Handelen maar!

Zoals slechts een havik als president Nixon de Amerikaanse troepen kon terugtrekken uit Vietnam, zo was het wachten op de komst van een socialistische minister van financien om de beursbelasting af te schaffen. Dat maakt handelen in aandelen vanaf 1 juli goedkoper en aangezien dan ook de hoogte van de te betalen provisie wordt overgelaten aan de onderhandelingen tussen klant en commissionair kunnen grote beleggers vrijwel zonder kosten in en uit fondsen stappen. De vraag is waar dat goed voor is.

Wij zien aandeelhouders immers als verschaffers van risicodragend vermogen, die voor de lange termijn betrokken blijven bij het lief en leed van de onderneming. Juist daaraan ontlenen zij hun recht op zeggenschap over het ondernemingsbeleid. De laatsten die we als eigenaren van Nederlandse beursvennootschappen willen hebben, zijn de speculanten, arbitrageurs en raiders die slechts uit zijn op korte termijn gewin. De ene dag kopen ze Fokker om de volgende dag voor een paar dubbeltjes winst over te stappen naar Wessanen. Wij willen dus niet te veel handel op de beurs. Net genoeg om betrouwbare aandeelhouders voldoende liquiditeit te geven, maar niet zoveel dat de meerderheid van de aandelen van beursfondsen iedere dag in andere handen komt. Door het afschaffen van de beursbelasting wordt echter het speculeren op korte termijn gestimuleerd. Fondsen Als de huidige trend doorzet, zijn binnen een maand op de Amsterdamse beurs meer beleggingsfondsen dan ondernemingen genoteerd. Nu zijn er, exclusief de parallelmarkt, op het Damrak ruim 140 Nederlandse bedrijven genoteerd en bijna 120 beleggingsfondsen.

Veel van die fondsen worden geboren vanuit de onstuitbare drang tot spreiding die beheerders van vermogens overmant. Een middelgrote belegger (een pensioenfondsje of verzekeraartje met een vermogen van enkele tientallen miljoenen) kan niet zoals de allergrootste beleggers zijn beleggingen spreiden over de hele wereld en alle bedrijfstakken. Dan blijft er ter belegging in iedere individuele onderneming immers te weinig over om ook maar een aandeel te kopen, en kleine posten zijn bovendien ondanks lagere provisies naar verhouding duur. Dus koopt de beheerder een paar aandelen in een beleggingsfonds dat alleen maar Japanse aandelen koopt en hij heeft zijn spreiding in het Verre Oosten. Blijft de vraag waarmee een beheerder die al zijn risico's spreidt eigenlijk nog zijn salaris verdient. Vroeger zat hij er om de goede aandelen te kopen en niet de slechte. Nu koopt hij via de beleggingsfondsen alles. Dat kan iedereen. Begemann Na Koninklijke Olie was het Begemann-conglomeraat (eigenaar van Holec en van 51 procent in CKK) gisteren het meest verhandelde beursfonds, terwijl de koers f. 8 opliep van f. 126 naar f. 134. Op totaal 3,7 miljoen uitstaande aandelen geeft dat Begemann een beurswaarde van bijna 500 miljoen gulden. Voor Holec betaalde Begemann met 1,45 miljoen eigen aandelen. Dus Holec, dat vorig jaar om deze tijd op eigen benen beursgenoteerd ruim f. 60 miljoen waard was, is nu als onderdeel van Begemann f. 194 miljoen waard. De beurs waardeert de charme van Joep van den Nieuwenhuyzen dus op meer dan f. 130 miljoen.