Dit is een artikel uit het NRC-archief Dit artikel is met behulp van geautomatiseerde technieken gedigitaliseerd en voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd volledig correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Film

Carolus Verhulst, uitgever van mystiek-religieuze boeken, mediteerde samen met de mahatma 'Gandhi was een man van liefde, het enige cement dat mensen bindt'

Door onze redacteur F. G. Het was in de zomer van 1931, toen de mahatma (grote geest) deelnam aan een rondetafelconferentie in Londen over de toekomst van India.

Door onze redacteur F. G. DE RUITER WASSENAAR, 10 maart — "Truth is our only sheet anchor" — de waarheid is ons enige plechtanker — schreef Mohandas Karamchand Gandhi achterop een foto van zichzelf, die hij vervolgens aan Carolus Verhulst uitreikte. Het was in de zomer van 1931, toen de mahatma (grote geest) deelnam aan een rondetafelconferentie in Londen over de toekomst van India. Verhulst, uitgever van beroep, had de kleine, in een laken gewikkelde hindoe kort daarvoor al tweemaal ontmoet, maar dan met journalistieke oogmerken. Dit keer bezocht hij Gandhi uit louter persoonlijke belangstelling, wat voor de Nederlandse gast uitliep op een wonderbaarlijke ervaring. Verhulst was te laat doordat de boot vertraging opliep als gevolg van de mist. Hij had de hem toegemeten tijd verspeeld. Toen hij Gandhi aantrof in diens kantoortje in Knight's Bridge, was de meester net aan zijn meditatie begonnen, zittend aan het bekende spinnewiel. Verhulst werd met een vriendelijk gebaar uitgenodigd erbij te komen zitten en samen hebben ze een dik uur zwijgend doorgebracht. De inmiddels hoogbejaarde inwoner van Wassenaar krijgt nög vochtige ogen als hij op de gebeurtenis terugblikt: "Wat moet ik zeggen van zo'n zwijgend contact? Daar kom je met woorden niet uit. Het was een innerlijke belevenis. Zijn blik drong tot diep in je binnenste door". Gelijkgestemd Vandaag is de première van het door Richard Attenborough gefilmde epos over Ghandi, de man

die India deed ontwaken en de verpersoonlijking werd van geweldloos verzet. Verhulst is een van de weinige nog levende Nederlanders, misschien wel de enige, die hem persoonlijk heeft gekend. Dat juist hij die positie inneemt, is geen toeval. De mahatma en Carolus waren gelijkgestemde zielen. In de uitgeverswereld van vandaag geldt Verhulst als de grijze eminentie, iemand van bijzondere mentale kracht, die op zijn 82-ste nog leiding geeft aan de Wassenaarse firma Mirananda, uitgeverij van voornamelijk mystiek-religieuze werken in de Nederlandse en Engelse taal. Zijn kantoor is tevens zijn woonhuis, een modern, in witte steen opgetrokken pand, dat 's zomers achter veel lommer schuil gaat. Van commerciële bedrijvigheid is weinig te merken als we hem .opzoeken en dat hoeft niet te verbazen, want de meeste beslommeringen die met een uitgeverij samenhangen (opslag, facturering, enzovoort), zijn overgenomen door het Centraal Boekhuis te Culemborg. In Wassenaar bevindt zich slechts het redactionele gedeelte, alsmede het brein van de zaak, dat in deze aangename omgeving op volle toeren draait. Verhulst begint zijn dag om kwart voor zeven met een koude douche en werkt in de regel tot tien, elf uur 's avonds door, met de gebruikelijke onderbrekingen om te eten en een extra pauze na de middag, wanneer hij zich even te ruste legt. Ondanks de recessie gaat het goed met de firma: Verhulst signaleert tot zijn vreugde een groeiende belangstelling voor het soort literatuur dat hij uitgeeft. In het fonds zit ook een werkje van

Gandhi — Ethische Religie — dat indertijd (1931) door Carolus zelf werd vertaald en van een inleiding voorzien. Het beleeft over enkele weken zijn vijfde druk. Er komt binnenkort ook een pocket over de mahatma uit van de Amerikaan Louis Fischer, een biografisch geschrift, op grond waarvan de film tot stand kwam. Het karakter van de uitgeverij weerspiegelt zich in de woonwerkruimte. Verhulst heeft zich omringd met exotische beeldjes, waaronder een in bladgoud, dat de Egyptische godin Selket, behoedster van de ademhaling, voorstelt. Het is zijn lievelingsvoorwerp in huis. Op een bank rust een tampoera, een Indisch snaarinstrument, dat vroeger werd gebruikt ter begeleiding van meditaties. Sinds 1972 brengt Verhulst elk jaar een bezoek aan India, waar hij o.a. de Bhagwan ontmoette. Ook de naam van zijn uitgeverij heeft met dat land te maken. Mirananda is een samenvoeging van Mira, de eerste vrouw die volgens de legende in Krishna opging en een symbool van de liefde werd,

