Bonn helpt DDR met stadsherstel

BRANDENBURG/POTSDAM, Regel is te breed voor uitvullen/afbreken 2 febr. - Het oude centrum van Brandenburg heeft de verstilde charme van het industriele tijdperk voor de oorlog, de Eerste dan wel te verstaan.

In de hoofdstraat zwoegt een oud trammetje voorbij. Er hangt een blauwige damp, afkomstig van de binnen gestookte bruinkool en buiten op de kinderhoofdjes verstookte tweetaktbenzine. Hier kun je nog een bontmutsenwinkel binnentreden en daarmee de tijd van Theodor Fontane. Warmte en geborgenheid moeten ook ooit het plein bij de twaalfde-eeuwse Gotthardtkirche, met zijn twee grote bomen, hebben overspoeld. Nu, anno 1990, wordt al deze filmische charme evenwel overschaduwd door de treurige aanblik van alle bordjes op de huizen met het opschrift: 'Toegang verboden - levensgevaar!'.

In de Steenstraat heeft iemand op een muur van een historisch pandje, waarvan het dak is ingestort en de ramen zijn dichtgemetseld, met rode verf geschreven: 'Zo wordt ons leven!'.

Niemand sprak daarom de Westduitse staatssecretaris van volkshuisvesting, Jurgen Echternach, tegen toen hij tijdens zijn bezoek deze week aan Brandenburg zei dat de troosteloosheid van de middeleeuwse stadswijken in zoveel steden in de DDR, naast al het andere, reden was voor de mensen om hun land te verlaten. Brandenburg is naast Weimar, Neissen en Stralsund uitgekozen als testproject waarin met hulp vanuit Bonn een schoolvoorbeeld van stadsherstel geleverd moet worden. Goed 100 miljard DDR- mark zal de komende paar jaar worden uitgegeven in elk van deze vier steden om de historische woningen te redden. En dit is nog mogelijk. De DDR heeft de oude binnensteden weliswaar om financiele (beton is goedkoper en moderner) en politieke redenen (weg met dat kapitalistische burgerdom) met opzet aan de tand des tijds prijsgegeven, maar de restanten staan er nog. In veel steden in de Bondsrepubliek had men in de jaren vijftig en zestig wel het geld om er een blinde vernieuwingswoede op na te houden. De Bondsrepubliek blijkt nu in de DDR het 'oude Duitsland' te willen doen herleven. Geld is niet eens het grootste probleem, zegt stadsbouwmeester Eberhard Krause. Het grootste probleem is het ontbreken van vaklieden en materialen.

De industriestad Brandenburg, gelegen aan de Havel, telt zegge en schrijve dertig dakdekkers, en zij kunnen de 1700 'onthuurde' woningen (op een totaal van 40.000) niet van het verval redden, hoe hard ze ook zouden werken. Wekelijks worden huizen, die wegens de dakpanloze daken door de bewoners van boven naar beneden per etage worden ontruimd, definitief verlaten. Daarbij zoeken zesduizend van de ruim negentigduizend Brandenburgse burgers een woning. Een deel van de bouwcapaciteit moet men, naar verluidt, noodgedwongen blijven besteden aan de bouw van betonnen blokkendozen. Een nieuwe middenstand met zelfstandige dakdekkers, metselaars en houtwerkers heeft Brandenburg dus nodig. 'Zonder hen komen we ook met geld nergens', zo meent Johannes Bluhm, lid van het gemeentebestuur. Ingenieur Rainer Freiberg, oprichter van de lokale SPD-afdeling, bepleit het overhandigen van behoudenswaardige huizen in eigendom aan mensen die er zelf aan de slag kunnen gaan. Begerig De kwestie van het prive-eigendom zal in Brandenburg ongetwijfeld tot strijd leiden tussen de burgerbewegingen en de begerige kapitalisten uit het Westen. De laatsten zien grote mogelijkheden voor het toerisme in dit merengebied vlak bij Berlijn.

Het is de bedoeling dat de waterwegen over de grenzen tussen Oost- en West- Berlijn net als de wegen over land voor alle verkeer worden opengesteld. Verwacht wordt dat reeds deze zomer de veertigduizend plezierboten die West-Berlijn rijk is via de Spandau en de Spree de Havel zullen opstomen om van Brandenburg een soort Giethoorn te maken. In Potsdam heeft de vraag wie de nieuwe bewoners zullen zijn van de te restaureren huizen in de Hollandse Wijk al tot spanningen geleid tussen de leden van de 'Burger Initiative' en het buitenlandse hotelwezen. In december zag de wijk de eerste bezettingen om de lege oude trapgevelhuizen voor instorting te behoeden. Sindsdien besteden de bewoners al hun geld en energie aan het opknappen van deze achttiende- eeuwse 'Amsterdamse grachtenpanden'. Inmiddels zijn er bij de gemeenteraad evenwel al tien aanvragen uit het Westen binnengekomen om de hele wijk tot luxe- hotel te mogen ombouwen. 'Het is Duitse erfenis van Europese betekenis. Dat moet groot worden aangepakt', aldus de Westberlijnse woordvoerder van de hotelbelangen, Wulf Eichstadt.

'De vroegere mensen wier ouders meehielpen aan de bouw van Sans Soucis en andere Pruisische kastelen hier, moeten er weer komen te wonen', zegt journaliste Ute Samtleben die zich heeft opgeworpen als woordvoerder van het comite tegen de uitverkoop van de 'historische Substanz'. Enorme baard Intussen zit Michael Heinroth met zijn enorme baard en zijn vuile overall zuchtend in zijn pasbetrokken Hollandse krot. Hij heeft geen materiaal meer om verder te gaan met zijn Herculische klus. 'Sinds de Westmarken in het spel zijn, gebeurt hier niets meer'. Aangezien het juridisch volstrekt onduidelijk is van wie de historische bouwvallen in de DDR, zoals de Hollandse Wijk in Potsdam, eigenlijk zijn, moet er een politiek compromis gevonden worden dat zowel de autochtone bewoners als de rijke Westerse kapitalisten tevreden kan stellen. Maar buiten de vier pilootsteden kan in de huidige politieke verwarring niemand een beslissing nemen. Tot na de verkiezingen in maart zullen de pannen van het dak blijven vallen in de DDR.

    • Henri Beunders