Naar Moskou! Naar Moskou!
,,Wist je dat Moskou tijdens de afgelopen feestdagen twaalf dagen uitgestorven was?" merkte onze vriendin Irina op toen ze gisteren bij ons op bezoek was. ,,Er reed vrijwel geen auto op straat. De kranten verschenen niet. Terwijl je toch zou denken dat er door de crisis eigenlijk heel hard gewerkt zou moeten worden en de burger behoefte heeft aan informatie. Poetin bedankt."
Ik had niet zo snel een antwoord klaar, omdat ik al die tijd in Oostenrijk en Duitsland op wintersport was. Daar wemelde het van de Russen, die zoals u weet verliefd zijn op die twee landen omdat alles er zo ordelijk is - iets wat ze in eigen land niet kennen.
,,Op de pistes zijn ze meestal niet aan het skieën, maar aan het telefoneren met Moskou", zei de eigenaar van hotel Alte Post in het Oostenrijkse Grossarl, de onovertroffen Toni Knapp. ,,Blijkbaar is er bij jullie iets ernstigs aan de hand, want ik krijg nu niet bepaald de indruk dat de Russen erg genieten van hun vakantie."
Poetin doet al jaren zijn best om van Rusland een soort Duitsland te maken. Je hoeft alleen maar een bezoek aan het Kremlin te brengen om de als Duitse ambtenaren met snelle metalen brilletjes vermomde natsjalniki te zien. 'Duitse kwaliteit' is een aanbeveling die je in Russische winkels vaak kunt horen, al worden die Duitse producten met de dag schaarser. En dan heb ik het nog niet eens over de voorliefde van de rijkere Rus voor de Mercedes of de BMW. Want ook al moedigt Poetin zijn onderdanen aan een Lada of Zjigoeli te kopen, zelf rijdt hij in de duurste Mercedes en doet hij wat autoliefde betreft niet onder voor zijn illustere voorganger Leonid Brezjnev.
Vooral in München en Salzburg wemelde het van de Nieuwe Russen, die geld uitgaven alsof er in eigen land niets aan de hand was. Je hoefde 's ochtends maar een koffiehuis of café binnen te gaan of er zat wel een Russisch gezin aan het zwijnsgebraat en het bier. In de sjieke modewinkels leek het of er op de valreep nog even royaal ingeslagen moest worden. De PC Hooftstraat en de wereld van André Hazes waren er niets bij.
Toen we op de terugreis op het vliegveld van München in de rij stonden bij de Aeroflotbalie, waren we de enige niet-Russen. Onze medepassagiers, die voornamelijk uit Moskou bleken te komen, waren uitgerust met de duurste en mooiste koffers. Bovendien waren ze als kamelen beladen met gekochte handelswaar van in Rusland geliefde merken D&G, Armani en Woolworth.
Hun gesprekken gingen voornamelijk over geld. ,,Ik heb in een week tijd 20.000 euro uitgegeven", zei een in zwart Armani-pak en T-shirt geklede veertiger, die met vrouw en dochter voor de economy-balie stond te wachten. Zijn buurman overtroefde hem nog met enkele duizenden, maar hij had dan ook een groter gezin en dus meer skies te huren. En dan hadden we hier nog niet eens met de echte rijken te maken, maar met vertegenwoordigers van de tot voor kort opkomende middenklasse.
De rij bij de balie slonk traag, omdat iedereen zoveel extra bagage bij zich had dat er bijbetaald moest worden of omdat sommigen zich vergist hadden in de vertrekdatum. De Duitse Aeroflotmedewerker werd er wanhopig van. Toen ik hem vroeg wat er aan de hand was, zei hij: ,,Als ik u dat vertel, ben ik mijn baan kwijt. Maar laten we het er maar op houden dat het om mentaliteitsverschil gaat." Een kwestie van orde of geen orde, had ik er aan toe willen voegen.
En terwijl ik daar zo in die rij stond en me bijna schaamde voor het poenerige gedrag van mijn mede-Moskovieten, werd ik ineens overmand door een gevoel van medelijden. Want zes jaar geleden was een reis naar Duitsland of Oostenrijk voor de meeste van hen niet weggelegd. En als gevolg van de economische crisis en de politieke-economische ontwikkelingen in Rusland zou deze buitenlandse reis voorlopig wel eens hun laatste kunnen zijn.
Want in Moskou, het kloppend hart van de Russische economie, gaat het ene na het andere bedrijf failliet, dalen de salarissen met soms dertig procent en groeit de ontslaggolf met de dag. Officieel hebben 1,8 miljoen mensen hun baan al verloren, maar volgens het onafhankelijk instituut Internationaal Maatschappelijk Fonds zijn het er al 8 miljoen.
Daarom had ik ineens de neiging om mijn armen om hen heen te slaan om hen te beschermen tegen alle kritiek van buiten. ,,Kom mijn kinderen", zei ik in gedachten. ,,We gaan terug naar huis. terug naar ons eigen Moskou."
