Branded Content
Branded Content XTR Branded Content is de commerciële content op nrc.nl. De inhoud valt buiten de redactionele verantwoordelijkheid van NRC Media.

Nederlanders zijn dol op digitaal experimenteren

Testen en toetsen. Bevalt het? Dan gaan we ermee door. Zo niet, volgende experiment. Veel Nederlandse bedrijven kiezen deze aanpak om uit te vogelen wat digitaal werkt en wat niet. We lopen daarmee voor op de rest van de wereld, concludeert Deloitte na onderzoek.

Nederlandse ondernemers experimenteren veel en graag, onder andere op digitaal vlak. Maar liefst een derde van ‘onze’ bedrijven kiest voor die aanpak. Meer dan de rest van de wereld, waar ruim een vijfde van de bedrijven gaat voor digitaal experimenteren. De cijfers zijn te vinden in het rapport Dutch Digital DNA Demystified.

Twee types

Bedrijven die zichzelf digitaal volwassen noemen, blijken veel overeenkomsten te hebben. Zij durven niet alleen te experimenteren en risico’s te nemen, maar hebben ook een sterk leiderschap en zijn flexibel. Deze karakteristieken komen vooral voor bij de Fast Moving Experimenters, vertelt Hans van Grieken, EMEA Technology Research Leader bij Deloitte en eindverantwoordelijk voor het onderzoek. “Dit zijn meestal bedrijven die nog niet zo lang bestaan en die in basis digitaal zijn. Veelal pure online spelers dus.”

Digitale strategie

Ook een ander soort bedrijven scoort hoog op digitale volwassenheid. Deze zogeheten Talent & Strategy Leaders leggen veel nadruk op de ontwikkeling en het aantrekken van talent. Ook hebben ze een goede langetermijnvisie, een duidelijke digitale strategie en een topmanagement dat die strategie afdwingt. Deliberately digital, noemt Ronald Meijers het. Hij werkt bij Deloitte als expert op het gebied van leiderschap en besturen. “Talent & Strategy Leaders richten de organisatie in op die digitale strategie, werven nieuwe medewerkers die daarbij passen, ze kiezen voor klanten die deze aanpak prettig vinden en zijn dus duidelijk veel digitaler dan hun concurrenten.”

Cultuur

Met name de Fast Moving Experimenters zijn in Nederland veel meer te vinden dan in het buitenland (31% versus 21%). De hamvraag is uiteraard: hoe komt dat? Waarom kiezen wij meer dan in andere landen de weg van experimenteren, van trial and error? Meijers heeft wel een vermoeden: “Ik zie aanknopingspunten in onze cultuur. Wij kunnen bijvoorbeeld heel goed samenwerken. Hoe meer je bereid bent iets van een ander aan te nemen en te onderzoeken hoe een ander het doet, hoe sneller je iets kan leren. Qua vergelijking: Amerikanen zijn meer hiërarchisch: de baas bepaalt. Dat is prettig bij een goede koers, maar niet als je met zijn allen op een klif afstevent.”

Intensief klantcontact

Voor het succesvol lanceren van digitale initiatieven is enige mate van experimenteren nodig. Én een bedrijfscultuur waarin die experimenten minstens zijn toegestaan, maar liever nog worden ondersteund. Van Grieken: “Dat is typerend voor de Fast Moving Experimenters. Wij zien dit archetype vaak in sectoren waarin de technologische ontwikkelingen elkaar snel opvolgen en waar sprake is van intensief klantcontact. Denk aan bedrijven in de media, telecom, retail, reisbranche, fast moving consumer products en consumententechnologie. Dit soort bedrijven hanteert een strategie waarbij het constant nieuwe technologieën en concepten toetst aan de daadwerkelijke response van de klanten. Reageert de doelgroep niet, dan wordt de innovatie stopgezet. Door heel veel verschillende digitale innovaties tegelijkertijd bij klanten te testen, zijn dit soort bedrijven extreem goed in het snel implementeren van nieuwe digitale technologieën en businessmodellen.”

Overleg duurt te lang…

Onder Nederlandse bedrijven zijn er dus relatief veel Fast Moving Experimenters. Nederlandse ondernemers zijn goed in het ontwikkelen van proefmodellen en gaan daar graag binnen het bedrijf over in discussie, zegt Van Grieken. Toch plaatst hij daar wel een kanttekening bij. “Ze hebben de neiging te blijven hangen in dat overleg. Als het aankomt op knopen doorhakken en het schalen van experimenten naar de werkvloer, dan vinden Nederlanders dat toch vaak moeilijk. Zeker als er impopulaire, menselijke besluiten moeten worden genomen. Bijvoorbeeld als de digitale oplossing personele consequenties heeft of ten koste gaat van de korte-termijnomzet.”


…of duidt op samenwerking

Meijers benadrukt juist de positieve kant van het vele overleggen op de Nederlandse werkvloer. “Ik denk dat er binnen Nederlandse bedrijven een goede synthese is tussen participatief en directief. Je kunt dat overleg als negatief beschouwen, maar ook als iets positiefs, als samenwerken en de dialoog aangaan. Als de participatie hoog en gestructureerd is – dus inclusief een tijdig besluit – levert dat extreem veel betrokkenheid, innovatie en klanttevredenheid op. Bedrijven die daarentegen relatief hiërarchisch proberen te opereren, lopen achter en zien mensen vertrekken. Daar schiet het niet op.”

Je eigen concurrent ontwikkelen

Zoals blijkt uit het onderzoek zijn Nederlandse bedrijven goed in experimenteren. Maar Van Grieken en Meijers zien beiden dat Nederlandse ondernemers zich niet graag wagen aan experimenten met bedrijfskritische onderdelen en projecten. Toch is er een kentering zichtbaar: volgens Van Grieken en Meijers durven steeds meer Nederlandse bedrijven hun eigen nachtmerriescenario te bedenken. In plaats van te wachten tot er een concurrent opstaat die hen overbodig maakt, ontwikkelen ze als het ware hun eigen concurrent. Dat doen ze uiteraard buiten het oorspronkelijke bedrijf. Van Grieken: “Door digitale innovatie buiten je organisatie te plaatsen, creëer je meer ruimte en mogelijkheden voor experimenten en risico’s. Je wordt niet gehinderd door je eigen interne processen, structuren en tools, zeg maar de ‘antilichamen van het moederschip’. Dat is echt lef: jezelf durven ‘op te eten’ voordat een concurrent dat doet. Waarom Nederlanders die stap durven zetten, lijkt me een mooi onderwerp voor een volgend onderzoek.”

Om toekomstbestendig te blijven, moet je beschikken over een ‘digitaal DNA’. Hiervoor is een andere mindset nodig: het dwingt de gehele organisatie om ook van binnenuit digitaal te worden. Wil je doorpraten over dit onderwerp? Neem dan contact op met Hans van Grieken of Ronald Meijers.