Dit is een artikel uit het NRC-archief Dit artikel is met behulp van geautomatiseerde technieken gedigitaliseerd en voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd volledig correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

De sphinx en 'het rijke gevoel'

AANDELEN ZONDER LUCHTJE VOOR DE TRENDY BELEGGER

Het standbeeld van de destijds als een vorst levende 'pottenkeuning' Pieke Regout was in de stad niet welkom en staat nu voor het hoofdkantoor van Sphinx. Het is veelvuldig beklad door provo's en nazaten van keramiekarbeiders ('pottemennekes')

Beeldmerken uit het honderdvijfigjarig bestaan van Sphinx

Vorige week donderdag werden de aandelen van het oudste nog bestaande industriële bedrijf in Nederland, de Sphinx in Maastricht, geïntroduceerd op de officiële markt van de Amsterdamse effectenbeurs. De ABN was heel even eigenaar van Sphinx en verkocht de helft van de anderhalf miljoen voor ƒ 50 per stuk aan institutionele beleggers. Voor de andere 750.000 kon men van 21 tot 29 mei op de beurs inschrijvingsrechten kopen die aanvankelijk ƒ 5 en later ƒ 9 per claim noteerden. De eerste koers die voor de aandelen tot stand kwam, was ƒ 58,20. Onze financiële redacteur portretteert de Sphinx. Hans Beugel E geschiedenis van de Koninklijke Sphinx gaat terug tot 1834 in welk jaar Petrus ('Pieke') Regout te Maastricht een kristal- en glasslijperij begon. Enkele jaren later werd hieraan de produktie van aardewerk toegevoegd en raakte Regout in het Maastrichtse bekend als de 'Pottenkeuning'. In de 20ste eeuw is het bedrijf vooral bekend geworden omdat het voorziet in een dagelijkse 'behoefte' van de mens. Thans is Sphinx een moderne keramische industrie die een vooraanstaande positie inneemt met kwalitatief hoogwaardige sanitair, wand- en vloertegels en ....koffie- en theefilterzakjes. Wie nu nog een closetpot van Sphinx uit 1908 heeft staan, bezit een museumstuk en zou entreegeld kunnen vragen voor het kleinste kamertje van het huis. Zeker wanneer dit ook betegeld is met antieke gedecoreerde wandtegels. De opbrengst kan dienen om in de met een Sphinx-assortiment te renoveren badkamer een Palma Nova Clair te laten installeren. Deze Rolls Royce onder de WC's is het ei van Columbus. Het fraai gestyleerde Duobloc is uitgerust met een installatie die de kwalijke geuren afzuigt op de meest logische plek, namelijk waar deze ontstaan. Dat is dus in de closetpot zelf. Vervelende lucht krijgt zo geen kans in de gehele badsalon te komen en chemische geurverdelgers worden overbodig. Waaruit maar weer blijkt dat er zelfs aan het principe van de in 1899 uitgevonden en sindsdien nauwelijks verbeterde watercloset, wel degelijk nog iets te innoveren viel. Upgrading van produkten is voor Sphinx een van de mogelijkheden om te kunnen wedijveren met de low cost producenten binnen de EG. De divisie Tegels moet optornen tegen kleine fabrikanten, onder andere in Italië, die volgens het snelbrandprocedé vervaardigde, kwalitatief slechte produkten voor dumpprijzen op de markt brengen. Daarom is president-directeur G. Kaptein zeer verguld piet de modetrends in de woning•nrichting. Die manifesteren zich n u ook in de tot relax-ruimte verheven badkamer en spelen een belangrijke rol waar het gaat om ontwerp en kleur. ^wee keer branden Kaptein: "Iemand die zo'n bloementableau op de muur wil hebben, opgebouwd uit een aantal gedecoreerde tegels, zit automatisch v ast aan een dure kwaliteit gewone tegels. Afwijkingen in kleur en niaat zoals die bij goedkope tegels J"°orkomen, zouden immers het beoogde effect geheel teniet doen. ' n het luxe segment, waar prijs bij de consument een ondergeschikte r °l speelt, is de kwaliteit van het glazuur heel belangrijk. Daarom Z| jn wij gedwongen vast te houden a an het dure 'twee keer branden' systeem. Om de kostprijs toch °mlaag te kunnen brengen hebben W| J andere dingen, zoals automatisering en een uitgekiend gebruik

