is niet te bezoeken, zegt Gamsachoerdia, het is een verboden zone. Een andere dan de geweldmethode ziet hij niet. ' Met een dolle hond kun je niet spreken in de taal van humanisme en democratie. De Osseten zijn huurlingen. Ze worden ingezet om te voorkomen dat Georgie uit de Sovjet-Unie treedt en te garanderen dat Georgie zich geen illusies maakt over vrijheid.' De Georgische autoriteiten kijken bezorgd toe, maar ondernemen tot nu toe niets tegen de strijders. ' De militsia is corrupt, het zijn dronkelappen, ze doen niets, ze hebben niet eens het recht om te schieten. De Osseten nemen gewoon hun wapens af. De autoriteiten zijn bang voor ons, want wij hebben macht en daar hebben ze rekening mee te houden. Ze doen wat ik zeg, maar ze kunnen heel weinig doen.'

Als een van successen van het Volksfront noemt Gamsachoerdia een verandering in de kaderpolitiek van de autoriteiten. ' Er zitten veel vijanden van Georgie op leidende posten. Saboteurs, die de natie schade berokkenen, Georgische grond aan de Armeniers en tataren (zo noemt Gamsachoerdia de Azerbajdzjanen - LS) verkopen. Dat soort lui sturen we nu de laan uit en de autoriteiten zijn ons daarbij ter wille. Hoe zou het u bevallen als de Arabieren gewapend naar Holland komen om Hollandse grond op te kopen en Holland in Arabie te veranderen? Wij hebben weinig grondgebied, maar het wordt wel aan de tataren verkocht.'

Er zijn in Georgie inmiddels honderdvijftig partijtjes en actiegroepen, die allemaal streven naar onafhankelijkheid. De leiders hebben volgens Gamsachoerdia praktisch voortdurend overleg met de regering. Er worden gezamenlijke beslissingen genomen. Wat de kwestie-Ossetie betreft, is er een regeringscommissie ingesteld die zich buigt over de opheffing van de autonome status van de provincie. De commissie staat onder leiding van de filmregisseur Eldar Sjengelaja. Gamsachoerdia heeft daar niet veel vertrouwen in, volgens hem is het een afleidingsmanoeuvre van de autoriteiten. ' Wij controleren die commissie, verstrekken informatie en als het nodig is, zullen wij onze toevlucht nemen tot terreur. Ik bedoel niet schieten, maar demonstraties organiseren, dat is immers ook een vorm van terreur.'

Er zijn onderhandelingen met de Osseten geweest, maar die zijn op niets uitgelopen. Er waren ontmoetingen met die bemiddelende generaal, maar hij is een bedrieger gebleken, zegt Gamsachoerdia. Ook onder de Georgiers ligt de vijand op de loer, in de vorm van de gemeenschap Ilja Tsjavtsjavadze, een van de eerste en meer gematigde actiegroepen in de republiek. Gamsachoerdia noemt ze provocateurs, verraders, vijanden en KGB-agenten, want ze filmen gewonde Osseten in het ziekenhuis van Tschinvali en sturen die filmpjes naar het westen om te bewijzen dat de Georgiers de Osseten aanvallen en niet andersom. Imperator Voor het inzetten van het leger is Gamsachoerdia niet bang. Na 9 april, toen hardhandig ingrijpen van het leger in Tbilisi twintig slachtoffers kostte, is dat in Georgie niet meer mogelijk. ' Ik ken veel militairen. Zij zeggen dat 9 april een enorme klap voor ze is geweest. In feite hebben wij Oost-Europa bevrijd. Na de gebeurtenissen op 9 april durfde Moskou geen geweld meer te gebruiken in Polen, Roemenie en Tsjechoslowakije. Ze zouden ons dankbaar moeten zijn. Georgie heeft geleden en de andere volkeren bevrijd.'

Al zal Gamsachoerdia het parlement niet tegenwerken, hij heeft weinig illusies over het parlementaire systeem in de Sovjet- Unie. ' Hoe kan een parlement bestaan in een dictatuur met een eenpartijen-systeem? Ziet u dan niet hoe Gorbatsjov aan de touwtjes trekt. Gorbatsjov is hier helemaal niet populair. Hij is een gewone imperator, die zijn rijk niet uiteen wil laten vallen. Hij is net als Stalin, maar dan in een andere gedaante. En wat Goembaridze (de Georgische partijleider - LS) betreft, de Georgische communistische partij bestaat niet. Het is gewoon een mafia. Wat Litouwen nu probeert te doen, is toch hypocriet? Hoe kan een communistische partij daar bestaan waar men niet in het communisme en het marxisme gelooft? De Litouwse communisten zijn farizeeers. Het communisme bestaat niet meer. Onze weg is de weg van de burgeroorlog, de burgerlijke ongehoorzaamheid, stakingen, meetings, het langzamerhand overnemen van de rechten van de zogenaamde regering. Door druk uit te oefenen annuleren we de regeringsmacht. We hebben al veel bereikt.'

