Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

Wereldeconomie

De dans om de dollar.

Door ROEL JANSSEN De dollar doet niet wat van hem verwacht wordt. In de markt bestaat nu al weken een opwaartste druk ten aanzien van de dollar, zoals blijkt uit de voortdurend stijgende koers. De monetaire autoriteiten zijn verbaasd, verrast en vooral ongerust over de Amerikaanse munt. Karl Otto Pöhl, de president van de machtige Bundesbank, noemde de ontwikkeling deze week „opmerkelijk". Handelaren in Amsterdam zeggen niet te begrijpen waarop de koersstijging is gebaseerd en vrezen voor een terugslag. De verwarring is duidelijk. De Verenigde Staten hebben aanhoudende tekorten op hun handels- en betalingsbalans. De effecten van de devaluatie van de dollar met zo'n 50 procent tussen 1985 en 1987 zijn uitgewerkt. Het handelstekort liep vorig jaar terug, maar lijkt zich nu te stabiliseren op een maandelijks tekort van 9 a 10 miljard dollar. Aan de andere kant vertonen de overschotten van WestDuitsland en Japan weer een opgaande lijn. In het geval van West-Duitsland betreft dat overigens niet zozeer een stijging van het handelsoverschot met de VS, maar van dat met EGlanden zoals Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Een zwakke D-mark versterkt de Duitse exportpositie, terwijl de Bondsrepubliek toch al de grootste exporteur ter wereld is. Bovendien importeert een land met een zwakke munt inflatie. De meest recente inflatiecijfers uit Duitsland bevestigen dit: in april bedroeg de inflatie 0,6 procent en op jaarbasis 3 procent. Voor de Duitse monetaire autoriteiten, met het trauma van de hyperinflatie uit de jaren twintig in hun geheugen gegrift, is dat alarmerend. Ook de Federal Reserve Board, het Amerikaanse stelsel van centrale banken, is niet gelukkig met de recente kracht van de dollar. Hoewel hierdoor de inflatoire druk in de VS wordt afgeremd, beseft men daar het gevaar van een kloof tussen de wisselkoers en de fundamentais, de onderliggende economische gegevens zoals het betalingsbalanstekort. Als het gevoel in de markt omslaat, kan dat leiden tot een plotselinge

koersval van de dollar. Dan is de harde landing, die men tot nu toe heeft weten te voorkomen, een feit. De belangstelling voor de dollar wordt volgens monetaire deskundigen gevoed door de grote renteverschillen tussen dollar- en markbeleggingen. Dat geeft ook aan waar het antwoord van de centrale banken op de huidige dollarhausse gezocht moet worden: in aanpassing van de rentetarieven. De Bondsrepubliek zou opnieuw zijn rente kunnen verhogen ter versterking van de mark, maar de Verenigde Staten zouden ook hun rente kunnen verlagen. Voor die laatste mogelijkheid bestaan aanwijzingen, nu de Amerikaanse economische expansie lijkt af te zwakken. Michael Boskin, de economische adviseur van president Bush, zei begin deze week tegen het persbureau Reuter dat de opeenvolgende renteverhogingen van het afgelopen jaar nu het gewenste effect sorteren. De Amerikaanse economie stevent volgens Boskin af op een gematigd, houdbaar niveau van economische groei. Ook uit andere bronnen blijkt dat vrees voor oververhitting in de VS plaats begint te maken voor vrees voor recessie. De vraag is wat de Groep van zeven, het monetaire gremium van de zeven belangrijkste industrielanden, de komende dagen met de dollar zal doen. Het officiële beleid is al twee jaar dat de wisselkoersen gestabiliseerd moeten worden 'rondom hun bestaande niveaus'. In de praktijk wordt daarbij een forse uitslag, zowel naar boven als naar beneden, getolereerd: vorige zomer bevond de dollar zich op hetzelfde hoge niveau als nu en eind 1987 lag de dollar zo'n 40 cent onder de koers van dit moment. Met interventies proberen de centrale banken de koers enigszins te beïnvloeden, al is men zich bewust van het beperkte effect daarvan. De afgelopen dagen hebben valutahandelaren niets van interventies gemerkt en dat schept in de financiële markt verwarring. Een handelaar vanmorgen: „Ik vraag me af of ze het hebben opgegeven. Ik vrees dat ze een gunstig moment afwachten om keihard terug te komen".