van gas en electriciteit, verzonnen." Nog niet zo lang geleden waren de meeste huizen uitgerust met als sanitair slechts een closet en een wastafel. Deze waren steevast wit en van een vormgeving die associaties opriep met een ziekenhuis. Sanitair wordt thans echter niet meer als gebruiksartikel beoordeeld maar moet qua comfort, vormgeving en kleur voldoen aan uiteenlopende lifestyles. Daarmee is sanitair een modegevoelig en veelal een luxe artikel geworden. Dat stelt geheel andere eisen inzake produktontwikkeling en marketing dan een uniforme produktie — op voorraad — van witte potten. Bij Sphinx denkt men tegenwoordig in termen van een 'totaal badkamerconcept'. De divisies Tegels en Sanitair vullen elkaar op vruchtbare wijze aan. De Total Design omvat diverse series van wand- en vloertegels, zowel als van bijpassende sanitaire elementen als wastafels, closets, bidets en planchetten. De vormgevers houden daarbij nauw contact met de toeleveranciers van badkuipen, douchebakken, douchedeuren, kranen, accessoires, wandkastjes, handdoeken en van 'alles wat in een goed geoutilleerde, voor de lichaamsverzorging ingerichte ruimte niet meer mag ontbreken'. De badkamercultuur biedt volgens Kaptein goede perspectieven. 70 procent van de produkten wordt immers verkocht in verband met opknapbeurten van woningen en slechts 30 procent in het kader van de ondanks het economisch herstel nog steeds niet oplevende nieuwbouwactiviteiten. De huisbewoners zijn gepromoveerd tot de belangrijkste beslissers en vormen thans in het marketingbeleid van Sphinx de doelgroep. Daarom is een aparte afdeling consumentenrelaties ingesteld en is de showroom in Maastricht niet langer het uitsluitende domein van de tussenhandelaren. Herstructurering Hoe is Sphinx de kostenontwikkeling de baas gebleven? In de eerste plaats door een herstructurering die noodzakelijk was geworden toen het bedrijf in het begin van de jaren tachtig in het woestijnzand leek weg te zakken. In 1981 was er nog een mager positief resultaat van ƒ 2 miljoen maar in '82 en '83 werden forse verliezen geleden van respectievelijk ruim ƒ 10 en ruim ƒ7 miljoen. In 1984/85 werd de Sphinx met een winst van bijna ƒ 6 miljoen weer op rotsbodem getild. Kaptein beoordeelt de vooruitzichten op korte en lange termijn gunstig. Inmiddels is het aantal medewerkers, dat ruim twee decennia geleden nog meer dan 3600 bedroeg, verminderd tot 1450. In het per ultimo maart beëindigde boekjaar werd het afslankingsproces in zoverre voltooid dat tegenover het ontslag van 33 medewerkers, 84 nieuwe, vooral jeugdige personeelsleden werden aangenomen.

Het verlies van 500 banen bij Sphinx sinds 1980 zit vakbondsleiders nog steeds dwars. In de jubileumkrant van de begin dit jaar haar eeuwfeest vierende Industriebond FNV viel Sphinx de twijfelachtige eer te beurt uitvoerig te worden geportretteerd. Naar het oordeel van de schrijvers is er in de 150-jarige geschiedenis van Sphinx op sociaal gebied niets veranderd. Het was onder Petrus Regout "een mensonterend feodaal, kapitalistisch uitbuiters moordhol" en dat is het in feite anno 1986 nog steeds, zo geeft de voor een weerwoord ingehuurde public affairs adviseur (en vroegere Menten-jager) Hans Knoop in de personeelskrant Sphinxpeers het bewuste artikel weer. De mensen zouden net als rond de eeuwwisseling bij de ovens nog steeds nakend rondlopen, de sanitaire voorzieningen bij de divisie Sanitair zouden ernstig te wensen overlaten, het ziekteverzuim is hoger dan het landelijk gemiddelde en met de kleedruimte van de divisie Vuurvast schijnt een en ander niet in orde te zijn. Knoop: "De vakbonden hebben in ons land geweldig werk gedaan, maar de strijd is gestreden: wat rest zijn cosmetische verfraaiingen. We kunnen de 'nakende' mannen bij de ovens natuurlijk verzoeken hun winterjassen aan te doen als de fotograaf langs komt. De enige conclusie van de honderdduizenden lezers van het bewuste jublileumnummer kan echter slechts zijn: heeft de Industriebond in honderd jaar dan zo weinig voor de leden bereikt?" Vergissing Ook met milieu-activisten had het bedrijf het vorig jaar aan de stok. De Stichting Reinwater beschuldigde Sphinx ervan het water van de Maas met tetra te verontreinigen maar dat bleek een 'pijnlijke' vergissing. De boosdoener was een ander bedrijf dat van het Sphinxriool gebruik maakte, aldus een artikel in Sphinxpeers. In november mocht Hans Knoop de lezers van het personeelsblad uitleggen dat Sphinx geheel ten onrechte door de Chemiewinkel in Eindhoven was beschuldigd van het storten van giftig afval. Terwijl de vermeende verontreiniging de voorpagina's van de kranten haalde, bleek het ontnuchterende vervolg ternauwernood goed genoeg voor een minuscuul bericht

