Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Beeldende kunst

Werk van schilder Giger zal heel snel fameus zijn

Door HANS REDEKER AMSTERDAM, 1 okt. - Mijn collega Philip Peters bleek zich dezer dagen buitensporig te hebben geërgerd aan de Hollandse groep van „Metarealisten", die nu in Den Haag een eigen galerie bezitten. Woorden als „kitscherige rozekruiserssymboliek, enge erotiek, spirituele onzin en zweverige kletskoek" konden ook uit mijn, zij het van nature wat mildere koker gekomen zijn. Ik Weet nog niet, wat hij zou ondergaan bij het aanschouwen vap het Nederlandse debuut van de Zwitserse schilder H. R. Giger in de Amsterdamse galerie van Walter Kamp, die zich al enkele jaren in dezelfde sfeer geweegt, zij het hoofdzakelijk internationaal en vooral op Wenen gericht, met Ernst Fuchs als de grote man. Dit is toch minder "kitscherig, zweverig en mystiekerig, meer recht toe recht aan surrealistisch, al willen ook zij dat woord niet horen, en met een heel geraffineerd gebruik, zowel van de beeldende middelen als van de erfenis van hun befaamde stadgenoot van weleer, 'Siegmund Freud. Voor H. R. Giger zouden dezelfde kwalificaties kunnen gelden. Kamp zelf is van hem danig ondersteboven geraakt. „Het gebeurt niet vaak", verklaarde hij, „dat je als kunsthandelaar onmiddellijk laaiend enthousiast wordt bij het zieït van het werk van een kunstenaar en dat je beseft met een van de allergrootsten geconfronteerd te worden. Zeker niet als het dan ook nog gaat om een kunstenaar die wat men noemt nog tamelijk onbekend is. Mij is het zo vergaan toen ik voor de eerste keer werk van de Zwitserse schilder Giger zat in een Parijse galerie. Hij exposeerde daar op een groepstentoonstelling en er was slechts één schilderij van hem te zien. Ik heb er zeker een half uur voor staan kijken. Ternauwernood kon ik me voorstellen dat dit schilderij door een mens gemaakt was. Dit gevoel van,, dit kan niet, dit is grootser dan wat de menselijke geest vermag, werd sterker naarmate ik meer werk van Giger te zien kreeg." Niet mis uit de mond van een kunsthandelaar, die ik toch allerminst tot de zweverigsten kan rekenen. Psychedelisch Nu kan dan ook Nederland meer, zelfs betrekkelijk veel. werk van deze bovenmenselijke schepper aanschouwen met als 'pièce de resistance'de Passagentempel, die men moet binnengaan door een opening, gevormd naar de gestalte van Giger zelf, waardoor men als het ware binnentreedt in diens innerlijke

wereld van angsten, obsessies, gruwelen, visioenen, die de gehele ruimte vullen. ^ Giger is nog betrekkelijk jong, in 1940 in Chur geboren en nog relatief onbekend. Toch heeft zich al een hele literatuur over zijn werk uitgestort, met aan het hoofd Horst Albert Glaser, die ook tot de belangrijkste auteurs van onder meer de eroticus Bellmer behoort. Bij een man als Giger kan het met niets minder dan met termen als „interuterinaira technologie voor het jaar 2000', „Paranoia", „Psychedelisch", „de mens gedeformeerd tot oervorm der latere humanoiden". Wat overblijft is, dat Giger technisch een meester is, die ons met een heel eigen techniek, een combinatie van schilderen en spuiten, een wereld van koele horror oproept, een demonische' hallucinatie, waarin mensen, machines, (folter)-werktuigen en wijkende onbestemde ruimten

versmelten, evenals geboorte, leven en dood, erotiek, sadisme en impotentie, met van alles de dood en de vernietiging het meest. Geloven wij zijn biografen - en er is geen reden aan hen te twijfelen - dan moet hij inderdaad al heel jong tot dergelijke obsessies zijn gekomen en ook al vroeg kinderen uit de buurt in door hemzelf gemaakte horrorkamers hebben binnengelokt. Nu zijn er al films over zijn werk gemaakt, waarvan er één werd bekroond, en is inderdaad - daarvoor heeft Kamp een fijne neus - de tijd niet ver meer, dat hij tot de toppen van hét succes zal zijn geklommen bij het speciale publiek, dat voor deze kunst op het ogenblik bestaat binnen een meer algemene wederopbloei van het surrealisme en het fantasmagorische. (De tentoonstelling, Rokin 154, Amsterdam duurt tot 24 oktober, di. tot za. 10.30 tot 17.30 uur.)

Détail uit een werk van H. R. Giger: Li II (1974)