Sponsored content
Sponsored content

Heb jij last van kritiek en botte collega’s?

Louter het voornemen om je vanaf nu minder te laten raken door een collega of manager, werkt zelden. Dat komt omdat je geen aandacht besteedt aan de achterliggende overtuigingen. Als je op dezelfde manier blijft denken, zal de emotionele kracht ervan even groot zijn. Dan is het lastig om je er rustiger en minder gekwetst bij te voelen.

“Ik laat het voortaan allemaal van me afglijden”

Misschien sta jij ook wel meer op scherp dan handig voor je is. Dat wil zeggen dat je een opmerking van de ander te snel interpreteert als een vorm van afwijzing of minachting, terwijl er soms iets heel anders aan de hand is, bijvoorbeeld:

  • Je manager snoert jou regelmatig de mond in vergaderingen, maar doet dat soort dingen bij anderen ook. Dat is gewoon zijn ongeduld en heeft niet direct betrekking op jou
  • Een collega heeft gezegd dat hij jou ingewikkeld in de omgang vindt (maar feit is dat jij hem al langer een zeurpiet vindt)
  • Je zit ziek thuis na een conflict en er belt bijna niemand om te vragen hoe het met je gaat (waarschijnlijk vooral omdat ze ook niet goed weten wat ze met de situatie aan moeten)

Vaak leidt het idee dat we mogelijk afgewezen worden tot twee sterke emoties: boosheid en verdriet. Als psycholoog met affiniteit met cognitieve therapie, denk ik dat de sleutel voor een betere manier van hiermee omgaan ligt in de achterliggende overtuigingen.

  1. Boos met een achterliggende gedachte in de trend van: “Jij mag mij zo niet behandelen, want dat heb ik niet verdiend.”
  2. Verdrietig met als achterliggende gedachte: “Als jij zo tegen mij doet, voel ik mij minderwaardig.”

Deze gevoelens versterken elkaar vaak ook nog eens. We denken dan: ”Jij mag mij niet dit pijnlijke gevoel van minderwaardigheid geven. Ik haat het. En dus haat ik jou.”

De oplossing zit in het proberen om anders te denken. Dat gaat niet in één keer, dat moet je trainen, maar dat het helpt is wetenschappelijk bewezen. Niet anders denken in de zin van “ik trek me er niets meer van aan”, maar echt wezenlijk anders. Een voor jouzelf meer gezonde manier van denken bevat de volgende elementen:

  • Zolang het binnen de wet en de regels is, mag jij doen wat je wilt
  • Ook als jij mij afwijst, maakt dat mij nog niet minder
  • Jouw oordeel is ook maar beperkt en gekleurd door jouw ideeën en persoonlijkheid
  • Hoewel ik het fijner vind als onze relatie goed is, kan ik ermee leven als jij niet positief over mij denkt of wanneer de relatie zou stoppen
  • Ik ga er niet dood aan
  • Daarom kan ik uitzoeken wat jouw bedoeling was, of ik het wel goed geïnterpreteerd heb
  • En dan zelf bepalen wat ik met de relatie wil

De essentie is dus dat je je minder afhankelijk maakt van een oordeel van een ander, dat je het ziet als een van de vele stukjes feedback die je krijgt in je leven. Nog twee andere tips om beter om relaxter in het leven te staan bij potentiële afwijzing:

  • Meer en bewuster stilstaan bij de vraag: wat wil ik zelf?
  • Meer oefenen in het verdragen van het idee dat anderen negatief over je denken. Zeg eens gewoon “nee” als je ergens geen zin in hebt, wetend dat die ander zal denken dat je lui bent. Of roep eens hard hoe laat het is in de tram, wetend dat er zeker mensen zijn die denken dat je ze niet allemaal op een rijtje hebt. Klinkt gek, maar soms moet je gekke dingen uitproberen om af te komen van iets wat vaak behoorlijk vast in je denken verweven is en je leven toch een stuk minder licht maakt.


Over Ester de Bruine (@esterdebruine)

Ester (1961) studeerde Onderwijskunde en Arbeids- & Organisatiepsychologie. Ze werkte als hr-professional, docent aan de Hogeschool, consultant en ze startte een businessunit voor vrouwen en hun loopbaan. In 2012 richtte zij de Loopbaanonderhoudsgroep op, met als doel om werknemers te helpen beter voor hun eigen onderhoud te zorgen. En om werkgevers dat te laten faciliteren: Duurzame Inzetbaarheid 2.0. Ook schreef zij diverse boeken om mensen te helpen bij het vinden van hun pad op de arbeidsmarkt.