Dat Goembaridze, net als Brazauskas in Litouwen, voor zijn eigen volk gekozen heeft, gelooft Gamsachoerdia niet. Al zou hij uit tactische overwegingen ook wel eens kunnen besluiten de Georgische communistische partij onafhankelijk van Moskou te verklaren. ' Het is niet uitgesloten dat hij die kaart speelt, want om zijn marionetten te redden, staat het Kremlin hen soms een kleine heldendaad toe, om hun prestige te redden. Maar als hij voor zijn volk kiest dan alleen op bevel van het Kremlin, om te voorkomen dat het volk maling aan hem krijgt. Goembaridze is heel gezeggelijk. Wat ze hem toestaan dat doet hij ook.'

Gezond nationalisme, dat moet in de plaats van het communisme komen, vindt Gamsachoerdia. Gezond nationalisme staat voor hem gelijk aan patriottisme, liefde voor je vaderland en je volk, dat is zijn ideologie. ' Patriottisme moet de levensbeschouwing zijn van elk mens, die van zijn volk houdt. Er zijn natuurlijk kosmopolieten, die nergens eerbied voor hebben, dat is een heel andere zaak.'

Er is, aldus Gamsachoerdia, wel degelijk een grens tussen nationalisme en extremisme. ' Wij zijn geen extremisten.

Extremisme bestaat daar waar agressie is, mensenhaat, maar wij verdedigen gewoon ons volk. In Bakoe zijn ook geen extremisten, de Azeri strijden voor hun onafhankelijkheid, hoewel dat voor ons gevaarlijk is, omdat het het islamitisch front is.'

Pogroms en volkerenhaat kan Gamsachoerdia toch niet goedkeuren. ' Wanneer de principes van humanisme en democratie geweld worden aangedaan, wanneer zelfverdediging verwordt tot agressie tegen andere volkeren, dan is er sprake van extremisme. De Osseten, dat zijn extremisten, agressoren, ze hebben onze grond ingepikt. Ze willen volledige etnocratie, de heerschappij van de Osseten. Ze weten drommels goed dat ze in Georgie als keizers zullen leven.'

Op mijn verweer dat er in Tschinvali zelfs praktisch geen stromend water is - in heel Zuid-Ossetie wonen maar 98.000 mensen, de provincie is een kleine 4.000 vierkante kilometer groot - zegt Gamsachoerdia: ' Tschinvali is een ten dode opgeschreven stad.

Ik spreek van de rest van Georgie, daar wonen ze heerlijk, niemand discrimineert ze, maar in Tschinvali worden de Georgiers gediscrimineerd.'

Pan-turkisme In het Armeens-Azerbajdzjaanse conflict wil Gamsachoerdia geen stelling nemen. In Georgie wonen beide volkeren en in feite vertrouwt hij ze alle twee niet. ' Het Azerbajdzjaanse Volksfront bevalt me niet, die lui kijken agressief naar Georgie, ze beschouwen dit als hun land.

Volgens de theorie van het pan-turkisme bestaan Georgie en Armenie niet. Het is allemaal Lebensraum voor de Turken. Er zijn voor de Azeri drie methoden om de Armeniers en de Georgiers op te ruimen: volledige vernietiging, volledige verdrijving of islamisatie. Omdat dat derde niet mogelijk is, moeten ze de twee eerste methoden toepassen. Maar ook de Armeniers willen onze grond. Wij zijn van alle kanten omringd door vijanden. De Armeniers vinden dat Tbilisi eigenlijk Armeens is, de Osseten noemen het grondgebied van Tschinvali tot Tbilisi Osseets, de Abchazen beschouwen Koetaisi als Abchazie, dus voor Georgie blijft alleen de bergrug van Soeram over. Tot een akkoord met hen komen, is onmogelijk, want het zijn allemaal woeste agressoren, niets ontziende chauvinisten.'

