Vertrek Langman climax van twee jaren vol wrevel

AMSTERDAM, 2 febr. - Mr. drs. Hargert Langman heeft gisteren gezegd af te treden als commissaris bij Wolters Kluwer 'wegens verschil van inzicht over het te voeren beleid.'

Er was gisteren geen vergadering van de raad van commissarissen. Wolters Kluwer weet nog niet of en zo ja door wie hij zal worden vervangen. Statutair moet de uitgever ten minste drie commissarissen hebben. De raad van commissarissen bestaat nu nog uit voorzitter ir. J. A. P. Montijn, prof. mr. B. H. ter Kuile, mr. O. Hattink, prof. mr. J. M. M. Maeijer en prof. dr. A. H. C. M. Walravens. Het vertrek van Langman is vooral opvallend omdat hij samen met mr. J. J. C. Alberdingk Thijm - die zich in augustus vorig jaar onverwacht en eerder dan aangekondigd terugtrok uit de directie van Wolters Kluwer - het duo vormde dat de eigen identiteit van aanvankelijk Kluwer met verve verdedigde tegen het overnamebod van Elsevier dat eind 1987 resulteerde in de fusie tussen Wolters Samsom en Kluwer.

Op dezelfde avond dat Elsevier verklaarde een bod te zullen uitbrengen (3 juni 1987) waren het Langman en Alberdingk Thijm die samen op Schiphol besloten meteen koste wat kost neen te zeggen tegen Elsevier en er pas later de rest van Kluwer van overtuigden dat dit het juiste standpunt was dat gehandhaafd moest worden.

Zelf wil Langman geen verdere toelichting geven. President-commissaris ir. J. A. P. Montijn beperkt zich desgevraagd tot 'geen commentaar.' Uit bronnen die nauw betrokken zijn bij Wolters Kluwer valt evenwel het verhaal te beluisteren hoe het vertrek van Langman de resultante is van een twee jaar durende vervreemding tussen Langman en zowel de Kluwer- als Woltersfracties in het uitgeversconcern.

Overheersend

Langman is een man die op bijeenkomsten overheersend optreedt. Voor de buitenwereld was dat al duidelijk op de aandeelhoudersvergaderingen van Kluwer. Die worden voorgezeten door de president-commissaris, maar gebruikelijk is dat die de beantwoording van vragen delegeert aan de bestuursleden. Zo niet Langman. De bankier beantwoordde alle vragen over het uitgeversvak zelf. Alberdingk Thijm, zelf niet zo lang in de uitgeverij, stoorde zich niet aan zulk optreden, maar voor de Wolters-mensen was dit een vreemde ervaring. Vanaf de eerste dag leidde Langmans optreden tot wrevel en fricties bij Wolters Kluwer, net zoals Langmans manier van doen in de door de beurs ingestelde Commissie-Van der Grinten tot scherpe conflicten met andere leden leidde, conflicten die het besluitvormingsproces vertraagden.

In tegenstelling tot wat wordt gedacht is het niet zo dat gesprekken over toch een mogelijke samenwerking met Elsevier tot het vertrek van Langman hebben geleid, aldus ingewijden. Integendeel, Langman toonde zich zo geirriteerd wanneer ooit maar opmerkingen in de richting van het onderwerp 'wat op termijn te doen met Elsevier dat immers een derde van de certificaten Wolters Kluwer bezit' werden gemaakt, dat over dat onderwerp in de raad van commissarissen geen gesprek mogelijk was. Ook dat hinderde de mensen van Wolters, die nooit erg gecharmeerd zijn geweest van Langman.

Daarbij kwam nog dat Langman zijn eigen Kluwer-achterban, waar hij bijna vijftien jaar commissaris was, van zich had vervreemd.

Binnen Kluwer is men langzamerhand gaan twijfelen over Langmans snelle reactie op Elseviers bod. Nu hebben de als reddende engel binnengehaalde Wolters-mensen een overheersende invloed binnen het concern en er wordt geherstructureerd op een manier die niet veel anders is dan Elsevier de afgelopen jaren in eigen huis heeft gedaan. Activiteiten met een lage marge worden afgestoten. Kluwers boekhandels en grafische activiteiten merken dat. De drukkerij wordt afgestoten en uitgever Bert Bakker mag voor zichzelf beginnen. De Kluwer dagbladen fuseren met collega's in het Oosten. De strijd tegen het weekblad De Boerderij van Elsevier wordt opgegeven door Kluwers Agrarisch Dagblad aan de concurrent te verkopen. En Kluwers nieuwe hoofdkantoor in Deventer is nu ondergeschikt aan het nieuwe hoofdkantoor van de combinatie in Amsterdam.

De ondernemingsraad van Wolters Kluwer heeft nog steeds zo zijn bedenkingen over het succes van de fusie. Binnen Kluwer vragen mensen zich langzamerhand af of het wel verstandig is geweest zich zo volledig aan Wolters uit te leveren. 'Als we met Elsevier hadden onderhandeld, hadden we tenminste nog condities kunnen stellen, ' zo wordt nu gemompeld. En zeker na het vertrek van Alberdingk Thijm gaan dan de beschuldigende blikken richting Langman. Zodat Langman in de weinig begerenswaardige positie verkeerde dat de Wolters-mensen hun nieuwe commissaris niet echt pruimden en zijn eigen Kluwer-achterban hem langzaam liet vallen.

Dat is geen situatie waarin een commissaris lang kan functioneren en het zegt iets over Langmans doorzettingsvermogen dat hij desondanks twee jaar lang tegen onuitgesproken oppositie in zijn commissariaat heeft vervuld, al deed hij dat volgens betrouwbare bronnen de laatste maanden al nauwelijks meer actief.

Elsevier

Rest de vraag of er na Langmans vertrek veel verandert bij Wolters-Kluwer. Speculaties dat nu de weg vrij is voor een nauwe samenwerking met Elsevier lijken voorbarig. Hoewel Wolters-voorzitter ir. M. Ververs en Elseviers prof. P. J. Vinken het persoonlijk goed met elkaar kunnen vinden, zit er zeker in het Kluwer-deel nog te veel oud zeer om een verbintenis met Elsevier puur rationeel te bekijken.

Zelfs het beschikbaar stellen van een plaats in de raad van commissarissen voor Elsevier - niet ongebruikelijk voor een grootaandeelhouder - wordt bij Wolters Kluwer niet overwogen. Dan zou het net lijken of we willen fuseren, is het formele argument. Maar zeker zo sterk speelt dat Elsevier met een commissarisplaats zijn belang in Wolters-Kluwer in zijn eigen boekhouding mag consolideren, waardoor Elsevier jaarlijks een 30 tot 40 miljoen gulden hogere winst zou mogen laten zien. Nu mogen de Wolters-mensen niet zo'n aversie van Elsevier hebben als de nu vertrokken Langman en Alberdingk Thijm, zo'n cadeautje weggeven zonder zelf iets terug te krijgen, is ook voor hen wat te veel van het goede.

    • Paul Frentrop