“Met een koelkast als kandidaat zouden de Republikeinen nog moeten winnen”
Twee ex-campagneleiders debatteren op Stanford over de Amerikaanse presidentsverkiezingen, de met een Stetson-hoed getooide Republikein Mark McKinnon en de Democraat Chris Lehane. Derde spreker is een opiniepeiler, Gary Segura. De laatste is als hoogleraar aan Stanford verbonden. McKinnon en Lehane delen plaagstootjes uit maar blijken vooral vaklieden die het op professioneel gebied grotendeels eens zijn. Lehane: “Gezien de economie zouden de Republikeinen een koelkast kandidaat kunnen stellen en hij zou winnen.”
Deze discussie vond plaats vóór de tv-debatten tussen Obama en Romney. Vermakelijk is dat Segura voorspelt dat Obama gaat winnen, rampen voorbehouden. Eén van zijn argumenten is dat een verkiezingsdebat op de televisie zelden een ommekeer teweegbrengt.
Dit zijn wekelijkse sessies. De tweede video is met historicus David Kennedy. Deze gaf een college vol wetenswaardigheden over het ontstaans van de Amerikaanse republiek, de evolutie van het presidentschap en van de manier waarop door de jaren heen campagne is gevoerd. De derde aflevering, over de economie, had twee prominente hoogleraren op het podium. John Taylor, betrokken bij de campagne van Romney en genoemd als president van de Federal Reserve als Romney wint, en Ken Arrow (91), die in 1972 de Nobelprijs voor de Economie won.
De vierde bijeenkomst ging over de betekenis van de verkiezingen voor het Hooggerechtshof. Een vijfde discussie, over de invloed van tv-debatten op de verkiezingen, staat inmiddels ook online. Mike McCurry, de vroegere perschef van Bill Clinton en nu voorzitter van de commissie voor de presidentiële debatten, legt daarin onder andere uit hoe de formats voor deze programma’s tot stand komen. “Het lukt ons niet altijd uit het vaarwater van de honkbalwedstrijden te blijven.”