Alleen de Georgiers zijn geen chauvinisten, want zij vallen immers niemand aan, zij verdedigen zich alleen. Chauvinisme, zo zegt Gamsachoerdia, is offensief nationalisme en daar maken de Georgiers zich niet schuldig aan. Nadat we gedronken hebben op de wereldvrede en de vrijheid van Georgie toont Gamsachoerdia me de werkkamer van zijn vader, een groot vertrek met parketvloer, een zwarte vleugel en een zwaar eikenhouten bureau waaraan Konstantin zijn boeken schreef. Foto's van kerels met wilskrachtige koppen en heldhaftige snorren aan de muur, en de vlag van het onafhankelijke Georgie. De chauffeur rijdt ons naar het hoofdkwartier van het Volksfront, waar telegrammen zijn binnengekomen van het Azerbajdzjaanse Volksfront, dat steun vraagt aan de Georgische broeders, die immers ook te maken hebben gehad met een inval van het leger. In de hal hangen mannen rond. Een jongen draagt een soort gevechtstenue. Spelenderwijs haalt hij een paar handgranaten uit zijn zak. Dan knoopt hij zijn bloes los en toont ons nonchalant de gordel met patronen, die hij om zijn middel draagt. Bevel van God Kinderen van Kartli! Zo luidt de aanhef op een stencil van de militaire raad van 'De legioenen van de Georgische valken?'.

Kartli is het historische hart van het vroegere Georgische rijk.

Kinderen van Kartli, vergeet dit niet! ' Zodra de sneeuw valt, begint het Georgische bloed in stromen te vloeien in Samatsjablo en in de lente zullen de rivieren de kleur van ons bloed hebben, als wij niet wakker worden. We moeten de bron van het kwaad vernietigen, we moeten alle ministaatjes en vergelijkbare smerigheid op Georgisch grondgebied vernietigen. Op Georgische grond is alleen voor Georgiers plaats! Zo heeft God het bevolen!' In het ziekenhuis van Tschinvali is een lijst samengesteld met 126 namen van Osseten die verwondingen opliepen tijdens de schermutselingen in november en december vorig jaar. ' Pjotr Bitijev, 33 jaar, Osseet, inwoner van het dorp Goefta; zware hersenschudding, wond aan de rechterslaap, opgelopen in het dorp Kechvi tijdens een aanval van Georgische extremisten op een autobus.

Vadim Koeloembegov, 23 jaar. Osseet. Schotwond in de linkervoet, toegebracht door medewerkers van de militsia van Tbilisi in het dorp Prisi. Vasili Gabarajev, 42 jaar, Osseet, inwoner van het dorp Dzjava.

Hagelschot in de rug, opgelopen bij een aanval van Georgische extremisten op een bus in Kechvi. Zelim Tsjandijev, 57 jaar, inwoner van het dorp Ksoeisi, schotwond in de rechterbuikstreek met letsel aan lever en dikke darm. Met machinegeweren gewapende Georgiers sprongen uit een auto en beschoten Tsjandijev, waarna ze hem gewond op straat lieten liggen.'

De Osseten hebben zich niet onbetuigd gelaten en in het ziekenhuis van Gori liggen de Georgische gewonden uit Ossetie, aanzienlijk minder in aantal, naar verluidt. Aan beide zijden zijn een paar doden gevallen. De dramatische ontwikkelingen in Armenie en Azerbajdzjan lijken de strijdende partijen weer enigszins tot bezinning te hebben gebracht.

Niemand is gebaat bij een tweede Karabach en bovendien heeft Georgie niet een provincie waar een minderheid leeft, maar ook Abchazie, Adzjarie en de Azerbajdzjaanse en Armeense provincies in het grensgebied. In totaal is een kleine dertig procent van de olking niet-Georgisch en de Georgiers gingen er altijd prat op een zeer internationale republiek te zijn. In Tschinvali is een nieuwe partijsecretaris benoemd. Hij heeft de Georgische nationaliteit, maar zijn naam verraadt Osseets bloed en dus lijkt hij voorlopig voor beide partijen acceptabel. Generaal- majoor Kim Makedonovitsj Tsagolov, die zelf een oogje op die post had laten vallen, is weer naar Moskou teruggekeerd. Een onafhankelijk Georgie is de droom van veel Georgiers, al zijn de kansen op dit moment, zo geeft ook Gamsachoerdia toe, minimaal. Toch moet die strijd gestreden worden. ' Elk geknecht volk moet vechten voor zijn bevrijding. Doet het dat niet, dan is het aan slavernij gewend geraakt, dan is het geen natie meer.'

    • Laura Staring