Mama is boos!
Natuurlijk komt er een dag dat de kleindochter van de huidige kleuterprinses Amalia koningin van onze Nederlanden is. En dan? Dan niks. Nederland is in die tijd misschien wat groter omdat we Vlaanderen terug hebben. Maar verder is er niet veel veranderd. Ook die koningin zit nog steeds onder verantwoordelijkheid van een of andere premier in een suf paleis haar leven uit te zitten. Ze mag hier en daar een lintje knippen, af en toe wat verstandelijk gehandicapten over hun bol aaien, jaarlijks in een droef dorp haar verjaardag vieren, in september vanuit de Gouden Koets lachen naar wat terug zwaaiende huisvrouwen, waarna ze een onbegrijpelijk stukje gezwollen proza voordraagt. En een groot aantal keren in haar leven wordt ze in een vliegtuig gehesen om in het buitenland wat handjes van collega-vorsten te schudden. Het volk wil poppenkast met levende poppen en zolang de poppen geen bezwaar maken gaat alles lekker. Maakt u zich geen zorgen: dat koningshuis pruttelt nog eeuwen voort.
Maar dan komt er een boek uit. Twee dames hebben in een archief gesnuffeld en ontdekt dat de voorvaderen van de koningin doodgewone mensen van vlees en bloed waren. Ze lezen grappige dingen over ene Prins Hendrik die, als hij kachel was, alle dames in Den Haag en omgeving besprong en als hij niet kachel was dat ook deed. Een zielige figuur die met veel alcohol zijn sprookjesleven draaglijk probeerde te maken.
Verder staat er een verhaal in over een zekere Jorge Zorreguieta, die een prachtige prinses aan het Oranje Huis leverde. Deze prinses werd later een bijzonder populaire koningin. Jorge was verre van fris en werd na grondig onderzoek zelfs geweigerd bij het huwelijk van zijn dochter. Hij had bloed aan zijn handjes omdat hij een vriendje van een zekere Videla was. In die tijd een meedogenloze Argentijnse dictator, die duizenden tegenstanders liet afslachten. Hoe? Op alle manieren. Onder andere door ze boven zee uit vliegtuigen te lazeren.
En dan heb je natuurlijk nog het hoofdstuk Prins Bernard en dat is veruit het dikste hoofdstuk uit het boek. Bernard was een losbollende Duitser die zijn leven lang feest gevierd heeft op kosten van het Nederlandse volk. Hij deed alles wat God en zijn vrouw hem toentertijd verboden. Hij naaide vrolijk in het rond, schopte behalve zijn eigen vrouw ook nog een paar andere dames zwanger, vulde zijn uniformzakken met smeergeld van een vliegtuigfabriek en gaf op zijn sterfbed alles lachend toe aan twee journalisten van de Volkskrant, die hij terloops ook nog even de namen en adressen van zijn bastaards gaf.
Zal de koningin daar dan op reageren? Zal zij zeggen dat de schrijvers selectief te werk zijn gegaan? Dat er ook andere zaken in het archief stonden. Dat die Hendrik ook wel eens een avond bij de open haard een romannetje heeft zitten lezen en dat hij van speculaasjes hield. Of dat die Jorge regelmatig een potje polo speelde bij een vriend met een te grote achtertuin en dat hij zijn dochter nooit een haar gekrenkt heeft? En dat die Bernhard als hobby de fauna op de Veluwe beheerste door fazanten en zwijntjes af te knallen? Dat de zwijntjes tot voor zijn loop werden opgejaagd door plaatselijke jachtopzieners vertelt ze er waarschijnlijk niet bij. Maar het op peil houden van de wilde zwijnenpopulatie is toch nobel werk.
Andere vraag: Is er dan nog iemand geïnteresseerd in die Hendrik, Jorge en Benno? Het zal iedereen toch jeuken wat die types in hun leven uitspookten. Drie ordinaire mannetjes die zich te pletter verveelden en het voor zichzelf zo aangenaam mogelijk maakten. Net als wij doen.
Daarom begrijp ik de huidige boosheid van Trix niet. Wij mogen niet weten dat Willem I hebberig en eigenwijs was, Willem II een halve nicht en Willem III een onbehouwen hork. En wat een beetje dom van de koningin is: ze brengt het boek nu pas echt onder de aandacht. Als ze niks gezegd had had ik het niet gelezen. Wat ik nu denk? Gauw lezen. Al is het maar om te constateren dat er niks veranderd is in al die jaren.
