Bulgaarse partij nog lang niet verloren

SOFIA, 3 febr. - Het mausoleum van Georgi Dimitrov aan het Plein van de 9de september (Sofia's 'Rode Plein') trok afgelopen zondagmiddag weinig bezoekers. De vraag is hoe lang het vierkante marmeren gebouw met het gebalsemde lichaam van de internationale revolutionair, die de naoorlogse communistische staat in Bulgarije opzette, nog als Bulgaars heiligdom zal fungeren. Deze week heeft de communistische partij van Bulgarije op het eerste buitengewone congres in haar geschiedenis zich van een flink deel van Dimitrovs erfenis ontdaan. Zeker, in de nieuwe partijstatuten worden 'de ideeen en het levenswerk' van de vader van het Bulgaarse socialistische vaderland nog genoemd als inspiratiebron. Maar de communistische heerschappij die hij voor ogen had is voorbij. Het was Dimitrov die, toen hij in 1946 zowel de macht in de partij als in de regering in handen kreeg, alle oppositiepartijen verbood en in december 1947 een grondwet liet aannemen die gebaseerd was op het model van die in de Sovjet-Unie. Partij en staat vielen voortaan samen. Zo bleef het tot 10 november vorig jaar, toen een machtsgreep binnen de partij onder leiding van minister van buitenlandse zaken Petar Mladenov een einde maakte aan 35 jaar bewind van Todor Zjivkov. Zjivkovs nu als stalinistisch en dogmatisch gehekelde regime en zijn nu fel veroordeelde autoritaire wijze van leiddinggeven aan partij en natie hadden diepe wortels.

Het is daarom onwaarschijnlijk dat Dimitrovs gedachten nog lang gekoesterd zullen worden. Hiermee is niet gezegd dat de communistische partij van Bulgarije verloren is. Als het congres van afgelopen week een ding heeft bewezen, dan is het wel dat de partij de enige goed georganiseerde politieke groepering in het land is. Speculaties over een dreigende kloof tussen de oude 'nomenklatoera', de partijfunctionarissen met hun vele privileges die zij niet zouden willen opgeven, en de vooral in de hoofdstad zetelende hervormers bleken ongegrond. De eenheid bleef gehandhaafd en de partij gaat als herboren de verkiezingen van mei tegemoet. Deels is die kracht van de communisten te danken aan het oude systeem. Om carriere te maken in de Bulgaarse samenleving moest men wel lid van de partij zijn. Het ledenaantal bedraagt dan ook rond de miljoen mensen (op 9 miljoen inwoners). Het gevolg daarvan is dat vrijwel iedereen die iets betekent in de partij zit, wat haar een geweldig intellectueel reservoir verschaft. 'Tachtig procent van de mensen die iets kunnen, bevindt zich in de communistische partij', aldus Evgeni Stantsjev, die eerder deze week werd gekozen tot hoofdredacteur van het vooraanstaande weekblad Pogled, nadat hij onder Zjivkov uit de staf daarvan was weggewerkt. Dit enorme ledental is sinds 10 november niet afgenomen. Zelfs als dit zou gebeuren, dan nog blijven de communisten het politieke toneel beheersen. Daarnaast is het voor de partij gunstig dat zij het zelf was die het veranderingsproces in Bulgarije op gang heeft gebracht.

Niet alleen door Zjivkov te wippen, maar vooral door daarna oppositie toe te staan, betogingen ongemoeid te laten, een vrije discussie op gang te brengen, de controle op de media te laten vieren en vooral door de scheiding tussen partij en staat te proclameren. Van Dimitrovs communistische staat werden op die wijze weliswaar de fundamenten aangetast maar de communistische partij bleef als politieke macht bestaan. De oppositie, die van de grond af aan moet worden opgebouwd, is zich daarvan bewust en heeft er nog geen antwoord op. De Unie van Democratische Krachten, waarin meer dan tien oppositiegroeperingen samenwerken, breekt zich het hoofd over de vraag of zij zal ingaan op het verzoek van de communisten een coalitieregering te vormen om het land van de economische ondergang te redden. De nieuwe partijen en groeperingen zijn nog te weinig georganiseerd en ontberen leiders van formaat om de strijd om de kiezers en de politieke macht aan te gaan. Zij vrezen daarom de verkiezingen van mei. De enige partij die, in samenwerking met nieuwe oppositiegroeperingen, tegen de communisten enig gewicht in de schaal zou kunnen leggen, is de Agrarische Unie. Deze heeft sinds de Tweede Wereldoorlog nauw met de communistische partij samengewerkt en probeert zich daar nu van los te maken. Dit weekeinde zal de partij zich met een massademonstratie opnieuw proberen te manifesteren. Aan de Bulgaarse bevolking gaan de politieke manoeuvres vooralsnog grotendeels voorbij. Veruit de meeste mensen zijn gedemoraliseerd door de dagelijkse strijd om het bestaan, vooral op het platteland. Zij zien hun land afglijden naar een Derde-Wereldstatus en zijn voorlopig niet bereid nieuwe schone beloften te geloven. 'Veel nieuwe partijen maar nog meer lege schappen in de winkels', is op dit moment een veelgehoord gezegde, zelfs in Sofia.

    • W. H. Weenink