De grote Bekentenis

Iedere columnist heeft er last van: geveinsde zelfspot, valse bescheidenheid, onoprechte oprechtheid. Hoe komt hij er anders mee weg de lezer iedere keer weer een hoofdstuk uit Me Myself and I voor te schotelen zonder dat hij zijn lezers de keel uit gaat hangen?

Inderdaad. De columnist verzamelt al zijn onzekerheden, blunders en drama’s en overdrijft ze. De echte daredevils gooien zelfs hun dark side - frustraties, opgekropte woede, jaloezie - bloot. Want denk maar niet dat jij wil weten hoe de vork werkelijk in de keel steekt. Dat je vertrouwde columnist vanmorgen aan zee zijn column geschreven heeft terwijl de kajak aan z’n voeten lag en daarom toch wel even in zijn vuistje moest lachen toen hij bedacht dat het werk voor de dag gedaan was. En dan dat blasé gedoe over collega schrijvers en boekenballen. Na een week zou je hem uitkotsen. Je wilt hooguit weten dat het cliché van de schrijver in ribfluwelen broek en een fles wijn in de hand waar is en dat het Boekenbal echt een veredeld studentenfeest is. Verder gewoon die kleine dingen die jou ook kunnen overkomen: spam in de mailbox, gezwoeg achter de computer, een excentrieke buurman op klompen, die ene slok teveel, hardnekkige katers. Daar gaat het om. Herkenning. Bonding. Empathie.

Gelukkig dwingt het gedrukte woord de columnist zich van zijn meest sympathieke kant te laten zien en zelfs, op z’n tijd, tot schaamteloze bekentenissen. Want geen enkele columnist kan om De Grote Bekentenis heen als hij eenmaal begint te typen - Ik ben niet bijzonder, ik ben net als jij en ieder ander - waardoor er op een dag plaats komt voor echte zelfspot, ware bescheidenheid en pure oprechtheid over pleeborstels, liegen tegen de psycholoog en correctieslips in het dertigste levensjaar.

En dan is er geen weg meer terug. Zodra deze onderwerpen aan de orde zijn gekomen, valt er echt niks meer te veinzen.

Volg nrc.nl op en , lees onze dagelijkse nieuwsbrief