op de binnenpagina's. "Niet het stort stinkt, maar de berichtgeving erover", aldus Knoop. Sphinx was tot voor kort eigendom van het Engelse concern Reed (papier, verpakkings- en bouwmaterialen) dat het bedrijf in 1974 overnam door een openbaar bod van ƒ 150 miljoen. Sphinx behaalde toen een netto winst van ƒ 6,3 miljoen bij een omzet van ƒ154 miljoen. In het topjaar 1972 maakte het bedrijf een winst van meer dan ƒ 10 miljoen bij een omzet van ƒ119 miljoen. Dit vooral als gevolg van een in 1971 doorgevoerde reorganisatie waarbij het personeel ook al eens met vijfhonderd werd uitgedund van 3000 tot 2500. In het voorafgaande rampjaar 1970 was een verlies geleden van ruim ƒ 9 miljoen bij een omzet van ƒ 86 miljoen. De aandelen werden in al 'die jaren verhandeld op de telefonisch door Broekman's Commissiebank en D.W. Brand onderhouden zgn. incourante markt. De overnemingsprijs in 1974 bedroeg 1100 procent van de nominale waarde ad ƒ 1000. Kort voor de overneming werd nog op 360 procent gehandeld. Reed heeft in tien jaar voor meer dan ƒ 100 miljoen in Sphinx gestoken, vooral in de vorm van diepte-investeringen. Het Britse conglomeraat wil zich nu concentreren op kern-activiteiten. De bouwsector, waaronder Sphinx, wordt afgestoten. Alle aandelen Sphinx werden verkocht aan de ABN. Gezien het feit dat de ABN voor ƒ 50 per aandeel heeft doorverkocht aan institutionele beleggers, zal Reed minder dan de helft ontvangen hebben van wat zij indertijd in guldens had betaald. Doordat het pond sterling in waarde meer dan gehalveerd is, is de tegenwaarde in ponden wellicht iets hoger dan waarvoor Reed de aandelen had gekocht. Gewaardeerd Destijds betaalde Reed voor Sphinx ongeveer éénmaal de omzet. De beurswaarde van Reed bij een koers van ongeveer ƒ 60 is' ƒ 90 miljoen. Dat is minder dan de helft van de huidige omzet van meer dan ƒ 200 miljoen. De omzet van Sphinx wordt dus anno 1986 heel wat lager gewaardeerd dan twaalf jaar geleden. Ongeveer 750.000 aandelen werden voor het beleggend publiek beschikbaar gesteld. De opbrengst van claims en aandelen is naar de ABN gegaan. Hoeveel de ABN aan het overnemen van de heruitgifte heeft verdiend, hangt af van de marge die de bank ten opzichte van de uitgifteprijs van ƒ 50 bedongen heeft, en van de opbrengst van de claims. Indien de claims gemiddeld ƒ 7,50 hebben opgebracht, zal de bank misschien wel ƒ 10 miljoen of meer aan de transactie verdiend hebben. De institutionele beleggers kregen, doordat zij geen claims hoefden te kopen, een korting van zo'n 15 procent ten opzichte van 'gewone' beleggers.

