De gietijzeren tradities rondom Prinsjesdag nader bekeken
Voorbereidingen voor Prinsjesdag 2012 op het Binnenhof. Foto NRC Handelsblad / Evelyn Jacq
Het is weer Prinsjesdag. De dag vol gietijzeren tradities: extravagante hoeden, gewichtige meneren gehuld in dure jacquets, de optocht van de gouden koets en niet te vergeten de juichende Oranjefans. Rituelen die al decennia lang overeind worden gehouden, maar waar komen ze eigenlijk vandaan?
Om te beginnen met de naam: Prinsjesdag. Een ietwat vreemde benaming voor een dag waarop geen enkele Nederlandse prins zijn verjaardag viert. Maar zo blijkt, dat was eeuwen geleden wel degelijk het geval. De oorsprong van de naam wordt verklaard door de Koninklijke Bibliotheek:
Het is bekend dat de verjaardagen van Oranjeprinsen vroeger Prinsjesdag werden genoemd. Dat gold zeker voor de verjaardag van stadhouder Willem V. Het is niet geheel duidelijk waarom rond 1930 de naam Prinsjesdag werd verbonden aan de opening van de zitting van de Staten-Generaal.
Juichende Oranjefans historisch principe
De vergadering van de Staten-Generaal mag dan belangrijk zijn, voor het grote publiek staat de feestvreugde centraal. Die gaat al van start tijdens de gang van de koningin naar de Ridderzaal. De gouden koets weet bij menig oranjeliefhebber immers het hart sneller te doen kloppen. Heel even doet de opgetogen, oranjegekleurde menigte de sobere stemming rondom onze economische toekomst vergeten. Opvallend wel, maar niet heel vreemd. Want dat oranje-minnend Nederland de koninklijke familie op Prinsjesdag toejuicht, is volgens historici Carla van Baalen en Jan Ramakers een historisch principe. In hun rapport over Prinsjesdag schrijven ze:
De Opperceremoniemeester schreef in zijn verzoekschrift daartoe van 7 maart 1930, gericht aan de koningin onder meer: "De overgrote massa van het publiek beschouwt deze Nationale gebeurtenis als een Nationaal feest, waarvoor veel belangstelling en geestdrift bestaat."

Een Oranjefan tijdens Prinsjesdag in 2009. Foto NRC Handelsblad / Roel RozenburgEen Oranjefan tijdens Prinsjesdag in 2009. Foto NRC Handelsblad / Roel Rozenburg
Gouden koets is gift van het volk
De optocht die volgens de opperceremoniemeester leidt tot geestdrift en enorme belangstelling, is in gang gezet door koning Willem II. Als eerste ging hij te paard richting de Tweede Kamer. Het volk was enthousiast, maar anderen vonden het onnodig patsergedrag dat oneerbiedig was tegenover het burgerschap. Desondanks bleef de optocht bestaan en werd deze in 1903 nog iets spannender toen de gouden koets in gebruik werd genomen. Van Baalen en Ramakers:
Het gebruik van de gouden koets vanaf 1903, een geschenk van de Amsterdamse bevolking aan koningin Wilhelmina bij haar inhuldiging, werd ingegeven door de ‘wens van het volk’; Wilhelmina zelf gaf de voorkeur aan de - in 1826 aangekochte - glazen koets.
Een filmpje van de optocht in 1936 en tijdens het huwelijk van prinses Juliana en prins Bernhard in 1937:
Gesneuvelde kledingvoorschriften en nieuwe trends
En na de optocht stromen de opgedirkte politici na het geflirt met en het gepronk bij enkele journalisten de Kamer binnen. Een trouw gebruik, waarbij volgens het ritueel mannen gehuld zijn in een jacquet en dames gekleed in unieke jurken, voorzien van nog uniekere hoeden. Maar de meeste kledingvoorschriften zijn in de jaren vijftig al gesneuveld, schreef NRC-journalist Hans van Wijnen in 1997:
In een nuchter, maar zorgvuldig idioom maakte hij graag ironische kanttekeningen bij overjarige tradities die maar niet wilden uitsterven, maar het soms niet lang meer maakten nadat hij er de spot mee had gedreven. Zo legde de bombastische parlementaire verkleedpartij van Prinsjesdag, waarvoor sommige Kamerleden van de 'rechterzijde' zich tot in de late jaren vijftig nog in ambtskostuum staken, voorgoed het loodje nadat hij de draak had gestoken met de voor die kleding veel te krappe behuizing van de Ridderzaal.
En nu zou je denken dat de traditie van extravagante hoeden het enige overeind gebleven voorschrift is, maar in werkelijkheid is de trend kortgeleden pas in gang gezet. Vrouwen waren in de negentiende eeuw weliswaar in "het lang" gehuld, maar die gewoonte was eind jaren vijftig al lange tijd uitgestorven. Het was de VVD-politica Erica Terpstra die de traditie in 1977 in ere herstelde en onbewust ook de extravagante hoedentrend aftrapte.
Weldra volgden andere vrouwelijke Kamerleden en vrouwelijke ministers haar voorbeeld, vooral vrouwen van rechtspolitieke signatuur.In de jaren tachtig nog enigszins voorzichtig, in de loop van de jaren negentig steeds uitbundiger. Ook ‘linkse’ vrouwen gingen hoeden dragen, soms gebruikten zij het hoofddeksel zelfs om er een politiek statement mee te maken. Zo protesteerde K. van Velzen ( s p ) in 2005 met een zelfgemaakte hoed van autobanden tegen de uitbreiding van het wegennet, en E. Ouwehand (Partij voor de Dieren) droeg in 2007 een hoge hoed met konijn om aandacht te vragen voor een welzijnsrichtlijn voor konijnen.
De hoeden zijn inmiddels dusdanig ingeburgerd dat ze niet meer weg te denken zijn op Prinsjesdag.

De hoeden van enkele vrouwelijke Kamerleden van bovenaf bekeken. Foto NRC Handelsblad / Roel RozenburgDe hoeden van enkele vrouwelijke Kamerleden van bovenaf bekeken. Foto NRC Handelsblad / Roel Rozenburg
Hoe de Troonrede steeds langer werd
Maar waar het op Prinsjesdag nu daadwerkelijk om draait is uiteraard de Troonrede, voorgelezen door de koningin. De ruim een kwartier durende voorleespartij is ook weer geïnitieerd door koning Willem II. Aanvankelijk hoefde de koning enkel de zitting te openen, maar al snel creëerde de vorst de gewoonte om de rede zelf voor te dragen. De redes werden echter steeds langer, te lang beklaagden koning Willem II en koningin Wilhelmina zich. Historici Van Baalen en Ramakers schrijven:
In 1885 volstond Willem m met elf volzinnen, groet en bede inbegrepen, dit tot ongenoegen van nogal wat Kamerleden, die de schuld overigens (volkomen terecht!) bij de verantwoordelijke ministers legden. Men sprak van een ‘zinledig’ stuk en ‘een caricatuur van den werkelijken toestand. Vooral na de Tweede Wereldoorlog werden de troonredes allengs langer; de overheidstaken en daarmee het aantal departementen breidden zich uit en over elk beleidsterrein moest iets worden gezegd.
De Troonrede van 2011:
Bekijk ook alle Troonredes van 1958 tot nu. Volg daarnaast live de gebeurtenissen rondom Prinsjesdag in het liveblog.
