Lezerspost 3
Door Clemens:
Eind april van dit jaar was ik samen met een maatje in New York. Een van onze leukste ervaringen was het Koninginnedagfeestje georganiseerd door het consulaat en een club die Nederlanders in den vreemde samenbrengt. Kaartjes voor dit festijn waren op het consulaat aan het Rockefeller Plaza op de 11e verdieping te verkrijgen. Op het consulaat werden we, na de gebruikelijke ID formaliteiten, door een uiterst charmante medewerkster geholpen. Na wat heen en weer gepraat wist ze ons te overtuigen twee kaartjes te kopen, met als belangrijkste argument; ze zou zelf ook aanwezig zijn. Overtuigd dat ik net de toekomstige moeder van mijn kinderen had ontmoet, begaven we ons naar Century 21 vlakbij ground zero om “iets oranjes” te kopen.
Enkele uren later stonden we in onze oranje bloesjes aan de deur van een tent aan Broadway. Vol verwachting over wie we nu weer zouden ontmoeten, gingen we naar binnen. Uiteindelijk kwamen we in na een Eftelingachtig zaaltje waar Jan Smit, Frans Bouwer en gelukkig ook Doe Maar en de Dijk ons uit de luidsprekers tegemoet kwam. Ambassadepersoneel, zakenmensen, studenten, tijdelijke reizigers, we stortte onszelf vol overgave met bier en bitterballen in dit gezelschap. Prachtig werd het!
Na (meer dan) voldoende flesjes Grolsch en (te) weinig bitterballen stond ik enkele uren later dit schouwspel te bewonderen. Nederlanders in den vreemde, tijdens Koninginnedag niet veel anders dan “thuis”. Overigens, ik ben de uiterst charmante ambassade medewerkster niet meer tegengekomen. Tja, echte liefde heeft ook in New York iets tragisch.
