Naar de sterren
Vandaag zijn de Russische feestdagen voorbij en herneemt het normale leven zijn gangetje - al moet het Oude Nieuwjaar (volgens de 'tsaristische' jaartelling) nog aanbreken. Het werd tijd, want twee weken lang verschenen er in Rusland geen kranten, werd de post niet bezorgd, waren vrijwel alle overheidsinstellingen gesloten, waren op de markten veel kraampjes gesloten, werd er geen drinkwater aan huis bezorgd en was het niet mogelijk een monteur te laten komen om een kapotte kraan te laten repareren.
Op straat was het uitgestorven. Zou je niet weten dat er zo'n 15 miljoen mensen in Moskou wonen, dan kon je je makkelijk in een Nederlandse provinciestad op zondagochtend wanen. Maar binnenshuis was het nog gezelliger dan anders, omdat iedereen in het hectische Moskou ineens tijd voor elkaar had.
Hoogtepunt in ons huis was het bezoek van onze vriendin Irina en haar 79-jarige vader Vladilen, die bij ons kwamen eten. Alleen die voornaam Vladilen was al bijzonder: Vladilen, afgeleid van Vlad(imir) I(ljitsj) Len(in). Na de revolutie vernoemden veel overtuigde communisten hun kinderen naar de grootheden van het socialisme, zoals Lenin (Leninid - Lenins ideeën, Leninir - Lenin en revolutie, Les - Lenin en Stalin), Stalin, Trotski, Marx en Engels (Marksen, Marksina), of naar het instrumentarium van de industrialisatie (Traktor, Elektriciteit).
Vladilen komt uit de communistische elite van kort na de bolsjewistische staatsgreep van 1917. Zijn vader was een gelovige communist en officier bij de NKVD. Kort voor de moord op Kirov, in 1934, werd die vader door een bandiet met een bijl op zijn hoofd geslagen en was daarna de rest van zijn leven invalide. ,,Het heeft hem gered van executie tijdens de Stalinterreur," zegt Vladilen, die me voorstelde hem Vladlen te noemen, omdat dat makkelijker in de mond ligt.
Vladilen had zelf niet zoveel op met de communistische leer (hij is een groot bewonderaar van Jeltsin, die hij, ondanks zijn fouten, als de enige echte democratische leider van Rusland beschouwt) en dook onder in de exacte wetenschappen. Daarin heeft hij zo ongeveer alles bereikt wat voor een geleerde mogelijk is.
Op zijn 79ste geeft Vladlen, die ruimtevaartfysicus is en lid van de Academie van Wetenschappen, nog altijd college. ,,Alle jongere hoogleraren zijn naar Amerika geëmigreerd," zei hij. ,,Daar is geld voor onderzoek en krijgen ze bovendien een behoorlijk salaris."
Over de Sovjet-Unie in de jaren vijftig en zestig kon hij geweldig vertellen. Vooral over het Russische ruimtevaartprogramma waarin hij in die periode (,,de beste jaren voor de ruimtevaartwetenschap") een belangrijke rol speelde, onder leiding van de beroemde natuurkundige Sergej Koroljov, de Russische tegenhanger van Wernher von Braun. ,,We werkten dag en nacht om de Amerikanen voor te zijn met de lancering van een satelliet", vertelde hij. ,,Het was een echte wedstrijd." Hoe groot de vreugde moet zijn geweest toen in oktober 1957 de Russen als eersten een kunstmaan, de Spoetnik, lanceerden, laat zich raden.
En dan was er nog de Loenik-1 sonde, die in januari 1959 de ruimte in ging. ,,Zeven keer mislukte die lancering, maar toen het eindelijk zover was kregen we van Koroljov bevel dronken te worden. 'Wie straks niet dronken is, krijgt een boete', zei hij." Vladlen vertelde het met ogen die gloeiden van bewondering voor zijn baas. Koroljov zou twee jaar later aan een aambeienoperatie overlijden, nog geen 60 jaar oud.
,,Ik was in die dagen een echte patriot", vertelde Vladlen. ,,Maar net als ik waren alle wetenschappers geen lid van de Partij, die de voorkeur gaf aan arbeiders als leden. Het communistische regime had onze hersens nodig voor de wapenwedloop, hè? Sacharov was ook geen Partijlid. Het moederland en de partij hoeven nu eenmaal geen gelijke delers te zijn."
Tot zijn grote verdriet stortte de ruimtevaartwetenschap in toen de Koude Oorlog voorbij was, al stelde het volgens hem al na het aftreden van Chroesjtsjov niet zoveel meer voor. ,,Sindsdien heeft de overheid er geen kopeke meer ingestoken. En nu gaat alles naar de gas- en olie-industrie, omdat die als enige in Rusland nog iets produceren."
Ter illustratie van de dagen van weleer vertelde Vladlen ook nog een mooie anekdote over de hechte samenwerking tussen de communistische partijen wereldwijd, in de jaren vijftig, vooral tussen die van de Sovjet-Unie en Italië. Communistenleider Palmiro Togliatti kreeg zelfs een Russische stad naar zich vernoemd, wat Marcus Bakker niet is overkomen.
Aan de vooravond van de Italiaanse parlementsverkiezingen van juli 1958 had Togliatti nog een ruggesteuntje nodig. Hij belde met Moskou en vroeg of ze hun raketproeven tot na de verkiezingen konden opschorten om potentiële nieuwe stemmers op de CP niet af te schrikken. De Russische onderdrukking van de Hongaarse opstand lag bij veel Italianen tenslotte nog vers in het geheugen. ,,Zo gevraagd, zo gedaan", zei Vladlen. ,,We moesten ons op ons onderzoekscentrum Sterrenstad even koesthouden. En Togliatti's partij won een aanzienlijk aantal zetels."
