Branded Content
Branded Content XTR Branded Content is de commerciële content op nrc.nl. De inhoud valt buiten de redactionele verantwoordelijkheid van NRC Media.

Van A naar B reizen wordt net zo makkelijk als Netflixen

Tussen nu en 2040 komen er in Nederland 12 miljoen bomen bij. Er kunnen 45.000 nieuwe woningen worden gebouwd, we delen dan een zelfrijdende auto en pakketjes worden door de lucht vervoerd per drone. Toekomstmuziek of wordt het werkelijkheid?

Uit onderzoek van Deloitte naar smart mobility lijkt het een realistisch toekomstbeeld. Volgens Wouter de Wit, consultant bij Deloitte Real Estate & Partnerships en nauw betrokken bij het mobiliteitsonderzoek, is de belangrijkste trend de verschuiving van autobezit naar gebruik van mobility as a service. “Straks komt er een mobiliteitsabonnement waardoor mensen echt worden ontlast”, zegt hij. “Die bepaalt voor jou hoe je het makkelijkst van A naar B kan en welke alternatieven je kunt nemen als er bijvoorbeeld een file ontstaat. Je kunt dan je deelauto wegzetten en verder reizen met de trein. Bij het station van aankomst staat er een nieuwe deelauto klaar waarvan het vooraf ingestelde navigatiesysteem je direct naar een gereserveerde parkeerplaats op plek van aankomst leidt. Of je kiest daar toch voor een Uber, zodat je nog wat e-mails kunt wegwerken, of voor een deelfiets als de zon schijnt. In- en uitchecken gaat automatisch via je smartphone en de reiskosten worden direct verrekend binnen je mobiliteitsabonnement.”

Mobility as a service

Het verschil met nu is vooral dat gebruikers de zekerheid hebben dat ze niet voor verrassingen komen te staan. Reizigers en reistijden staan met elkaar in verbinding en aan de hand van realtime informatie kan continu de optimale reismethode worden bepaald. ‘Mobility as a service’ wordt een overkoepelend platform waarbij je continu kunt kiezen en switchen tussen alle verschillende transportmodaliteiten. Dat is nu nog toekomstmuziek, maar de eerste trends in die richting zijn al zichtbaar. In grote steden kun je met je smartphone binnen een paar minuten een Uber voor laten rijen. Of een deelauto of deelfiets openen via een van de vele deelprogramma-apps. De snelle opkomst van dit soort concepten is indrukwekkend.  Naast de bekende partijen hebben vrijwel alle grote autoproducenten inmiddels ook autodeelautoprogramma’s. En leasemaatschappijen springen in op deze markt door het aanbieden van goedkope leasecontracten op voorwaarde dat de auto gedeeld wordt.

Minder files, meer groen

De grootste groei komt echter van de peer2peer-platforms. Hierop kunnen particulieren hun auto verhuren, die anders stil voor de deur staat. Het aanbod van deelauto’s stijgt snel waardoor het voor niet-autobezitters steeds minder noodzakelijk wordt om nog een eigen auto te kopen. Sommige mensen zijn zelfs bereid om hun (tweede) auto te verkopen wanneer er in hun buurt voldoende deelauto’s beschikbaar zijn. Verschillende studies hebben daarnaast aangetoond dat de aanwezigheid van één deelauto zo’n drie tot twintig auto’s in privébezit kan vervangen, afhankelijk van de buurt en het type deelauto. “Al is dat getal van twintig wel optimistisch”, zegt Wouter. De voordelen zijn echter duidelijk. Een auto delen kan leiden tot minder auto’s, minder files, minder parkeerbehoefte in de steden en daardoor tot meer ruimte voor groen en woningbouw.

700 voetbalvelden aan parkeerplekken

“Vooral dat laatste is momenteel een probleem”, aldus Wouter. In de meeste steden is ongeveer de helft van de openbare straatruimte bestemd voor auto’s die gemiddeld 95% van de tijd geparkeerd staan. Alleen al in Amsterdam zijn er zo’n 700 voetbalvelden aan parkeerplaatsen. In heel Nederland zijn er ruim 14 miljoen parkeerplekken voor circa 8 miljoen personenauto’s. Dat aantal kan volgens het onderzoek met 40% worden teruggeschroefd. Een voorwaarde is wel dat het parkeerbeleid gaat veranderen. Veel gemeenten hanteren nu nog parkeernormen die bepalen hoeveel eigen parkeerplaatsen projectontwikkelaars moeten realiseren bij een nieuwe woning of winkel. Het idee daarachter is dat iedereen een parkeerplek moet kunnen vinden. Door deze regel stijgt het aantal parkeerplaatsen echter ongeveer mee met de bevolking. Het bouwen van deze plekken is daarnaast ook nog eens duur waardoor sommige projecten onhaalbaar worden. Bovendien berekenen vastgoedeigenaren de kosten door aan hun huurders, terwijl een groeiend aantal van hen niet eens een eigen auto bezit.”

