Sponsored content
Sponsored content

Met deze tips kom je van het ‘Impostersyndroom’ af

Het is een nachtmerriescenario, maar het kan in jouw beleving zomaar werkelijkheid worden, dat op je werk ooit iemand opstaat en zegt: “Je hebt helemaal niet het niveau voor deze baan. Je bent helemaal niet intelligent, creatief en doortastend genoeg.” En dat anderen op het werk dat beamen.

Het idee dat je overschat wordt en/of jezelf misschien wel erg overschat, maar dat je natuurlijk een keer door de mand moet vallen, dat is de kern van het Impostersyndroom. Maar liefst 70% van de mensen heeft er in min of meerdere mate last van. In het vorige artikel  staat een test, waarmee je kunt toetsen in hoeverre jij behept bent met het Bedriegers- of Impostersyndroom. In dit artikel geef ik een aantal tips hoe je ervan af kunt komen.

De therapeutische aanpak en het risico ervan
In mijn praktijk kom ik regelmatig mensen tegen die in therapie gaan, maar vaak ligt de focus op het zoeken naar hoe het zo gekomen is. Mijn ervaring is dat weinig mensen echt opknappen van dergelijke trajecten. o Doordat er vaak veel meer oorzaken zijn, komt er geen duidelijk antwoord. En bovendien helpt het benoemen van de oorzaak vaak nauwelijks om er anders mee om te gaan. Je hebt niet opeens meer zelfvertrouwen als je weet dat je weinig positieve feedback gehad hebt in je jeugd. Als de therapie dan niet werkt, ligt het voor de hand dat je jezelf ziet als een zwaar geval, en van die gedachte knap je ook niet bepaald op.

Dus voor iedereen die het eens anders wil proberen: vier tips die wél werken.

  1. Maak het niet kleiner, maar ook niet groter
    Het Impostersyndroom is geen psychische ziekte, maar wel een hardnekkige combinatie van denken, voelen en handelen. Erken dat jij dit hebt, dat een aantal persoonlijkheidsfactoren, gecombineerd met ervaringen, met ‘opvoedingswaarheden’ waarschijnlijk voor de juiste vruchtbare grond voor dit denken hebben gezorgd. Bedenk ook dat dat voor een meerderheid van de mensen geldt. Grote kans dat ook die zelfbewuste collega van je regelmatig worstelt met sterke onzekerheidsgevoelens.
  1. Word slachtoffer-af
    Zie jezelf niet als slachtoffer. Vergeef je ouders hun goedbedoelde zuinigheid aan complimenten of die ene baas die je klein hield. Als je het idee hebt dat bepaalde mensen veel invloed hebben gehad op jouw onzekerheid, probeer ze dan een brief te schrijven (die je niet hoeft te versturen), waarin je ze vergeeft. Juist daardoor krijg je zelf weer het heft in handen.
  1. Realiseer je dat je (consequent) een aantal denkfouten maakt
    Het denken over jezelf voelt vaak heel natuurlijk aan, omdat je dat zo consequent doet dat er een snelweg in je brein ontstaan is. Je zult hard moeten trainen in anders denken om een nieuwe (gezonde) weg te creëren. Dat begint met het herkennen van ongezonde denkfouten zoals:
  • Anderen mogen fouten maken, maar ik niet;
  • Mijn prestaties zijn niets bijzonders; dat kan iedereen;
  • Complimenten krijg ik omdat ‘ze’ er weinig zicht op hebben, iets van me nodig hebben, of het anders zielig voor me vinden;
  • Als ik iets stoms doe, ben ik ook stom;
  • Ik kan meer leren van mijn missers dan van mijn successen;
  • Anderen zijn vrijwel altijd competenter en slimmer dan ik en hebben nauwelijks zwakheden en onzekerheden;
  • Kritiek moet ik altijd serieus nemen, ook van die manager die ik helemaal niet zo goed vind.
  1. Ga moeilijke taken niet uit de weg, maar dwing jezelf tot oefenen
    Meld je juist wél aan om die presentatie te geven, zorg dat je een vraag hebt bij de rondvraag en probeer jezelf uit in nieuwe rollen en taken (bij vervanging bij voorbeeld). Ervaar hoe het is om op je tenen te moeten lopen en wellicht zelfs kritiek te krijgen. Ga iets doen wat je nog nooit hebt gedaan buiten je werk en geniet van het leerproces (bijvoorbeeld viool spelen of schaatsen). Geef jezelf de credits voor je doorzettingsvermogen en je kleine vorderingen.

Zitten hier voor jou herkenbare gedachten tussen? Lees dan hier verder.

Over Ester de Bruine (@esterdebruine)
Ester (1961) studeerde Onderwijskunde en Arbeids- & Organisatiepsychologie. Ze werkte als hr-professional, docent aan de Hogeschool, consultant en ze startte een businessunit voor vrouwen en hun loopbaan. In 2012 richtte zij de Loopbaanonderhoudsgroep op, met als doel om werknemers te helpen beter voor hun eigen onderhoud te zorgen. En om werkgevers dat te laten faciliteren: Duurzame Inzetbaarheid 2.0. Ook schreef zij diverse boeken om mensen te helpen bij het vinden van hun pad op de arbeidsmarkt.