De omzet van Sphinx bestaat voor driekwart uit keramische artikelen. Daarnaast verkoopt het bedrijf vuurvaste hulpmaterialen aan de concurrentie en aan fabrikanten van dakpannen. Ook is de onderneming actief op het gebied van huishoudelijke- en geschenkartikelen, voornamelijk gedecoreerd glaswerk. Sphinx koopt het glas kant en klaar en decoreert dat zelf. Uit de periode dat het bedrijf koffie- en theepotten maakte stamt de produktie van papieren koffie- en theefilters. Na die 'andere bekende' fabrikant (Melitta) is dochter Filtropa de nummer twee, en zelfs de nummer één op de markt van de private labels, de markt van de huismerken, in de wereld. Verder maakt het bedrijf sinds kort kogelvrije vesten voor het Nederlandse leger. Om binnen de noodlijdende keramische bedrijfstak toch winstgevend te kunnen opereren, zijn de produktieprocessen drastisch gemoderniseerd. Er is een automatisering doorgevoerd — waarbij enkele robots zijn ingeschakeld —, en op het aardgasverbruik van de tegelfabriek werd 40 procent bezuinigd. Dit gebeurde door het telkens op te warmen vuurvast hulpmateriaal tot minder dan de helft terug te brengen. Daarvoor mocht Sphinx in oktober 1985 de energiebesparingstrofee in ontvangst nemen. De besparing is gelijk aan de hoeveelheid gas die een stad als Geleen in een heel jaar gebruikt. Gas en electriciteit maken momenteel 10 procent van de kostprijs uit, de loonkosten 50 procent. De waarde van de produktie per werknemer is opgevoerd van ƒ 100.000 tot f 150.000 dit jaar. Met 1200 mensen minder wordt 50 procent meer geproduceerd dan in 1974. De gemiddelde omzet per werknemer is gestegen van ƒ 128.000 in 1982 tot een streefcijfer van ƒ 185.000 dit jaar. Prognose Kaptein acht volgend jaar een verhoging van de netto winst met 20 procent mogelijk. De beleggingsresearch-afdeling van de ABN echter verwacht een stijging van de netto winst per aandeel van bijna 50 procent, nl. van ƒ 3,67 thans, tot ƒ 5,40 in 1986/87. Voor 1987/88 rekent de bank op ƒ 6,30 per aandeel. Dit omdat de arbeidsproduktiviteit is gestegen, de energiekosten zijn verlaagd en de efficiency is verhoogd. Kaptein zwakt deze prognose af door te stellen dat weliswaar de produktiemiddelen sterk verbeterd zijn, maar dat 250 tot 300 werknemers nog niet voldoende geschoold zijn om er optimaal gebruik van te maken. Er is een opleidingsprogramma in gang gezet dat in totaal ƒ 2,4 miljoen kost en waarin het Rijk voor negen ton bijdraagt. Daarnaast werden, om zoveel mogelijk medewerkers computerminded te maken, tegen een gereduceerde prijs Commodore-huiscomputers beschikbaar gesteld. Sphinx is vooral actief in de Benelux en wil zich meer gaan manifesteren in Duitsland, Frankrijk en Engeland. Omdat het bedrijf geen grote marktaandelen heeft, zal het niet al te moeilijk zijn daar enige uitbreiding aan te geven, aldus Kaptein. Binnen een straal van 225 kilometer heeft Sphinx een markt met meer dan 50 miljoen consumenten. Vooruitlopend op het naar de beurs gaan is er driftig gesleuteld aan de huisstijl en aan het imago van het Koninklijke bedrijf. Sphinx-badkamers moeten de consumenten "dat rijke gevoel geven", de kogelvrije vesten soldaten ongetwijfeld 'dat veilige ge.voel'. Sponsor Vanzelfsprekend past ook het sponsoren van de plaatselijke voetbalclub MVV in het nieuwe strategisch concept. De club die in de eredivisie voortdurend onderaan bungelde en inmiddels is gedegradeerd, was daardoor dit jaar voor de sponsor "interessanter" dan een middenmoter, zo troostte interim-trainer Pim van der Meent de Sphinx-supporters. Volgend jaar mag Frans Körver proberen de club weer naar hogere regionen te voeren. Met tevredenheid wordt tevens vastgesteld dat men Maastricht niet meer kan binnenrijden zonder een lichtreclame van de Sphinx te zien. Nu het bedrijf duidelijk uit de gevarenzone is, kan het Kaptein niet zoveel meer schelen wat de pers schrijft. Zolang het maar lang genoeg is en de naam maar goed wordt geschreven. Met ph alstublieft. Een verzoek om de Noorderbrug die de verbinding vormt tussen de Sphinx-vestigingen aan beide zijden van de Maas, om te dopen tot Sphinxbrug, werd evenwel niet gehonoreerd door B&W en de gemeenteraad. Door een dergelijk object naar één onderneming te noemen, zouden andere bedrijven voor het hoofd gestoten worden, vonden de stadsbestuurders. Waarmee zij voorbijgaan aan het feit dat het niet zo maar een onderneming betreft maar de oudste groot-industrie van Nederland, vinden de Sphinx-bestuurders.

^ Sphinx

«y.ntjPhHK • AASIWcmt

Fabricage-afdeling Sphinx

(foto Frits Widdershoven)

Schematische werking van de Palma Nova Clair, de Rolls Royce onder de closetpotten