en ananda, wat gelukzaligheid of zegen betekent; de zegen van de liefde dus. Kees Boeke Carolus Verhulst komt uit een gereformeerd gezin in Middelburg en zat daar op de christelijke mulo en kweekschool, waarna hij al spoedig van zijn orthodoxe milieu vervreemdde. Een gebeurtenis die hem diep heeft getroffen, was de affaire rond de gereformeerde ds. Netelenbos, zijn leermeester, die in de hervormde kerk voor een collega inviel en daarvoor uit zijn eigen kerkgenootschap werd verwijderd. In diezelfde tijd raakte hij bevriend met Kees Boeke, een quaker, die hem een andersoortig christendom, vredelievend en los van dogma's, leerde kennen. Samen liepen ze — het was 1918 of daaromtrent — door de straten van Utrecht met rubber stempels onder hun voeten: „Nooit meer oorlog". Mede onder zijn invloed ontwikkelde Verhulst zich tot vrijdenker en antimilitarist, en van dat laatste getuigde hij metterdaad door dienst te weigeren —

in een tijd toen zoiets nog als landverraad gold. Hij moest er acht maanden voor opknappen in de militaire hulpgevangenis te Scheveningen. Latere dienstweigeraars klopten — niet tevergeefs — bij hem aan om bijstand en bemoediging. Laatst heeft hij er nog een verdedigd voor het militair gerechtshof in Arnhem. Vrienden van India In 1921 stichtte Verhulst de uitgeverij Servire (pas in 1977 zou het Mirananda worden) en vrij kort daarna begon hij te corresponderen met Gandhi. Een boek van Romain Roland had hem attent gemaakt op de Indiër, die toen al bekendheid genoot om zijn praktische toepassing van het "niet-wederstaan" als middel tot hervorming. Verhulst schreef er een breedvoerig artikel over in het Haags Maandblad. Ongeveer in diezelfde tijd richtte hij samen met Henriëtte Roland Holst een vereniging van Vrienden van India op, die tot 1940 heeft bestaan en in haar beste dagen 500 leden telde. Toen Gandhi in Londen vertoefde voor de rondetafelconferentie, die overigens zou mislukken, kreeg Verhulst van de Groene Amsterdammer het verzoek om de "heraut van een nieuw tijdperk" te interviewen. Dat gebeurde tot twee keer toe in gesprekken van ruim een uur, die niet alleen een journalistieke weerslag vonden. Verhulst werd vooral als privépersoon geraakt door de goeroe: "Een kleine, lelijke man. kaal en tanig, hij reikte amper tot mijn schouders en ik óók maar 1.74. Maar opmerkelijk vief, hij liep als een kievit en had een uitstraling die je nooit vergeet. Je kon het aan zijn ogen zien: hij was een

man van liefde, het enige cement dat mensen samenbindt". En verder: "Ik was als dienstweigeraar al een buitenbeentje, maar hij heeft me daarin versterkt en verdiept. Wat bij mij uit het christendom voortkwam, was bij hem in het hindoeïsme geworteld". Verhulst stel hem op één lijn met de man van Nazareth. De Bergrede, de radicale afwijzing van geweld. Dat heeft ook zijn houding in de oorlog tegenover de Duitsers bepaald. Op een dag moest hij bij Judenverfolger Fischer komen, die zijn revolver op tafel legde. Carolus is geen duimbreed geweken. "Zonder Gandhi had ik dat misschien nooit gedurfd". East End Na het eerste gesprek in Lon-,» den liep Verhulst met Gandhi mee naar het straatarme East End, waar de meester in een te; huis voor daklozen woonde. Hij ontmoette er ook diens financiële adviseur Masani, auteur van een boek over de Perzische mysticus Atar, waarvan Verhulst een Nederlandse versie had uitgegeven. Vrij kort daarop volgde het tweede gesprek, ook weer voor de Groene en ditmaal in gezelschap van Noto Soeroto, een gematigd Indonesisch nationalist, die door Verhulst was meegenomen. Een derde gesprek is er dus niet meer van gekomen, wat dc uitgever achteraf geen moment heeft gespeten. Het alternatief was wél zo indrukwekkend: een uur aan de voeten van een spin- 1 nende en mediterende mahatmal met als toegift een persoonlijk».' boodschap. "Truth is our o.n» shcet-anchor". Verhulst koestert' de tekst in Gandhi's krabelligt-' handschrift als een kostbaar klei! nood. i

De spreuk "de waarheid is ons enige plechtanker" die Gandhi in het Engels op de achterkant van een foto van zichzelf schreef.

De 82-jarige Carolus Verhulst, een van de weinige nog levende Nederlanders die Gandhi persoonlijk heeft gekend, (foto NRC Handelsblad/ Leo van Velzen)