Auto delen met je buurman

“Op dit gebied zijn wel interessante ontwikkelingen zichtbaar”, aldus Wouter. “In steden als Amsterdam en Utrecht worden inmiddels al flexibele parkeernormen gehanteerd. Ontwikkelaars mogen daar nu minder parkeerplaatsen per appartementencomplex bouwen, zeker als ze hun huurders deelauto’s of een OV-abonnement aanbieden. Dit past bij een beleid dat steeds meer gemeenten voeren om autobezit in de (binnen)stad terug te brengen. Door dit fenomeen kunnen meer huizen gebouwd worden, maar ontstaat er ook meer ruimte voor groen. En dat biedt voordelen. In een groene omgeving zijn stedelingen eerder geneigd de fiets te pakken of te gaan lopen, wat de infrastructuur duurzaam ontlast en voor een schonere en klimaatbestendigere stad zorgt.” Worden we straks dan verplicht om te sharen? De Wit: “Ik verwacht dat de overheid wel meer gaat sturen op delen. Wie deelt, maakt minder gebruik van de weg en zorgt voor minder fileleed en vervuiling. Daarin zal qua belasting tegemoet worden gekomen. Verplichten is geen optie zolang er geen goed alternatief voor autobezit beschikbaar is. De opkomst van mobility as a service, waarbij de veelheid van de auto- en ritdeelinitiatieven voor iedereen toegankelijk wordt in één overzichtelijke app, kan hier verandering in brengen. En de andere grote game-changer is natuurlijk de introductie van zelfrijdende auto’s.”

Allemaal in de zelfrijdende auto

Het voordeel van het hebben van een eigen auto voor de deur, valt vrijwel weg als je in de toekomst een zelfrijdende deelauto kan laten voorrijden wanneer je er een nodig hebt. Die flexibiliteit zal, naast de lagere kosten, voor veel mensen een reden zijn om te kiezen voor een mobiliteitsabonnement in plaats van een eigen auto. Verwacht wordt dat in 2040 driekwart van de gemaakte kilometers in een deelauto is afgelegd en dat de helft van alle kilometers in zelfrijdende voertuigen plaatsvindt. Toch verwachten deskundigen een toename van het aantal files door zelfrijdende auto’s. Wouter de Wit: “Dat hangt sterk af van de mate waarin delen populair wordt. Het zal eerst drukker worden omdat zelfrijdende auto’s in het begin moeten mixen met het normale verkeer. Hierdoor realiseer je maar een klein deel van de efficiëntie. Maar op termijn kan verwacht worden dat op veel wegen alleen nog zelfrijdende auto’s toegang krijgen omdat dat zowel de verkeersveiligheid als de doorstroom vergroot.

Het klinkt allemaal nogal futuristisch. Geen eigen auto meer, maar een gedeelde, zelfrijdende auto die met een druk op de knop in no time voor de deur staat. “Het kan snel gaan. De opkomst van de mobiele telefoon hadden ook maar weinig mensen voorspeld. We hebben het hier niet over een vervoersontwikkeling pur sang, maar vooral over een digitale ontwikkeling. Concepten als auto- en ritdelen zijn al heel oud, maar dat we straks via één platform toegang hebben tot het gehele mobiliteitssysteem is nieuw. Je kunt dan bijvoorbeeld via een app zien wie er dezelfde kant op gaat als jij en met wie je dus een (zelfrijdende) auto zou kunnen delen om kosten te drukken. Die digitale mogelijkheden gaan op de weg en daarbuiten voor een enorme impact zorgen.”

State of the State is een actuele data-analyse van ons land, bedoeld om beleidsmakers en organisaties te voorzien van bruikbare inzichten op verschillende maatschappelijke vraagstukken. Naast dit onderzoek naar de toekomst van mobiliteit deden we ook onderzoek naar het potentieel waardeverlies door cyberrisico’s, hielden we een landelijke data-analyse waarin de balans tussen de huurprijzen, de marktwaarde en het inkomen bij sociale huurwoningen in kaart zijn gebracht en maakten we een zorgbenchmark. Wil je meer weten over de voorspellende waarde van data neem dan contact op met Pouya Zarbanoui.